opinie

Naastenliefde is geen staatszaak: ‘Je kunt het niet afdwingen’

Een man met een wandelstok wordt begeleid. Beeld ANP XTRA

De overheid denkt mantelzorg af te kunnen dwingen en schendt zo mogelijk de Grondwet, Slecht idee, vindt zorgethica en theologe Sanne Rodenburg.

Het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie pleit voor een uitbreiding van de wettelijke zorgplicht tussen familieleden. Want, zo stelde zij deze maand in haar sociaal-politieke voorstel Gezinskapitaal, mantelzorg is een 'vanzelfsprekende morele verplichting'.

Als wij van mantelzorg spreken, bedoelen we informele naastenzorg: zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt gegeven door één of meerdere mensen uit de directe omgeving van een hulpbehoevende. Die zorgverlening vloeit direct voort uit de sociale relatie en is gefundeerd in affectie, plichtsbesef en/of praktische haalbaarheid. Om naastenzorg ook goede zorg te laten zijn, moet de naastenzorger niet alleen door plichtsbesef, maar door alle drie de voorwaarden gemotiveerd worden.

'Heb uw naaste lief' is het bijbelse gebod waaraan de ChristenUnie haar voorstel ophangt om 'rechtsverhoudingen te scheppen die de liefde in het huwelijk en het gezin een vaste basis geven'. De politieke partij, maar ook de overheid, lijkt ervan uit te gaan dat affectie tussen naasten een vanzelfsprekendheid is én dat zij daarop een beroep mag doen. 'Het is toch je moeder...' Moet ik daarom van haar houden? Ook nu ik haar door haar ziekte niet meer herken? Ongeacht ons problematische gezamenlijke verleden?

Hoe denkt een overheid affectie te kunnen afdwingen en borgen?

Nog los van de interpretatie van de bijbelse aansporing, heeft het begrip 'naaste' geen eenduidige betekenis. De vraag 'Wie is mijn naaste?' wordt nota bene door Christus zelf (Lucas 10:37) anders beantwoord dan door de ChristenUnie ('familie').

Moreel plichtsbesef om naastenzorg te verrichten is relatie-, cultuur- en contextgebonden. Ook deze voorwaarde voor goede naastenzorg kan door de overheid niet afgedwongen worden, hooguit gepropageerd. Het is juist de taak van de overheid om erop toe te zien dat een naastenzorger niet buitenproportioneel onder druk gezet wordt binnen de eigen gemeenschap op grond van de aldaar heersende normen en waarden.

Het opleggen van een morele verplichting zónder wettelijke bekrachtiging kan zelfs in botsing komen met artikel 1 van de Grondwet; het beleid om een verplichtend beroep te doen op het (veronderstelde) netwerk van naasten knaagt daarmee aan de wortels van de rechtsstaat. Als een overheid ervoor kiest in haar wet- en regelgeving om moreel plichtsbesef en affectiviteit uit te nutten, begeeft zij zich ten aanzien van mensenrechten op glad ijs.

Kan de overheid affectie afdwingen en borgen? Beeld Werry Crone, Vleuten

Wel kan de overheid de praktische haalbaarheid van naastenzorg bevorderen met flexibele werktijden, kinderoppas, respijtzorg, huishoudelijke en psychosociale ondersteuning, medische hulpmiddelen en training; gemeentes zijn hier al druk mee bezig. Maar het kan beter: we zouden als samenleving moeten erkennen dat naastenzorg een meer dan volledige baan kan zijn, die een volwaardig salaris en passende arbeidsvoorwaarden verdient in plaats van schamele compensatie uit het persoonsgebonden budget van de zorgbehoevende.

Ik sluit mij aan bij Marian Verkerk die opmerkt dat er geen algemene regels zijn voor naastenzorg (de Verdieping, 10 november). Elke zorgsituatie vraagt om maatwerk, om open en niet-stigmatiserende afweging van de wensen, mogelijkheden en beperkingen van de betrokkenen in die particuliere situatie. Het is maar de vraag of de gemeente in het keukentafelgesprek in staat is dat fluïde en continue proces respectvol te begeleiden.

En als het zorgen dan toch gaat schuren op het affectieve of praktische vlak, leidt het uitoefenen van morele druk tot een situatie die zorgbehoevende, naasten en uiteindelijk de samenleving onvermijdelijk zal schaden. Dat moeten we niet willen.

Lees ook:

Mantelzorg, oppassen: ook bij ouderen dreigt de burn-out

Ouderen, dat zijn niet alleen bemiddelde pensionado’s die volop van het leven genieten. Het zijn ook drukke vrijwilligers, oppasopa’s en –oma’s, en mantelzorgers die kampen met stress, of zelfs burn-out.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden