opinie

Salafistische organisaties zijn niet onschuldig; verbied ze

Salafistische jongemannen in Amsterdam. Beeld Hollandse Hoogte / Katrien Mulder

Salafisme is niet onschuldig, maar vormt een direct gevaar voor onze waarden, meent Dirk Verhofstadt, moraalfilosoof aan de ­Universiteit Gent.

Elke moslim is ‘een beetje ­salafist’, zo verklaarde de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb onlangs. Als dat waar is, dan zitten we met een groot probleem. Want het salafisme vormt een direct gevaar voor onze liberale democratie.

Wat is het probleem? Salafisten ­keren zich af van onze democratie en onze manier van leven. Ze willen niet weten van de vrijheid van menings­uiting. Ze verwerpen de gelijkwaardigheid van man en vrouw. Ze vinden ­homoseksualiteit onaanvaardbaar. Ze haten ongelovigen en andersgelovigen. Ze vinden dat onze Grondwet en andere wetten ondergeschikt zijn aan de ­Koran en dat de sharia ook hier moet worden ingevoerd.

Salafisten keren zich tegen het recht van het individu, in het bijzonder van vrouwen, om zelf te beslissen over de belangrijke zaken in hun leven. Ze ­eisen het recht op om binnen hun gemeenschap, ook in onze westerse samenlevingen, eigen regels op te leggen.

Absolute loyaliteit

De kern van het salafisme is een absolute loyaliteit ten aanzien van God en de islam enerzijds, en de afkeuring van alles wat niet-islamitisch is anderzijds. Dat betekent niet dat alle salafisten geweld verheerlijken. Maar ze scheppen wel de voorwaarden waarin een toenemend aantal jongeren zich vijandig ­opstelt tegenover onze samenleving. Zelfs de zogenoemde apolitieke salafisten die IS afkeuren, zetten moslims in het Westen aan tot afkeer en afzondering van de niet-islamitische samen­leving.

Dat betekent dat er van integratie, van goed burgerschap en van het par­ticiperen aan onze samenleving geen sprake kan zijn. Zo vormt zich een ­parallelle wereld van mensen die zich als het ware buiten onze maatschappij bewegen en die een versie van de islam verspreiden die ultra-orthodox is.

Ook vreedzame salafisten vatbaarder

Zo worden ook vreedzame salafisten vatbaarder voor het politiek salafisme, zoals Sharia4Holland en Sharia4Belgium, dat via prediking aanzet om religieuze voorschriften in het publieke domein strikt toe te passen. Die afkeer voor onze democratie kan ook leiden tot het jihadi-salafisme. Het bewijs daarvoor is dat honderden jonge moslims, onder wie ook meisjes en vrouwen, vanuit westerse landen naar Syrië trokken om er het kalifaat te versterken, en soms terugkeerden om hier aanslagen te plegen, zoals gebeurde in Parijs, Brussel, Manchester enzovoort.

“We mogen niet langer tolerant zijn voor de intoleranten die tot doel hebben de tolerantie ten gronde te richten”, aldus wetenschapsfilosoof Karl Popper, en hij had gelijk. Salafistische organisaties zijn niet onschuldig. Ze vormen de voedingsbodem voor de radicalisering van steeds meer moslims. Ze vormen een rechtstreeks gevaar voor onze democratische grondwaarden. Om die reden moeten ze verboden worden. De vrijheid van godsdienst is een belangrijke verworvenheid, maar mag niet worden misbruikt om andere rechten en vrijheden te vernietigen. 

Bovendien moeten we gematigde moslims steunen tegen het oprukkende salafisme. We moeten het salafisme stoppen om de overgrote meerderheid van de moslims te beschermen en te helpen. Hier ligt het cruciale verschil met extreem-rechts dat alle moslims ­viseert en daarbij een ranzig en racistisch discours volgt.

Toen Aboutaleb in juli 2016 geconfronteerd werd met de vraag om in zijn stad een instituut voor salafisten te ­vestigen had hij het juist gezien: “De rechtsstaat biedt bescherming voor alle religieuze uitingen. Maar voor diegenen die de vrijheid van religie of andere vrijheden inzetten om haat te zaaien, in­tegratie te verhinderen of bevolkingsgroepen tegen elkaar op te zetten, is geen plaats.” We moeten terug naar de Aboutaleb van 2016. Het salafisme heeft geen plaats in onze liberale democratische samenleving.

Lees ook:
Het salafisme onder Turken in Nederland neemt toe, schrijft de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding. Heeft hij het over ons?, vragen vier Turks-Nederlandse jongeren zich af. "Ik ben meer hipster dan salfist."

Lees hier meer opiniestukken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden