Studieschuld zielig? Nee, want voor wat hoort wat

Naema Tahir Beeld Maartje Geels

Ik begrijp de studentenprotesten tegen de hoge studieschuld best. Regelmatig protesteren studenten tegen het leenstelsel. Als je wilt studeren en je ouders kunnen er niet voor betalen, dan kun je een lening krijgen van de overheid in plaats van een beurs zoals vroeger. Laatst riep de jongerenorganisatie van D66 de senaat op om tegen een voorstel te stemmen dat de rente op studieleningen zal verhogen, want de studenten vrezen een nog hogere studieschuld.

Het is natuurlijk ongelijk. Veel studenten moeten lenen om hun studie te kunnen betalen. Als ze klaar zijn staan ze misschien wel 40.000 euro in de min. Heel anders is dat voor de jongeren die niets hoeven te lenen en geen schuld hebben als ze aan hun loopbaan beginnen. Hun ouders dokken alles. Ook als die jongeren later gaan verdienen zullen ze niets hoeven terug te betalen aan hun papa’s en mama’s. Dat zit niet in onze cultuur.

Wat je krijgt is twee soorten afgestudeerde mensen: de ene soort heeft een lening genomen en moet die terugbetalen. De andere soort heeft ouders die alles hebben betaald en hoeft niets terug te betalen.

Wat moet je nu denken van dit verschil? Je kunt het onrechtvaardig vinden of zielig, want sommigen dragen een last die anderen niet dragen. Maar je kunt ook vaststellen dat wie een studieschuld opbouwt en moet terugbetalen iets belangrijks leert, wat de anderen niet leren. Namelijk: voor wat hoort wat. Als jij iets krijgt, geef je er later iets voor terug, tenminste als je daartoe in staat bent.

Familiale verantwoordelijkheid

Ik kom zelf uit een cultuur waar de zogenoemde familiale verantwoordelijkheid geldt. Je ouders zorgen voor je als je klein en behoeftig bent. Maar zodra je op eigen benen staat, zorg jij op jouw beurt voor hen. In die traditie is het salaris dat je verdient niet alleen voor jezelf. Je deelt het met je familie. Met je ouders als die behoeftig zijn, maar ook met broers of zussen. Als je zus gaat trouwen, bijvoorbeeld, draag je als familie bij in de kosten van haar huwelijk. Zo heb ik eens een Pakistaanse jongedame gekend die elke maand een paar honderd gulden overmaakte aan haar studerende broer, zodat hij wat extra had, maar vooral zodat hun ouders dat niet extra hoefden te betalen. Ze deed het dus om haar ouders te ontlasten, die minder geld hadden. Zij die voor haar hadden gezorgd werden nu door haar verzorgd. De broer, die inmiddels goed verdient, draagt nu bij aan het levensonderhoud van zijn ouders en zorgt op andere manieren ook voor zijn zus.

In veel landen, met name buiten het Westen, geldt het principe familiale verantwoordelijkheid. China is een goed voorbeeld. Dat je voor je ouders zorgt, niet alleen financieel maar door daadwerkelijke hulp, aandacht en respect, is zelfs verankerd in de wet. Maar ook in de VS en in Duitsland heb je wetten die het kinderen opleggen om financieel of anderszins te zorgen voor hun ouders en voor andere familieleden als die behoeftig zijn.

Zou het niet gezond zijn, voor student en samenleving, als studerende kinderen die op kosten van hun ouders leven, later als ze een flinke boterham verdienen, hun ouders terugbetalen? Voor wat hoort wat.

Naema Tahir is jurist en schrijver. Voor Trouw schrijft ze om de week een column. Haar andere columns vindt u hier. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden