Commentaar

Minister Blok heeft nog veel uit te leggen over zijn omgang met het dossier-Syrië

Minister Stef Blok op het najaarscongres van de VVD. Beeld ANP

Elke onthulling over de levering door Nederland van goederen aan strijdende groepen in de Syrische burgeroorlog levert nieuwe vragen op. 

Vorige week publiceerden Trouw en het televisieprogramma ‘Nieuwsuur’ over stukken waaruit bleek dat ondanks de plechtige belofte van opeenvolgende ministers van buitenlandse zaken, goederen wel degelijk gebruikt zijn in de strijd.

Pijnlijke vergissing

Bovendien werden, door een pijnlijke vergissing van het ministerie, de namen bekend van zeker twee strijdgroepen die hulp ontvingen. Nu die namen bekend zijn, wordt het alleen maar vreemder dat ze ooit tot staatsgeheim zijn verklaard.

Levant Front (Jahbat al-Shamiya) en Hama Rebels Gathering kregen Nederlandse steun die uiteindelijk deels gebruikt werd in de strijd. Sterker, uit de door Buitenlandse Zaken vrijgegeven stukken blijkt, dat levering nog doorging terwijl deze groepen deelnamen aan de strijd in Afrin, in Noord-Syrië. Dit ondanks bezweringen van Halbe Zijlstra, destijds minister van buitenlandse zaken, dat het zenden van hulpgoederen onmiddellijk zou worden stopgezet als zij zouden participeren in oorlogshandelingen.

Nu alles wel in de openbaarheid gekomen is, laden Zijlstra en zijn opvolger Stef Blok de verdenking op zich dat het middel om zaken tot staatsgeheim te verklaren hier misbruikt is om lastige vragen over de Nederlandse hulp aan partijen in Syrië uit de weg te gaan. De namen van de groepen zijn niet relevant genoeg om er het predicaat staatsgeheim op te plakken. Alsof de wetenschap dat Nederland hulp bood de tegenstander in de burgeroorlog extra zou motiveren de strijd aan te gaan.

Het staatsgeheim is een wat vreemd fenomeen. Niemand, anders dan de minister en zijn adviseurs, kan nagaan wat de motieven zijn om het te gebruiken. Niemand kan ook nagaan of er geen misbruik van gemaakt wordt. De democratische controle op die beslissing is op zijn zachtst gezegd gebrekkig te noemen.

Controle

Daarmee wil niet gezegd zijn dat nooit ofte nimmer iets tot staatsgeheim verklaard kan worden. Wel zou het de Tweede Kamer sieren als eens grondig wordt nagedacht hoe wel controle kan worden uitgeoefend op de beslissing iets tot staatsgeheim te verklaren.

In dit specifieke geval ligt er een bijzonder moeilijke taak voor minister Blok. Hij zal met betere argumenten moeten komen, wil hij de Kamer en de publieke opinie kunnen overtuigen dat de hulp aan Syrische rebellen wel gebruikt is waar die voor bedoeld was en dat het terecht was de namen van die groepen tot staatsgeheim te verklaren. Die beslissing is weliswaar genomen door zijn voorganger, maar Blok stelde zich de afgelopen maanden vierkant achter die beslissing op. Dat maakt hem ook rechtstreeks verantwoordelijk.

De mening van de krant, verwoord door leden van de hoofdredactie en senior redacteuren. Al de commentaarstukken vindt u in dit dossier.

Lees ook:

Waarom wij staatsgeheimen publiceren

Trouw en Nieuwsuur publiceerden vandaag uit documenten die door het ministerie van buitenlandse zaken zijn vrijgegeven na een wob-verzoek. Een deel van de informatie daarvan is staatsgeheim, maar per abuis niet onleesbaar gemaakt. De hoofdredactie licht toe waarom een deel van die informatie toch is gepubliceerd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden