Opinie

Opvang in de regio verwordt tot struisvogelpolitiek

Overzichtsfoto van het Zaatari-kamp in Jordanië, nabij de Syrische grens. In het kamp worden zo'n 80.000 vluchtelingen uit Syrië opgevangen. Beeld EPA

Nu gedwongen terugkeer naar Syrië dreigt, mag de impasse in het Europese vluchtelingenbeleid niet leiden tot het idealiseren van opvang in de regio, menen Nora Stel en Anke van der Meijden.

De affaire rondom vluchtelingenboot Aquarius toonde wederom dat Europa's vluchtelingenbeleid zich sinds de Syrische vluchtelingencrisis in een impasse bevindt. Nu het draagvlak voor de opvang in Europa een nieuw dieptepunt heeft bereikt, zal de notie van 'opvang in de regio' alleen maar belangrijker worden voor het migratiebeleid, dat later deze week opnieuw op de agenda staat bij de EU-top in Brussel.

Opvang in de regio heeft voordelen voor vluchtelingen, zoals sociaal-culturele affiniteit met het gastland. Maar belangrijker lijken de voordelen voor Europa, dat door het uitbesteden van vluchtelingenopvang problemen buiten de deur houdt en kan wegkijken van de mensenrechtenschendingen die vluchtelingen ondergaan. Opvang in de regio verwordt zo tot struisvogelpolitiek.

Regionale vluchtelingenopvang is geen substituut voor een solide en ruimhartig Europees vluchtelingenbeleid, het moet er integraal onderdeel van uitmaken. Dit betekent ten eerste financiering. Gastlanden in de regio worstelen met politieke en sociaal-economische problemen die nog nijpender worden door de enorme vluchtelingenstroom. Europa zegt hun weliswaar geld toe, maar betaalt vooralsnog gedeeltelijk uit. Ten tweede moeten misstanden met regionale vluchtelingenopvang worden erkend als gezamenlijk probleem. Het is immers Europa dat het vluchtelingenvraagstuk nagenoeg volledig op de regio afwentelt. Financiële steun alleen koopt ons niet vrij van de morele en grondwettelijke verplichting het vluchtelingenrecht na te leven.

Fundament onder het vluchtelingenrecht

Mensenhandel, misbruik en uitbuiting zijn structurele problemen bij regionale vluchtelingenopvang. Nu de grootste strijd in Syrië voorbij lijkt te zijn, komt daar het gevaar bij van gedwongen terugkeer. Er mogen in Syrië dan weer relatief stabiele gebieden zijn, voor degenen die zich tegen het regime uitspraken is het er absoluut niet veilig.

Non-refoulement, het niet terugsturen van mensen naar landen waar zij gevaar lopen, is het fundament onder het internationale vluchtelingenrecht. Maar hoewel van grootschalige gedwongen terugkeer (nog) geen sprake is, komt er een sluipende en problematische vorm van regionale refoulement op gang. Libanon, dat wereldwijd per inwoner het grootste aantal vluchtelingen opvangt, heeft nu besloten vluchtelingen aan te moedigen terug te keren door hen te assisteren met papierwerk en vervoer. Maar veel vluchtelingen zijn van mening dat Syrië verre van veilig is. Ook de VN betwijfelen dat. Toen zij deze twijfels kenbaar maakten, schortte Libanon de verblijfsvergunningen van medewerkers van VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR op. Toch lijkt men zich internationaal weinig zorgen te maken over deze ontwikkelingen. Terugkeer, zo stelt Libanon, is immers volledig vrijwillig.

Hierbij moeten grote vraagtekens geplaatst worden. Libanese overheidsinstanties zetten vluchtelingen op alle mogelijke manieren onder druk om te vertrekken. Hun wordt een officiële vluchtelingenstatus onthouden waardoor driekwart geen verblijfsvergunning heeft. Vluchtelingen kunnen daarom niet legaal in hun levensonderhoud voorzien, leven grotendeels onder de armoedegrens en zijn erg kwetsbaar voor uitbuiting. Libanon staat bovendien geen formele vluchtelingenkampen toe, waardoor vluchtelingen veelal geen veilige opvang vinden en herhaaldelijk, vaak met geweld, uit hun tijdelijke onderdak in illegale kampen worden verdreven. Mensenrechtenorganisaties concluderen dan ook terecht dat in deze context 'vrijwillige' terugkeer gelijk staat aan de facto refoulement.

De impasse in Europa's vluchtelingenbeleid leidt dus niet alleen tot het negeren van de misstanden die het geïdealiseerde idee van opvang in de regio in de praktijk kenmerken. Het maakt Europa ook medeplichtig aan refoulement. Opvang in de regio moet een gedeelde verantwoordelijkheid zijn, en geen eenmalige uitbesteding.

Nora Stel is verbonden aan de Maastricht School of Management en het Centrum voor Conflict Studies van de Universiteit Utrecht,  en Anke van der Meijden werkt sinds kort met vluchtelingen in Noord-Irak.

Lees meer over dit onderwerp in ons dossier

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden