Commentaar Afghanistanmissie

Nederland liet zich in Afghanistan te makkelijk met een kluitje in het riet sturen

Niet voor het eerst is politiek Den Haag met de neus op de feiten gedrukt, omdat Nederlandse militaire missies naar een ver buitenland een rauwere werkelijkheid kennen dan vaak wordt voorgespiegeld. Niet voor het eerst gaat het om Afghanistan. De internationale gemeenschap, inclusief Nederland, kwam destijds met de grote militaire operatie Isaf terecht in een moeras. De hoop was dat die operatie een bijdrage zou leveren aan de veiligheid en wederopbouw van dat land.

Een van de voorwaarden die het kabinet en de Tweede Kamer stelden aan de inzet van Nederlandse militairen in de provincie Uruzgan, tussen 2006 en 2011, was dat gevangen genomen talibanstrijders na overdracht door Kamp Holland aan de Afghaanse autoriteiten zouden worden behandeld volgens regels van het internationaal oorlogsrecht. Om dit te controleren werd een systeem van monitoring opgetuigd: Nederlandse militairen en personeel van de ambassade in Kaboel zouden zich ‘maximaal inspannen’ om te controleren of de Afghaanse justitie en de geheime dienst zich in de detentiecentra aan de regels hielden.

Na afloop van de missie kon het kabinet aan de Tweede Kamer melden dat ‘de door Nederland overdragen gevangenen niet zijn gemarteld of onmenselijk zijn behandeld’. Achteraf gezien een vreemde en foute conclusie. In deze krant kwamen onlangs ex-gevangenen aan het woord die vertelden dat ze destijds wel degelijk zijn gemarteld en afgeperst door de Afghaanse autoriteiten. Het geruststellende eindoordeel van de Haagse ministeries van buitenlandse zaken en defensie over het gevangenenvolgsysteem bleek een wassen neus.

Te stellig

Minister Blok van buitenlandse zaken gaf vorige week toe dat het inderdaad ‘te stellig’ was om te zeggen dat overgedragen gevangenen niet zijn gemarteld of onmenselijk zijn behandeld. Daarmee sloot hij de martelingen niet langer uit. Het monitorsysteem was helemaal niet zo sluitend als was beloofd.

Wat opvalt is dat de Nederlanders in Uruzgan zich bij twijfel op dit terrein soms wel erg makkelijk met een kluitje in het riet lieten sturen door juristen van nota bene de Afghaanse geheime dienst, niet bepaald de betrouwbaarste partner binnen de Afghaanse autoriteit. Maar de Nederlandse militairen zaten nu eenmaal klem; ze konden niet stoppen met het overdragen van gevangen genomen strijders aan de Afghanen. Want de soevereiniteit van Afghanistan en het daar geldende rechtssysteem moesten worden gerespecteerd. Dat neemt niet weg dat er bij het uitzenden van de Nederlandse troepen een papieren werkelijkheid over mensenrechten werd bedacht die in de praktijk niet klopte. Zoals er wel meer tegenviel in het Afghaanse moeras.

Het commentaar is de mening van Trouw, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden