Arbeidsrecht

Rechtspraak reageert laconiek op ongelijke behandeling

Beeld Trouw

In Nederland is iedereen voor de wet gelijk. Maar de praktijk leert wat anders, zo blijkt uit de databank Arbeidsrecht die het Rotterdamse bedrijf LexiQ ­samen met de Erasmus Universiteit ontwikkelde. Wie een aangezegd ontslag wegens disfunctioneren aanvecht, heeft in Amsterdam meer kans op succes dan in Brabant. In Amsterdam gaat de rechter maar in 58 procent van de gevallen mee met wat de werkgever wil, in Brabant is dat 83 procent.

Nu is iedere rechtszaak natuurlijk uniek. Maar ook weer niet zo uniek, dat dit soort rechtszaken totaal onvergelijkbaar zijn, denken LexiQ en de juristen van de Erasmus Universiteit. Zij voorzagen gepubliceerde ontslagzaken van trefwoorden en analyseerden ze. Zo konden ze onderbouwen wat menig advocaat al lang vermoedde, en lang niet alleen de advocaten in arbeidsrecht: de ene rechter is de andere niet. Zelfs binnen één rechtbank kunnen rechters, in vergelijkbare zaken, tot verschillende oordelen komen.

Dankzij het Rotterdamse computerprogramma kunnen advocaten nu de kans vergroten op een gunstige afloop voor hun cliënt. Werkgevers kunnen proberen een knorrige rechter die vooral lastige vragen stelt en relatief hoge ontslagvergoedingen toekent te ontlopen door te kiezen voor een rechtbank elders in het land – bijvoorbeeld in de woonplaats van de werknemer – die alles vlotjes laat passeren. ‘Rechtbank-shoppen’ loont.

Laconieke reactie

Als de bevindingen van LexiQ en de Rotterdamse juristen kloppen, is dat ernstig. Gelijke behandeling in het arbeidsrecht is in dat geval een fictie, wat haaks staat op wat goede rechtspraak moet garanderen.

Schokkend is dan ook de laconieke reactie van de Raad voor de Rechtspraak, het landelijk bestuur van de rechtbanken. Natuurlijk, rechtspraak blijft mensenwerk en rechters kunnen verschillende accenten leggen. Maar alleen al de cijfers die nu op tafel liggen zijn zo significant, dat dit niet te rijmen valt met de geclaimde praktijk waarin volgens de Raad ‘rechters onderling juist veel overleggen, ook met collega’s van andere rechtbanken’. Zo’n reactie getuigt van weinig besef van wat hier feitelijk in het geding is: het vertrouwen in de rechtspraak.

Onbevredigend is het ook hoe de Raad wijst op het hoger beroep, dat voor eenheid in de rechtspraak zorgt en dus ‘fouten’ herstelt. Zo’n hoger beroep is natuurlijk prima, maar lang niet voor iedereen een haalbare kaart. Arbeidszaken vergen vaak veel tijd en kunnen belastend zijn voor wie bijvoorbeeld wordt ongeslagen. Nodig is zo’n uitputtende procesgang ook niet, als rechters iedereen écht gelijk behandelen en zich openstellen voor kritiek. Daar lijkt het nu niet op.

Het commentaar is de mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden