Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nieuwe zeesluis bij Vlaardingen moet er komen willen we droge voeten houden

Opinie

Hans Middendorp

© Sander Soewargana

Een zeesluis bij Vlaardingen zorgt voor droge voeten, temt de zouttong en de natuur vaart er wel bij, zegt Hans Middendorp, waterdeskundige en vicevoorzitter Algemene Waterschapspartij.

Al jaren wordt er gepleit voor een zeesluis in de Nieuwe Waterweg, ook wel bekend als het Plan Spaargaren dat in 2014 aan het kabinet is voorgelegd. Met zo'n sluizencomplex bij Vlaardingen slaat Nederland vier vliegen in één klap, op gebied van waterveiligheid en van de natuur. 

Lees verder na de advertentie
Natuurbonus: stroming in de Zeeuws-Hol­land­se delta en dus ideale rivieren voor vismigratie

De primaire functie van de zeesluis bij Vlaardingen is 'droge voeten' in de Drechtsteden en op het Noordereiland van Rotterdam bij zware storm op zee. De historische binnenstad van Dordrecht loopt bij zwaar weer als eerste onder water. De Maeslantkering bij Hoek van Holland wordt na 2050 ingehaald door de zeespiegelstijging en er is sowieso nu al een grote kans dat die kering niet goed sluit (faalkans 1:100)!

Ook de Tweede Kamer maakt zich zorgen over de zeepiegelstijging en ze heeft de regering in een motie opgedragen om alvast na te denken over de gevolgen van een stijging van 1,8 meter in 2100.

Hollandse IJssel blijft zoet 

Tweede belangrijke punt is dat een zeesluis een structurele oplossing biedt tegen het binnendringen van de zogenoemde zouttong. Als er weinig water door de Rijn stroomt, dringt het zeewater naar binnen tot voorbij Rotterdam en Gouda. Bij Gouda is de inlaat van zoetwater naar het Groene Hart en de Haarlemmermeerpolder. Daarom moet de Hollandse IJssel zoet blijven.

Derde belangrijke voordeel van de zeesluis is dat er geen 800 tot 1000 kubieke meter per seconde zoetwater meer naar zee wegloopt door de brede opening van de Nieuwe Waterweg. Het stoppen van deze verspilling van zoetwater maakt Nederland robuuster. Het extra Rijnwater kan in tijden van droogte worden opgeslagen in het Volkerak, belangrijk voor Tholen en West-Brabant. De dijken rondom het Volkerak zijn daarvoor al verhoogd.

En tot slot de bonus voor de natuur: als het Rijnwater niet meer via de Nieuwe Waterweg weg kan, moet het via het Haringvliet en de Oosterschelde naar zee. Zo ontstaat er weer stroming in de Zeeuws-Hollandse delta met een geleidelijke zout-zoetovergang. Het Haringvliet en de Oosterschelde worden dan ideale 'vismigratierivieren', waardoor zalm en steur écht naar Duitsland kunnen zwemmen. Daarbij vergeleken is de kier in de Haringvlietsluizen (dit najaar verwacht) maar een klein deurtje, dat ook nog eens honderd dagen per jaar op slot zit.

Kosten en baten 

De maatschappelijke kosten/baten (MKBA) voor een zeesluis bij Vlaardingen moeten nog nader worden onderzocht. Maar alleen al voor waterveiligheid becijferde Spaargaren 2 miljard euro aan kostenbesparingen op dijkverhogingen langs de grote rivieren tussen Vlaardingen en Tiel. Die zeesluis verdient zichzelf dus makkelijk terug.

En de haven van Rotterdam? Vrijwel alle zeescheepvaart gaat nu al naar de Maasvlakte of Europoort en de stadshavens van Rotterdam worden allang niet meer gebruikt. Alleen de binnenvaart en de cruiseschepen moeten dan nog door de sluis bij Vlaardingen. Voor de binnenvaart betekent het een half uur extra op een reis naar Duitsland van een tot twee dagen.

Het grootste cruiseschip ter wereld, de Oasis of the Seas, is 361 meter lang, 47 meter breed en 9 meter diep en past nog net door de Panamasluizen. De nieuwe zeesluis bij IJmuiden wordt zelfs 500 meter lang. Technisch is het dus géén probleem om een zeesluis te bouwen voor deze giganten. Wel moet de politiek antwoord geven op de vraag, of die extra kosten voor een paar cruiseschepen per jaar ook te rechtvaardigen zijn.

Klaar in 2050

De voorbereiding, de ontwerpenvarianten, de afstemming, de inpassing en alle procedures rond het sluizencomplex in de Nieuwe Waterweg vragen veel tijd, en ook de bouw duurt een aantal jaren. Maar als we nú beginnen met de planning en het ontwerp, kan de zeesluis er in 2050 liggen.

Helaas wil deltacommissaris Wim Kuijken de boot nog altijd afhouden. Hij heeft Melanie Schulz, de vorige minister verantwoordelijk voor infrastructuur en waterstaat, laten beslissen om het plan voor een zeesluis in de ijskast te houden tot 2040.

Eerder deze maand in een artikel in NRC Handelsblad over droogte en verzilting meldde Kuijken: "(Een zeesluis...) is nog niet nodig. We hebben nog de kleinschalige wateraanvoer (uit het Amsterdam-Rijnkanaal) om water van oost naar west te brengen. ... Dat systeem is veel goedkoper dan het afsluiten van de Nieuwe Waterweg."

Klimaatverandering 

Op de korte termijn is de houding van Kuijken wel begrijpelijk. Zijn opdracht is om de kosten voor het waterbeheer in Nederland in de hand te houden. Géén sluis is natuurlijk goedkoper dan wel een sluis. En op onnodige kosten zit niemand te wachten.

Maar de klimaatverandering wacht ook niet op Nederland. En vergeet niet waar het allemaal om was begonnen: de Maeslantkering is na 2050 niet betrouwbaar meer door het snellere stijgen van de zeespiegel. Bovendien moeten zonder zeesluis in de Nieuwe Waterweg ook de dijken langs de grote rivieren tot aan Tiel worden verhoogd.

Goedkoop nu wordt dan duurkoop later. Gezien de voordelen, zoals een einde aan de verzilting richting Gouda en het herstel van een stromend Haringvliet, kun je de toekomst dus maar beter omarmen.

Deel dit artikel

Natuurbonus: stroming in de Zeeuws-Hol­land­se delta en dus ideale rivieren voor vismigratie