Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Nee, ‘diepe’ waarden koesteren maakt een mens niet per se weerbaar

Opinie

Bert Keizer

© Trouw
column

Welmoed Vlieger schreef in Trouw van afgelopen dinsdag over de vraag: “Waar vind je in deze wereld, waarin nepnieuws, oppervlakkigheid en opportunisme aan de orde van de dag zijn, eigenlijk nog waarheid en echtheid?”

Als u het goed vindt, moffelen we die echtheid even weg, want daar kom je nooit uit, denk ik. En dan blijven we zitten met die andere bananenschil: waarheid.

Lees verder na de advertentie

De aardigste definitie van waarheid komt van filosoof Alfred Tarski: de mededeling ‘sneeuw is wit’ is waar als sneeuw wit is. ‘De ham is in de keuken’ klopt als je met één blik in de keuken ziet dat de ham er daadwerkelijk is. Het zal u niet verbazen dat filosofen rond deze opvallend simpele definitie een uitermate complexe wolk van overwegingen hebben gecreëerd waarbinnen je uren kunt rondhannesen zonder helderheid te krijgen over ‘de waarheid’.

Geestelijk landschap

Ik denk dat Tarski’s definitie het prima doet in een zeer beperkt geestelijk landschap. Over ham, sneeuw, onweer, stofzuigers, eilanden, sterren, munten, bloemen en auto’s is het makkelijk om tot gezamenlijke conclusies te komen. Tenminste, als je wilt praten over hun gewicht, kleur, aantal, temperatuur en omvang. Maar niet als je het wilt hebben over hun eetbaarheid, nut, bijdrage aan het klimaatprobleem, reële prijs of prettige uiterlijk.

Dat komt omdat je het gewicht van een ham eenduidig kunt vaststellen. Maar de eetbaarheid niet, want vele moslims vinden het onrein vlees. Dergelijke strijdige kwalificaties passen ook bij de auto (klimaat?), bloemen (lelijk?), sneeuw (lastig?) enzovoorts. Die strijdige kwalificaties krijg je nooit weg door een eenvoudige check in de trant van: laten we in de keuken kijken om te zien of de ham echt onrein is. Wat zou je moeten zien om reinheid of onreinheid definitief te kunnen vaststellen? Niet die verrekte ham, want die zien we allemaal wel en dat helpt niet.

De gelovige zegt: “Kijk die boom, dit kevertje, de blik van deze vrouw, God!” De godloze zegt: “Waar dan. Waar dan?”

Denk aan het verschil tussen de godloze en de gelovige. De gelovige zegt: “Kijk die boom, dit kevertje, de blik van deze vrouw, God!” De godloze zegt: “Waar dan. Waar dan?” En er bestaat geen methode die hier de een of de ander de laan uit kan sturen.

Dat beperkte geestelijke landschap is het innerlijk landschap van dieren. Die willen wel vechten om een banaan, maar niet om de vraag wie of wat er achter die banaan zit. Wij mensen gaan geestelijk ‘dieper’. Nou word ik altijd wat nerveus bij dieper, in deze context. Maar Welmoed Vlieger zegt ongeveer: Veel mensen hebben op het niveau van de diepere waarden en overtuigingen geen grond meer onder de voeten. Door het verlies van levensbeschouwelijke bronnen en tradities is ieder op zichzelf aangewezen. Zonder diepere opvattingen worden mensen makkelijk speelbal van autoritaire leiders.

Met ‘de diepere waarden, overtuigingen, opvattingen, levensbeschouwelijke bronnen en tradities’ doelt ze denk ik niet op het boeddhisme, de islam, zen, mindlessness of de buntu-filosofie, maar op het christendom. En we praten niet over de vraag of het christendom de waarheid is, maar of het mensen behoedt voor autoritaire leiders.

Speelbal

Zien we nou in de periode tussen 1900 en 2019 dat mensen vooral de speelbal werden van autoritaire leiders nadat het christendom teloorging? In de Eerste Wereldoorlog waren er erg veel mensen met heel erg ‘diepe’ waarden, overtuigingen, opvattingen, levensbeschouwelijke bronnen en tradities, die elkaar op onthutsende schaal uitmoordden. In de Tweede Wereldoorlog gebeurde hetzelfde. Verder denk ik dat veel Trump-aanhangers welhaast uiteenploffen door de ‘diepte’ van hun waarden en overtuigingen. Nee, ik zie nergens aanwijzingen voor de veronderstelling dat het koesteren van ‘diepe’ waarden een mens weerbaarder maakt als autoritaire leiders hem bedreigen.

En toch heeft ze het over iets wat ik wel ervaar. Alleen niet in de onfortuinlijke keuze voor autoritaire leiders, maar in de betrekkelijke riteloosheid waarmee wij de dood tegemoettreden. De hedendaagse begrafenis is een knutselplek geworden waar allerlei flarden van vroegere symboliek ineengeflanst worden. Dat krijg je omdat we niet langer gemeenschappelijke ‘diepe’ waarden hebben. Ik vergelijk het met de traditionele katholieke uitvaartmis, die ik nog altijd mooi vind. Maar we weten helaas dat die prachtige mis verder niets garandeerde, aan deze noch aan gene zijde.

Bert Keizer is filosoof en arts bij de Levenseindekliniek. Voor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie en de raakvlakken daartussen.

Deel dit artikel

De gelovige zegt: “Kijk die boom, dit kevertje, de blik van deze vrouw, God!” De godloze zegt: “Waar dan. Waar dan?”