Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nelleke Noordervliet: 'We hebben onze schande zo veel mogelijk weggemoffeld'

Opinie

Nelleke Noordervliet

Nelleke Noordervliet © Jitske Schols
essay

Ook voor rebel en regerende gelden regels, schrijft Nelleke Noordervliet in haar essay voor de Maand van de Geschiedenis.

Toen ik 19 jaar was - en dat is lang geleden - las ik ‘De mens in opstand’ van Albert Camus. Ik moest ophouden met lezen, zozeer greep het me aan. Met rode ballpoint heb ik er zinnen in onderstreept en passages gemarkeerd. Een lange rode lijn staat onder: ‘Om ten volle te bestaan moet de mens in verzet komen, maar dit verzet behoort de grens te eerbiedigen waar het leven der mensen in gemeenschap begint.’ Even later dubbel onderstreept: ‘Ik verzet mij, dus wij bestaan.’ In de laatste alinea’s van het eerste hoofdstuk betoogt hij dat het verzet solidair is, of niet is, en dat het trouw moet blijven aan de ‘adel van zijn eerste inspiratie’. Verwerpelijk is het als het verzet lauw wordt of slaafs, of als het wordt opgezweept ‘tot een hartstochtelijke dronkenschap der tirannie’.

Lees verder na de advertentie
Opstandigheid is een eigenschap van jonge mensen

‘De mens in opstand’ (1951, Camus was toen 38) ontstond in de jaren na de oorlog. Europa en andere delen van de wereld lagen in puin. De wonden waren nog lang niet geheeld. Fascisten, nazi’s en communisten, begonnen als opstandelingen, hadden het in Italië, Duitsland en Rusland tot macht geschopt. De ‘adel van hun eerste inspiratie’ was geëindigd in de ‘dronkenschap der tirannie’. Fascisme en nazisme leden het eerst de nederlaag. Het communisme bleef nog een tijdje. Het resultaat in 1945: een wereld die uit zijn voegen hing.

Twee kampen

Camus heeft zijn inzichten uit ‘De mens in opstand’ aan de praktijk moeten toetsen. In Algerije, zijn geboorteland, ontstond een bloedige onafhankelijkheidsstrijd. De ravage van de Tweede Wereldoorlog had overal krachten losgemaakt - een combinatie van wraak, honger en euforie - die lang aan ketenen hadden gelegen. Groot-Brittannië kwam in India de opstandigheid van Gandhi tegen en van de Mau-Mau in Kenia, Nederland had Indonesië, Frankrijk moest aan de bak in Vietnam en Algerije.

Vooral de strijd in het zo nabijgelegen Algerije, dat je in Marseille kon ruiken, was extreem gewelddadig aan beide zijden en niet beperkt te houden tot de kolonie zelf. In het moederland ontstonden twee kampen. Men was voor onafhankelijkheid of voor het behoud van de kolonie. Links of rechts. Geen tussenweg.

Destijds werd in Frankrijk de positie van Camus niet begrepen. Hij conformeerde zich niet aan het koloniale standpunt, maar evenmin aan het onafhankelijkheidsstandpunt van politieke (ex-)vrienden als Sartre en Simone de Beauvoir. Het bracht hem ertoe in 1958 zijn verzamelde geschriften over Algerije uit te brengen onder de titel ‘Actuelles III, Chroniques algériennes’.

Een oorlog is een oorlog en geen politiek of moreel discours waarbij iedereen netjes in de pas loopt

Moraalfilosofie 

Het woord vooraf is indrukwekkend. In dit stuk wordt de moraalfilosofie, die hij in zijn essays heeft uiteengezet, levendig en urgent toegepast op een reële situatie. Hij veroordeelt beide zijden, de Franse het meest, voor het bloedvergieten en de repressie. Het probleem van wat we proportioneel geweld zijn gaan noemen onderkent Camus duidelijk. Hij begrijpt dat geweld niet altijd te vermijden is, maar eist van de partij die de macht heeft een ondubbelzinnige afwijzing van terreur door zelf nimmer toevlucht te nemen tot terreur. Wie terreur veroordeelt, mag terreur niet met terreur beantwoorden, omdat hij zijn eigen principes dan geweld aandoet. Soms is het beter onrecht te verdragen dan te bedrijven.

Maar in één adem veroordeelt hij in niet mis te verstane bewoordingen de onmenselijke terreurdaden van de Arabische Algerijnen ten opzichte van de Franse bevolking, die door ‘links’ in Frankrijk schijnen te worden vergoelijkt. De rol van de intellectueel bestaat er niet in verontwaardigd partij te kiezen, waardoor het geweld escaleert, maar de rede te laten functioneren in het zoeken van een oplossing.

Dat gebeurt echter niet. “Rechts heeft in naam van de Franse eer aanvaard wat tegen die eer inging. Links heeft in naam van rechtvaardigheid daden verontschuldigd die een belediging waren voor ieder werkelijk recht. Rechts heeft zo aan links de exclusiviteit van de morele reflex gelaten, links op zijn beurt heeft rechts de patriottische reflex gegund. Het land heeft daardoor dubbel geleden.”

Wegmoffelen

Camus verkiest een Algerije waarin de verschillende bevolkingsgroepen in een federatie bijeen zijn gebracht en verbonden aan Frankrijk, boven een islamitisch Algerije dat alleen maar zal resulteren in nog meer ellende en armoede voor de arabo-berberbevolking en die voor de Algerijnse Fransen zal leiden tot onderdrukking of ballingschap. Dat is zijn mening. Punt. Hij zal zich niet meer laten verleiden tot polemieken. Boe-geroep van links, zwijgen van rechts. Wat moest je met zo’n Nobelprijswinnaar, zo’n pied-noir? Dat hij inmiddels ruimschoots gelijk heeft gekregen, is een ongemakkelijke waarheid, die hem door sommigen nog steeds wordt nagedragen.

De geschiedenis van de dekolonisatie is overal ongeveer langs gelijke lijnen verlopen, met meer of minder geweld, maar altijd met pijn. Aan de eis van Camus dat het in een koloniale oorlog als machthebber beter is onrecht te verdragen dan zelf onrecht te begaan, hebben we in Nederland niet voldaan. Althans, minder dan we zelf dachten. We hebben onze schande zo veel mogelijk weggemoffeld. We wisten heel goed dat de eis van terughoudendheid aan de overheid gesteld mocht worden, maar in de hitte van de strijd was dat niet het eerste instinct.

Een oorlog is een oorlog en geen politiek of moreel discours waarbij iedereen netjes in de pas loopt. Niettemin moet in het besef daarvan zo veel mogelijk openheid worden gegeven aan de Nederlandse bevolking, die uiteindelijk medeverantwoordelijk is voor wat haar regering doet en daarom moet wéten wat ze doet. Maar iedere militaire missie die onder de misleidende vlag ‘vredesmissie’ voer, heeft dezelfde teleurstelling opgeleverd, met Srebrenica als pijnlijkste voorbeeld. Geheimhouding. Zwijgen. Onder de pet houden. Wegmoffelen. Ontkennen. Goedpraten. Als je geen verantwoordelijkheid wilt nemen voor de excessen die in elke strijd plaatsvinden, moet je geen troepen sturen. Als je wel troepen stuurt, moet je de gevolgen in openheid aanvaarden en bespreken.

Eindeloos geouwehoer

Iedere generatie wordt geconfronteerd met de eigen vijand en de eigen geest van verzet. Die inspiratie behoort de jeugd toe, die een toekomst moet ontwerpen door de oude huid van de maatschappij af te stropen en een nieuwe wereld te schetsen. Het moet beter. In ieder geval anders. Passend bij hun ervaring en hun hoop.

Mijn generatie deed het in de jaren zestig met Provo en de Maagdenhuisbezetting, geïnspireerd op de gebeurtenissen in Parijs van 1968. Wij protesteerden tegen de oorlog in Vietnam, tegen het fascisme in Griekenland, Spanje en Portugal, tegen de segregatie in Amerika, tegen de hiërarchie, tegen de autoriteit. Vuisten, spandoeken, spreekkoren. De straat op. Dit is het begin, wij gaan door met de strijd. De strijd van mijn generatie is vrij snel, zij het met enige hulp van wapenstok en waterkanon, geabsorbeerd door de verraste machthebbers en doodgebloed in het eindeloze geouwehoer van de duistere jaren zeventig.

De strijd van mijn generatie is vrij snel, zij het met enige hulp van wapenstok en waterkanon, geabsorbeerd door de verraste machthebbers

Nederland is een gelukkig land. Maar een volmaakte maatschappij bestaat niet. Hoewel ook ouderen zich ergeren aan ondoelmatigheid, liefdeloosheid en egoïsme, is actieve opstandigheid een eigenschap van jonge mensen. Ze kunnen niet leven in berusting. Ze hebben strijd in zich en willen de wereld veranderen. Ze moeten wel.

De pendel van macht

Had de jeugdbeweging in de jaren zestig een links accent, dat wil zeggen optimistisch en ideologisch rigide, ze was in elk geval kosmopolitisch met nostalgie naar de toekomst, de beweging waartoe veel jongeren zich nu aangetrokken voelen is rechts, dat wil zeggen ook optimistisch en ideologisch rigide, maar nationalistisch met nostalgie naar het verleden. Ik voel een duidelijk verschil.

Hier in Nederland verloopt alles langs lijnen van geleidelijkheid. De democratie geeft iedereen een stem. De macht absorbeert geduldig al het revolutionaire streven. Opstandigheid is bijna deel van het systeem en dus folklore. In andere delen van de wereld manifesteert de macht zich als dictatuur, autocratie of valse democratie met naakte hebzucht, wellust en wreedheid. Daar is opstand nodig als brood. En gevaarlijk als oorlog. Daar worden offers gevraagd. Bij alle opstanden slingert de pendel van macht naar tegenmacht, tussen actie en reactie, van vrijheid naar onderdrukking, van leven naar dood. De klok van de tijd tikt. Almaar vooruit.

Dit artikel is een voorpublicatie uit Nelleke Noordervliets ‘Door met de strijd’. Nederland en opstand.’ Dit essay, een uitgave van CPNB, is in oktober - Maand van de Geschiedenis - te koop voor € 3,50.

Nelleke Noordervliet (1945) schrijft verhalen, essays, boeken over geschiedenis en romans. Ze is columniste van Trouw. Voor haar oeuvre is haar dit jaar de Constantijn Huygensprijs toegekend.

Lees hier de columns van Nelleke Noordervliet voor Trouw.

Lees ook:

Kan een waarde links zijn? Of rechts?

Femke Halsema eist de progressieve waarden terug waar rechts mee aan de haal is gegaan. Maar moeten we waarden wel overeind willen houden vanuit de tegenstelling links-rechts?

Literatuur als bron van kennis van het menselijk tekort

De afkalving van geesteswetenschappen is al een tijd aan de gang. Ze is omgekeerd evenredig aan de populariteit van de neoliberale gedachte, schrijft Nelleke Noordervliet .

Deel dit artikel

Opstandigheid is een eigenschap van jonge mensen

Een oorlog is een oorlog en geen politiek of moreel discours waarbij iedereen netjes in de pas loopt

De strijd van mijn generatie is vrij snel, zij het met enige hulp van wapenstok en waterkanon, geabsorbeerd door de verraste machthebbers