Commentaar Mauritius Leaks

Ontwikkelingsbank FMO moet juist wél het verschil maken

Belastingontwijking is sinds de onthullende publicaties van de Panama Papers in 2016 ­verdacht. Schokkend is dan ook hoe nu uit de Mauritius Leaks blijkt dat de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO, ooit opgericht om in de arme delen van de wereld het verschil te maken, miljoenen euro’s investeerde in het Ierse mijnbouw­bedrijf Kenmare.

Kenmare haalde voor honderden miljoenen euro’s aan titanium uit de bodem van Mozambique. In ruil daarvoor investeerde het bedrijf weliswaar in de regio, in infrastructuur, scholing en gezondheidszorg bijvoorbeeld, maar serieus belasting betalen aan de overheid van het Afrikaanse land was er niet bij. Ook elders droeg Kenmare dankzij een handige constructie via fiscaal paradijs Mauritius geen belasting af. Pikant detail: de Nederlandse overheid heeft een meerderheidsbelang in FMO.

In een toelichting op de investering in Kenmare, zegt FMO-directeur Yvonne Bol dat “we een bedrijf niet vertellen dat ze geen belasting mogen ontwijken. Daar intervenieer je niet in.” Zo’n toelichting geeft te denken. Die is in ieder geval onmogelijk te rijmen met de eerdere FMO-verklaring uit 2010. Daarin stelt de ontwikkelingsbank dat ze niet meewerkt aan belastingontwijkingsconstructries van bedrijven. Wat is er dus gaande bij FMO? Is er sprake van een koerswijziging? Zeker ­gezien de oorspronkelijke functie van de bank – bijdragen aan de opbouw van een samenleving – zou dat verontrustend zijn.

Natuurlijk is het aan Mozambique zelf om eisen te stellen aan wie in het land investeert. Het is wel de vraag of een straatarm land in de positie is zich hard op te stellen jegens potentiële investeerders. Om dan écht het verschil te kunnen maken, is ieder steuntje in de rug welkom. Zo’n steuntje had de FMO kunnen geven. Dat had gekund door bij haar klant Kenmare aan te sturen op een goede belastingmoraal, door belastingontwijking bij Kenmare ter discussie te stellen en desnoods door investeringen terug te trekken. Na de Panama Papers zou dat toch de norm moeten zijn.

Het verweer van Bol, dat “als wij niet investeren de Chinezen dat wel doen, en die stellen geen vragen”, snijdt geen hout. De groeiende invloed van China in Afrika is vooral een geopolitieke zaak, die zich niet laat oplossen door een kwestieuze investering in een bedrijf dat een mijn in Afrika exploiteert. Dat is geen kwestie voor de bestuurskamer van een ontwikkelingsbank, maar voor de politiek.

De mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden