Column Abdelkader Benali

Toen de actrice topless ging, trok de man in de zaal zijn ­telefoon

De zaal gaat altijd iets eerder open voor de ­ouderen met een beperking. Tien minuten voor aanvang schuifelen ze naar binnen, samen met de vrijwilligers van stichting Vier het Leven die dit uitje mogelijk maken. Sommigen van hen zitten in een rolstoel. Er zijn dan drie, vier, vijf plekken gereserveerd.

Aan het begin van mijn theatertournee begreep ik het niet zo goed, later kreeg ik het uitgelegd. “Op deze manier komen ze het verzorgingstehuis uit.” Er valt er altijd een in slaap. Na afloop zegt een bezoekster: “U was goed te verstaan”. Deze bezoekers zijn dik in de ­zeventig, over de tachtig. Cultuur als levensverlengende kracht. De vrijwilligers van Vier het Leven halen de ­ouderen op en brengen ze ook weer thuis.

Dit publiek is heel assertief. Aan het begin van mijn tournee stond ik in de zaal het publiek op te wachten en voor sommige theatergangers was dit aanleiding om een vrolijk praatje met me aan te knopen. Een vrouw ging pontificaal naast me staan, zichzelf onderdeel verklarend van de voorstelling, en begon me uitvoerig uit te horen. Maar dat zijn vrolijke incidenten.

Er is iets anders dat me dwarszit. De rinkelende telefoontjes.

Aan het begin van de tournee wuifde ik het weg, dat er soms een telefoon afging. Als je opgaat in je spel, heb je het niet door. Maar het bleef niet bij die ene keer. De overgaande telefoon bleek geen incident, ik kon er de klok op gelijk gaan zetten. Onvergeeflijk wordt het als de gebelde de telefoon doodleuk over laat gaan, alsof er niets aan de hand is. Hij of zij doet dan alsof die rinkelende telefoon in de binnenzak niet bij hem hoort. Hopen dat het stopt. Maar het stopt niet. De telefoon blijft rinkelen.

In het theater weten ze ervan. “Een bezoeker werd de hele avond gebeld, omdat hij de taxi die hem op zou halen voor het verkeerde tijdstip had gebeld.” Kinderen maken met hun ouders de afspraak te zullen bellen als ze lange tijd niets van ze horen. Een theaterstuk kan zo twee uur duren, voor sommige kinderen iets te lang. Die bellen. “Waar ben je, papa?” “In het theater. ‘Hamlet’. De vierde akte. Hamlet heeft zojuist Polonius vermoord.” “Maar waarom neem je dan op, papa?” “Omdat je al de hele avond belt.”

Ik doe alsof ik het niet hoor. Ik probeer het.

Totdat ik werd geconfronteerd met de filmende toeschouwer. Een nieuw fenomeen in de theaters. “Niet ­alleen jongeren, ook ouderen”, verzucht het theaterpersoneel. “Een actrice deed een afstudeervoorstelling en toen ze topless ging, trok de bezoeker naast me zijn ­telefoon”, vertelt een bevriend regisseur. De man werd gesommeerd zijn mobiel op te bergen. Een filmende ­telefoon verstoort de magie van de voorstelling. Het kan niet.

In Nijmegen speelde ik een verkorte voorstelling op een congres. Een wat oudere man zat rechts vooraan doodgemoedereerd mij te filmen. Als het heel even is, is het niet erg, dacht ik. Hij bleef filmen. De hele tijd. Het stoorde me. Ik probeerde de aanwezige organisatie subtiel op zijn hinderlijke gedrag te wijzen. Tevergeefs. De rest van het publiek had niks door.

Net toen ik hem vergeten was, begon zijn mobiele ­telefoon luidruchtig te piepen. De batterij was bijna op, dat krijg je als je drie kwartier filmt. Dat was de druppel. Ik zette de voorstelling stil en sommeerde hem zijn ­telefoon uit te zetten. Onmiddellijk. Het publiek begreep meteen dat dit geen onderdeel van de voorstelling was.

Abdelkader Benali (1975) is schrijver. Inboek 1996 debuteerde hij met ‘Bruiloft aan zee’, in 2003 won hij de Libris Literatuur Prijs voor zijn roman ‘De langverwachte’. Om de week schrijft hij voor Trouw een column. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden