null

OpinieRechten

Oudere Surinamers voelen zich door de overheid behandeld als tweederangsburgers

Een voortslepend AOW-conflict tussen de overheid en oudere Surinamers vraagt om de-escalatie, aldus bestuurskundige en mediator voor de Nationale politie Aaron Konijn, en Sjahreen Schulte-Sadiek, jurist en mediator in zakelijke-, arbeids- en overheidskwesties.

Aaron Konijn en Sjahreen Schulte-Sadiek

De afgelopen decennia is er een conflict gerezen tussen Surinaamse Nederlanders en de Nederlandse regering. Tienduizenden Surinaams-Nederlandse ouderen worden gekort op hun oudedagvoorziening. Ze voelen zich als tweederangsburgers bejegend en denken dat de overheid bewust een afwachtende houding aanneemt, zodat dit probleem zich vanzelf oplost.

De kern zit in de gedeelde geschiedenis. Suriname werd in 1667 een kolonie van Nederland. Vanaf 1954 tot aan zijn onafhankelijkheid in 1975 werd Suriname een zelfstandig land binnen het Koninkrijk der Nederlanden onder het ‘Statuut van het Koninkrijk’. Bij de invoering van de Algemene Ouderdomswet (AOW) in 1956 is de wettekst echter zodanig afgebakend, dat die alleen geldt voor ingezetenen van Nederland en niet voor álle Nederlanders. Hierdoor valt Suriname wat betreft de AOW onder het ‘buitenland’.

De ruim 30.000 Surinamers die vlak voor de onafhankelijkheid naar Nederland verhuisden omdat zij Nederlander wilden blijven, kwamen er pas bij hun pensionering achter dat zij geen AOW hadden opgebouwd in de jaren 1954–1975. Zij lopen daardoor een aanzienlijk deel (16 tot 18 procent) van de oudedagvoorziening mis.

Belastingvrij compenseren

Op aandringen van de Tweede Kamer stelde minister Koolmees van sociale zaken de Commissie Sylvester in om de kwestie te onderzoeken. Die adviseerde in juli om de groep Surinaamse Nederlanders eenmalig belastingvrij te compenseren met een ‘onverplichte tegemoetkoming’, vanwege een morele verplichting en unieke combinatie van omstandigheden.

Zo kreeg deze groep voor de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 de mogelijkheid naar Nederland te komen en werden zij toegelaten als Nederlanders. Zij realiseerden zich daarom niet dat voor de AOW niet het Nederlanderschap als criterium gold, maar het aantal jaren ingezetenschap in het Europese deel van het Koninkrijk. De Commissie stelt: “Vanwege de gebrekkige informatievoorziening door de Nederlandse overheid hoefden zij zich dat ook niet te realiseren.”

Koolmees vroeg vervolgens de Raad van State advies over de mogelijkheid van een ‘gerichte tegemoetkoming’. De Raad concludeerde op 29 oktober echter dat er geen (juridische) aanknopingspunten zijn. Zij merkt daarbij op dat het introduceren van een nieuwe grondslag voor de AOW, anders dan ingezetenschap, tot een precedentwerking kan leiden. Zo’n regeling kan de staat potentieel veel geld gaan kosten, als ook andere groepen hier aanspraak op maken. Het advies van de commissie Sylvester dat een regeling goed af te bakenen is vanwege de unieke combinatie van omstandigheden, is door de Raad niet meegewogen. Koolmees heeft inmiddels laten weten een beslissing over te laten aan een volgend kabinet.

Achter de schermen

Dit conflict kan het beste worden opgelost via mediators. Die worden steeds vaker lokaal, nationaal en internationaal ingezet om crises af te wenden en conflicten te de-escaleren. De betrokken partijen kunnen achter de schermen met elkaar in gesprek te gaan en een voor beide partijen acceptabele oplossing uitonderhandelen, ook al staan de standpunten haaks op elkaar. Mediators zijn getraind om onderliggende belangen en emotionele behoeften bespreekbaar te maken. Zo zullen zij aandacht vragen voor het feit dat de tijd dringt: velen hebben niet lang meer te leven.

Daarnaast blijkt in de praktijk dat partijen een oprecht en adequaat antwoord op ervaren emoties vaak minstens zo belangrijk vinden als financiële compensatie. Waar in een juridische procedure nauwelijks aandacht voor is, zou een eventuele regeling tegemoet kunnen komen aan de gevoelens van deze groep Surinaamse Nederlanders. Tegelijkertijd zou gezocht kunnen worden naar een constructie waarbij de zorg voor precedentwerking van een eenmalige financiële compensatie kan worden weggenomen. Ingewikkeld, maar niet onmogelijk.

Lees ook:

Amsterdam over het slavernijverleden. ‘Als bestuur nemen wij onze verantwoordelijkheid’

Amsterdam bood op 1 juli langverwachte excuses aan voor zijn besmette verleden. Dat deed burgemeester Halsema tijdens Keti Koti, de nationale herdenking van het afschaffen van de slavernij.

Lees ook: Guno Mcintosh gaat zijn achternaam veranderen als dat gratis wordt: ‘Dit is een verlossing’

Het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden is blij dat de stad Utrecht aandringt op het gratis wijzigen van namen uit de slaventijd. Voor sommigen komt de stap nu dichtbij, zoals voor Guno Mcintosh.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden