OpinieToeslagenaffaire

Stop de status aparte van de overheid en vergoed ouders de schade volledig

 ALMERE - Sharon Lagcher neemt deel aan een online bijeenkomst met onder meer demissionair staatssecretaris Alexandra van Huffelen over de toeslagenaffaire. Lagcher is een van de vele ouders die onterecht zijn aangemerkt als fraudeur en tienduizenden euro's kinderopvangtoeslag moeten terugbetalen. ANP REMKO DE WAAL Beeld ANP
ALMERE - Sharon Lagcher neemt deel aan een online bijeenkomst met onder meer demissionair staatssecretaris Alexandra van Huffelen over de toeslagenaffaire. Lagcher is een van de vele ouders die onterecht zijn aangemerkt als fraudeur en tienduizenden euro's kinderopvangtoeslag moeten terugbetalen. ANP REMKO DE WAALBeeld ANP

Juist de Raad van State zou zeer kritisch moeten kijken naar overheidsbesluiten. Dat kan de rechtsbescherming opleveren, die ouders in de toeslagenaffaire nu niet hebben gehad, meent letselschade-advocaat Harry Blok.

Nederlands hoogste bestuursrechter Bart Jan van Ettekoven noemt het ‘spijtig’ dat duizenden ouders gedupeerd zijn door rechterlijke uitspraken in de toeslagenaffaire. En die uitspraken waarmee het handelen van de Belastingdienst in stand bleef, waren ‘ongelukkig’. “De rechter had anders kúnnen, niet móéten handelen”, zegt de voorzitter van de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State in Trouw (9 januari). Maar wat de ouders is overkomen was niet spijtig, maar fout. En de uitspraken van de Raad van State waren niet ongelukkig, maar fout.

Van Ettekoven stelt – nog steeds – dat de bestuursrechter ervan moet uitgaan dat overheidsinstanties rechtmatig te werk gaan en de wet uitvoeren. Met andere woorden: de burger die door een overheidsbesluit is getroffen, moet het tegendeel bewijzen. Wat de toeslagenaffaire duidelijk maakt is dat juist de rechter de overheid kritisch moet bevragen om zo een behoorlijke rechtsbescherming te garanderen. Dat een wet geen hardheidsclausule bevat, kan dus nooit een excuus zijn.

Wie spijt heeft, betreurt de gevolgen van foutief handelen, maar steekt voor dat foutief handelen niet de hand in eigen boezem. Door zich bij voorbaat op ‘verzachtende omstandigheden’ of voortschrijdend inzicht te beroepen, laadt Van Ettekoven de ‘verdenking’ op zich dat hij het huidige systeem toch vooral overeind wil houden. De toeslagenaffaire staat echter niet op zichzelf. Die laat zien dat een fundamentele hervorming nodig is waardoor de bestuursrechter ieder overheidsbesluit niet slechts marginaal (en dus terughoudend) maar integraal toetst.

Systeemgebreken

Van Ettekoven legt zich erbij neer dat de rechter systeemgebreken niet zou kunnen oplossen. De vraag is: wie dan wel? Die erkenning betekent dat ook het bestuursrechtelijke leerstuk van de formele rechtskracht overboord moet. Dat leerstuk houdt in dat een vordering tot schadevergoeding pas kan worden ingesteld als tot in hoogste instantie bezwaar en beroep is ingesteld. Als dat toch zinloos zou zijn geweest, moeten ook die ouders die niet de moed, middelen of kracht hadden om tot de Raad van State door te procederen, vergoeding ontvangen van hun materiële schade – gemist inkomen, extra kosten – en immateriële schade, smartengeld? Dat is een veelvoud van de enkelingen die het wel tot de Raad van State volhielden.

Voor mij als letselschade-advocaat is een willekeurig, abstract en door onbekende rekenmeesters becijferd standaardbedrag van 30.000 euro voor alle schade een gotspe. Meer dan een voorschot kan het niet zijn. Geen mens is gelijk en de ernst van de gevolgen is zo verschillend dat een standaardbedrag daaraan geen recht doet. Volledige vergoeding volgens het schadevergoedingsrecht is het in ieder geval niet.

Als letselschade-advocaten begroten we elke dag de schade van de slachtoffers van verkeers- en arbeidsongevallen, medische fouten enz. Er is geen enkele reden waarom een dergelijke vaststelling van de schade van slachtoffers van dit overheidshandelen bij de toeslagenaffaire niet mogelijk zou zijn.

Verdubbeling

In letselschadeland komt het voor dat de verzekeraar door een afwijzing het slachtoffer de bijstand in jaagt. Als vervolgens blijkt dat de verzekeraar wel had moeten uitkeren, leidt dat tot een verdubbeling van de schade. Eerst moet de bijstand worden terugbetaald, daarna wordt alsnog de ‘werkelijke’ schade vastgesteld. Voor de schulden van de ouders in de toeslagenaffaire zou dat niet anders moeten zijn.

De slachtoffers die menen per saldo meer dan 30.000 euro aan materiële en immateriële schade te hebben geleden, zouden zich moeten melden bij een speciale commissie. Worden die ouders dan wel op hun woord geloofd? Of moeten zij (weer) naar de Raad van State omdat zij zich niet met 30.000 euro laten afschepen? Dan zijn de lessen van de parlementaire commissie-Van Dam nog in het geheel niet geleerd.

Lees ook:

Raad van State onderzoekt eigen uitspraken na toeslagenaffaire: ‘Het had anders gekund’

De Raad van State gaat onderzoek doen naar zijn eigen uitspraken van de afgelopen jaren, om te zien of er naast de toeslagenaffaire mogelijk meer terreinen zijn waar de burger disproportioneel last heeft gehad van strenge wetgeving.

Laat ook een externe partij de rechtspraak van de Raad van State beoordelen

Moet een rechtsprekend orgaan nu echt zichzelf gaan onderzoeken? Je moet er niet aan denken dat de Belastingdienst het zo had gedaan, betoogt studente filosofie en rechtsgeleerdheid Elvan Istanbullu.

Onbehoorlijk bestuur is de norm geworden in Nederland

In de toeslagenaffaire ziet Bert Schudde uit Westeremden een parallel met ‘de ramp’ in Gronings aardbevingsgebied: het uitgehold vertrouwen in de overheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden