Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Oorlog verdwijnt niet door een verdrag

Opinie

Patrick van Schie

Het Kellogg-Briand-pact wordt in 1928 getekend © Bettmann/Bettmann Archive
Column

Zoals veel historici heb ik het Kellogg-Briand-pact uit 1928 nooit erg serieus genomen. Bij verdrag verklaarden de staten die zich destijds aansloten voortaan geen oorlog meer te zullen voeren. De inkt was als het ware nog aan het drogen, of Japan viel Mantsjoerije binnen, in 1931.

De verdere gebeurtenissen in de jaren dertig maakten van het verdrag een risee. Kellogg-Briand staat voor de naïviteit van de nooit-meer-oorlog-gedachte welke na de Eerste Wereldoorlog opgang maakte. Hitler en Hirohito zetten de wereld vervolgens weer met beide benen op de grond.

Lees verder na de advertentie

De Amerikaanse juristen Oona A. Hathaway en Scott J. Shapiro ondernemen in hun vorig najaar verschenen boek ‘The Internationalists and Their Plan to Outlaw War’ een poging tot herwaardering van het verdrag uit 1928. Het Kellogg-Briand-pact was in hun ogen op langere termijn bezien juist een groot succes. Het heeft een oude wereldorde die gold sinds de zeventiende eeuw op den duur vervangen door de huidige nieuwe wereldorde, die veel vreedzamer is. De ellende uit de jaren dertig en veertig van de twintigste eeuw waren eigenlijk ‘slechts’ overgangspijnen van de oude naar de nieuwe wereldorde.

De regels zoals afgesproken in het verdrag uit 1928 houden kortweg in dat oorlog geen geoorloofd middel is om een conflict te beslechten

De auteurs van ‘The Internationalists’ geven blijk van een grote geschiedkundige kennis van zaken, larderen hun boek met tal van relevante anecdotes, en schrijven met een voor juristen ongebruikelijk vlotte pen. Zij weten echt waarover zij schrijven. Hun opvatting komt dus geenszins voort uit juridische steriliteit.

Hathaway en Shapiro weten de Nederlandse lezer meteen al te ‘grijpen’ door een drastische bijstelling van het gangbare beeld over ‘onze’ Hugo de Groot. Die was in hun ogen niet vooral de grondlegger van vreedzame scheepvaart op de wereldzeeën, maar stond aan de basis van de oude oorlogszuchtige internationale orde. Die oude orde dateert dus van voor 1648, het jaar dat gewoonlijk met het ontstaan van het zogenoemde ‘Westfaalse’ systeem wordt geassocieerd. De Groot legde de fundamenten al enkele decennia daarvoor.

Kort gezegd was oorlog voor Hugo de Groot, en nog eeuwenlang na hem, voor een staat een volstrekt legitiem middel om je gelijk of je ‘recht’ te halen. Wilde je bijvoorbeeld een schuld innen die een andere staat bij je had, dan ging je je recht met kanonvuur halen. Of een oorlog rechtvaardig was of niet, werd door de uitkomst bepaald: de winnaar had gelijk. Ook tijdens een oorlog was tussen de oorlogvoerende partijen bijna alles geoorloofd. Tot de weinige dingen die werden verworpen, behoorde het verkrachten van vrouwen. Maar de vrouwelijke burgers van de tegenstander afslachten, net als mannelijke burgers, daartegen bestond dan weer volgens de oude normen geen enkel bezwaar.

Verrassend licht

De auteurs werpen op meer geschiedkundige gebeurtenissen een verrassend licht. Zo maken zij duidelijk dat Japan toen het zich in de tweede helft van de negentiende eeuw begon open te stellen via de geleerde-politicus Nishi Amane kennis nam van de mores die de rest van de wereld in hun onderlinge betrekkingen hanteerde. Het land incorporeerde aldus elders heersende ideeën over oorlog en vrede. Deze zou het in de twintigste eeuw zelf gaan toepassen, in aanloop naar en tijdens de Tweede Wereldoorlog, om er daarna tot eigen grote verbazing hardhandig op te worden gewezen dat de mores inmiddels – door het Kellogg-Briand-pact – waren gewijzigd.

Provocerend als zulke stellingen reeds zijn, het hoofdbetoog van Hathaway en Shapiro luidt dat de wereld vreedzamer is geworden dankzij de inmiddels breed onderschreven regels van de nieuwe wereldorde, zoals afgesproken in het verdrag uit 1928. En die regels houden kortweg in dat oorlog geen geoorloofd middel is om een conflict te beslechten, en dat er wel degelijk verschil kan worden gemaakt tussen een onrechtvaardige oorlog (een oorlog oude stijl) en een ‘rechtvaardige’ oorlog, dat is ter zelfverdediging of met humanitair oogmerk.

Wat onder dit laatste precies valt is een discussie op zich. Dat de frequentie van oorlog tussen staten sinds de Tweede Wereldoorlog sterk is verminderd, daarin hebben de auteurs zonder meer gelijk. Maar komt dit door het onwettig verklaren van oorlogen in 1928? Juist dit voor hun betoog zo cruciale punt weten de auteurs niet hard te maken. Is niet veel doorslaggevender dat democratieën onderling bijna nooit tot oorlogvoering overgaan? En dat tijdens de Koude Oorlog het gevaar van escalatie van een klein conflict naar wereldschaal met nucleaire dreiging, oorlogen flink binnen de perken hield? En last but not least, dat die staten waarvan de leiders de regels van de nieuwe wereldorde allerminst onderschrijven, zich vaak hebben laten weerhouden door de militaire kracht van supermacht nummer 1: de Verenigde Staten?

We zien momenteel dat waar de Verenigde Staten recentelijk gaten hebben laten vallen (door Obama én door Trump) andere staten hun kansen grijpen, met als gevolg oplaaiend conflict: zoals in het Midden-Oosten waar Rusland en Turkije gretig een gat opvullen. Was het maar zo eenvoudig dat oorlog bij verdrag kon worden afgeschaft. De Pax Americana was toch probater. Niet per se een geruststellende gedachte trouwens, in tijden dat het Witte Huis door de wereld zwabbert.

Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting, de liberale denktank van Nederland gelieerd aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Lees ook:

Secretaris-generaal van de VN Antonio Guterres waarschuwt voor een nieuwe Koude Oorlog. Was het maar waar, die tijd was tenminste overzichtelijk in vergelijking met de onrustige toestand van tegenwoordig.

Deel dit artikel

De regels zoals afgesproken in het verdrag uit 1928 houden kortweg in dat oorlog geen geoorloofd middel is om een conflict te beslechten