Column

Transparantie, democratie: woorden die een nieuwe betekenis kregen

Beeld anp

Naast nepnieuws en gekleurd nieuws hebben in 2016 nog al wat woorden een nieuwe betekenis gekregen.

Het zijn woorden die de taal verrijken omdat je zonder ingewikkelde onderbouwing of slaapverwekkende redeneringen duidelijk kunt maken wat je bedoelt. Bovendien vatten ze diepe gedachten kernachtig samen. Dat is handig in het debat en toepasbaar in de politiek, op het werk, bij de kapper, thuis of gewoon op straat. De tien belangrijkste zijn:

1. Transparantie.
Term om aan te geven dat je geen zin hebt je in een moeilijk onderwerp te verdiepen of te verhullen dat je er niets van begrijpt, maar er wel een mening over wilt hebben hebt en er 'schande' over wilt roepen.

2. Revolte.
In tegenstelling tot revolutie een vreedzame omwenteling waardoor de elite het veld ruimt, waarna de gewone man wordt geleid door de eerste honderd namen uit het telefoonboek, of waarschijnlijker, door een leider die weet wat die gewone man wil en weinig tegenspraak duldt. Tot 2016 betekende revolte nog oproer, burgeroorlog of gewapende opstand en was het in het kruiswoordpuzzelwoordenboek synoniem voor revolutie.

3. Elite.
De groep waartoe u niet meer wilt behoren. Politici, minus die van de PVV, behoren er nog wel toe. D66'ers behoren tot de elite van de ergste soort omdat ze kosmopolitisch zijn. Buiten de politiek behoren vooral de vertegenwoordigers van het neoliberalisme, dus de bankiers, tot deze groep. Volgens minister van financiën Dijsselbloem zijn bankiers verantwoordelijk voor het populisme.

4. Populisme.
Algemene term om politieke tegenstanders af te serveren, ongeacht wat die vinden, wat ze zeggen en hoe ze het zeggen.

5. Zelfhaat.
Alle opvattingen van de elite.

6. Neoliberalisme.
Ideologie van de elite en de oorzaak van kortingen op de pensioenen, tegenvallende koopkrachtplaatjes, of juist hoge winsten en inkomens. Alles, maar dan ook alles, van de financiële crisis en Nederland als belastingparadijs, tot en met de economische visie van de VVD kan met de term neoliberalisme worden verklaard. Het neoliberalisme heeft een specifiek onderdeel van de elite voorgebracht, namelijk de graaiers.

7. Democratie.
Uitdrukking om duidelijk te maken dat je het met iemand niet eens bent, er nu naar jou moet worden geluisterd, dat de elite per definitie ongelijk heeft en dat compromissen uit den boze zijn. Antidemocraten zijn voorstanders van de representatieve democratie; democraten zijn voorstanders van referenda.

8. Vrijheid.
Je niet meer om het buitenland (het speeltje van de elite) te hoeven bekommeren. Vrijheid betekent het blokkeren en opheffen van handelsverdragen en internationale instituties, vooral de Europese Unie, ook wel de EUSSR genoemd.

9. Patriottisme.
Vruchteloze zoektocht naar iets typisch Nederlands of iets dat hier volledig is geproduceerd om de economie te spekken. PvdA-leider Lodewijk Asscher heeft het sinds kort over 'progressief patriotisme'. Betekenis onbekend.

10. Racisme.
Verdorven gedachte waaraan alle autochtone Nederlanders zich schuldig maken die niet op hoge toon Zwarte Piet afwijzen. Het betreft hier 80 procent van de bevolking.

Ik heb nog gezocht of er inmiddels een andere betekenis aan het woord rechtsstaat wordt gegeven. Dat is niet zo. Dit woord wordt in 2017 waarschijnlijk toegevoegd aan het vergeetwoordenboek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden