null

OpinieEnergietransitie

Nederland moet actief en gericht sturen op vergroening van de zware industrie

Beeld Trouw

Voor een groene toekomst moet de zware industrie nu echt verduurzamen, betoogt Evert Nieuwenhuis, medewerker van het wetenschappelijk bureau van GroenLinks.

Goed nieuws: Nederland staat aan de vooravond van de Groene Eeuw, het tijdsgewricht waarin we klimaatneutraal leven. Dat die Groene Eeuw er komt staat in het Klimaatakkoord van ­Parijs, de Nederlandse Klimaatwet en de European Green Deal. En ­anders zal het stijgende water ons wel overtuigen van de noodzaak.

In het bouwen van de Groene Eeuw speelt de zware industrie – staal, chemie en raffinage – een hoofdrol. Ze levert immers grondstoffen voor producten die we dagelijks gebruiken: van schoenzolen tot systeemplafonds en van accu’s tot windmolens. We kunnen niet zonder zware industrie – nu niet, maar ook niet in de Groene Eeuw.

Tegelijkertijd vormt de zware industrie een probleem. Ongeveer een kwart van alle Nederlandse CO2-uitstoot komt van de zware industrie – meer dan alle andere sectoren. Ondertussen daalt de uitstoot van de zware industrie in Nederland al tien jaar zo goed als niet en behoort slechts een fractie ervan (8 procent) tot de duurzaamste 10 procent van Europa, zoals recente cijfers van de Nederlandse Emissieautoriteit laten zien. Ook lokaal is er veel schade, zo blijkt uit de verontrustende gezondheidsklachten van bewoners rondom Tata Steel in IJmuiden (Trouw, 20 april 2020).

Dwing fossiele achterblijvers groene pad te kiezen

Nederland zet stappen om de zware industrie te vergroenen. Maar genoeg is dat allerminst, concludeerde de Oeso recentelijk. De internationale organisatie pleit daarom voor een nationale ‘groene industriestrategie’. Ik zou een stap verder willen gaan: Nederland moet groene industriepolitiek voeren die actief en gericht stuurt op de vergroening van de Nederlandse zware industrie.

De essentie van groene industriepolitiek is eenvoudig: we leggen de rode loper uit voor groene pioniers en dwingen fossiele achterblijvers het groene pad te kiezen. De rode loper bestaat uit diverse maatregelen, variërend van subsidies voor onderzoek naar innovaties tot de aanleg van de benodigde infrastructuur, ­zoals een netwerk voor waterstof.

Maar er is ook een stok nodig. Een pittige CO2-belasting maakt groene producten relatief goedkoper en dwingt de industrie om eindelijk het laaghangend fruit van CO2-reductie te plukken. Dat laat ze nu hangen omdat het financieel te ­weinig loont, blijkt uit onderzoek. Convenanten en vrijblijvende afspraken moeten plaatsmaken voor bindende afspraken die streng worden gehandhaafd. De industrie moet haar nek uitsteken en de nodige investeringen doen. Ze moet beseffen dat ze daar al dertig jaar te laat mee is, zolang weten we immers al dat klimaatverandering een groot probleem is.

Ook de overheid moet nek uitsteken

Groene industriepolitiek vereist een moedige overheid die risico’s neemt en scherpe keuzes maakt. Ze moet, bijvoorbeeld, Tata Steel ­duidelijk maken dat het bedrijf in Nederland alleen toekomst heeft als het volledig schoon en klimaatneutraal produceert. Tata moet dus stoppen met zijn zogeheten Hisarna-techniek die slechts tot een CO2-reductie van 20 procent leidt en waarbij de overige CO2 onder de Noordzeebodem verdwijnt. In plaats daarvan moet het vandaag nog inzetten op groene staal, geproduceerd met groene waterstof. Het Zweeds-Finse Hybritt-project zal al in 2026 zijn eerste groene staal produceren. Dát is pas een groene koploper. Om Tata daartoe aan te zetten is Europees beleid nodig dat op termijn alleen de verkoop van groene staal toestaat. Tegelijkertijd moet Nederland serieus investeren in waterstofin­frastructuur om de productie van groene staal mogelijk te maken. Ook de overheid moet dus haar nek uitsteken.

De afgelopen 75 jaar heeft Nederland de fossiele industrie actief gestimuleerd, variërend van handelsmissies die vlak na de Tweede Wereldoorlog Amerikaanse bedrijven met succes overhaalden om hier te investeren, tot de bizar lage energiebelastingen voor de zware industrie van vandaag. Nederland wilde graag veel zware industrie en voerde daarom fossiele-industriepolitiek. Nu is het tijd om de Groene Eeuw te bouwen. En dus tijd voor groene industriepolitiek.

Lees ook:

Nederland moet klimaatbeleid flink opschroeven

Europa verhoogt het klimaatdoel naar 55 procent CO2-daling in 2030. Om daarbij aan te haken moet een nieuw kabinet met ferm milieubeleid komen.

De industrie hoeft nog even geen CO2-belasting te betalen

Tegelijk met alle Prinsjesdagstukken, gingen ook de plannen voor een CO2-heffing naar de Tweede Kamer. Voorlopig ontziet het kabinet de industrie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden