Opinie

Meer personeel voor babygroepen maakt opvang onbetaalbaar

Beeld Koen Verheijden

Meer personeel bij de opvang van baby's van nul tot één jaar, maakt opvang onbetaalbaar en daarmee buiten steden onbereikbaar, waarschuwt Erik Vlutters, directeur van De Kleine Wereld, kinderopvang & ontwikkeling.

Kwaliteit moet in de kinderopvang voorop staan. Om die reden is de Wet Innovatie & Kwaliteit Kinderopvang (IKK) ingevoerd per 2018. Een set van 21 maatregelen die resulteert in goede en veilige kinderopvang. Eén uitgestelde maatregel echter baart grote zorgen. Niet alleen bij ons, ook bij ouders, medewerkers, kinderopvangorganisaties en branchepartijen.

Per 1 januari 2019 moet meer personeel worden ingezet bij de opvang van baby's van nul tot één jaar, namelijk één beroepskracht op drie baby's (nu nog één beroepskracht op vier baby's). Het idee om de werkdruk op de groepen te verminderen en kwaliteit te verhogen is goed. Dit voornemen lijkt dan ook op het eerste oog sympathiek, maar zal averechtse effecten hebben en leiden tot veel hogere kosten voor aanbieders en als gevolg daarvan duurdere en minder toegankelijke kinderopvang voor ouders en kinderen.

De kostenverzwaring zal voor veel, meestal kleine en middelgrote, organisaties financieel niet te dragen zijn, blijkt uit onderzoek. Dat is een directe bedreiging voor kleinschalige opvang in bijvoorbeeld de niet-stedelijke gebieden. De kinderen verdwijnen in het informele circuit.

Organisaties moeten in veel gevallen de prijzen verhogen tot ver boven de maximale vergoeding waarover kinderopvangtoeslag wordt betaald. Prijsstijgingen tot 20 procent zijn in dit geval geen onrealistisch scenario, terwijl het Rijk slechts 4,9 procent wil compenseren. Sowieso hoge overheidsuitgaven voor een maatregel die niet eens is onderzocht op de effecten. Kinderopvang wordt voor een groot aantal ouders onbetaalbaar en onbereikbaar.

Faillissementen

De hogere kosten in combinatie met lagere opbrengsten zullen ertoe leiden dat organisaties bezuinigen op niet verplichte kwalitatieve zaken, bovendien liggen faillissementen op de loer. Daardoor komen ook de spreiding van voorzieningen in het land en de baanzekerheid van medewerkers onder druk te staan. Tegelijk is becijferd dat alleen voor deze maatregel 2500 extra gekwalificeerde medewerkers nodig zijn. Die zijn nu al niet te vinden. De maatregel lijkt daarom onuitvoerbaar, wat zal leiden tot extra overtredingen van de wet. Al met al desastreuze gevolgen voor een sector die juist na de crisis met forse bezuinigingen uit een diep dal komt en een essentiële bijdrage levert aan de groeiende economie.

Het zou verstandig zijn om de zorgen serieus te nemen en de voorgenomen maatregel niet in zijn huidige vorm in te voeren. Het wordt tijd de feitelijke implicaties en de (financiële) uitvoerbaarheid centraal te stellen. Dat zou wellicht kunnen door een significante verhoging van de kinderopvangtoeslag. Daarbij moet er ook een oplossing komen voor ouders met kinderen in opvangcentra die te maken krijgen met zulke prijsstijgingen dat de kinderopvangtoeslag die niet compenseert.

Maar eigenlijk is het beste om de alternatieven te onderzoeken. Voor het nu door het ministerie begrote bedrag zijn veel betere maatregelen denkbaar waarmee de kwaliteit wel kan worden vergroot. Denk daarbij aan het beschikbaar stellen van taakuren voor personeel, of het verplicht koppelen van huishoudelijk medewerkers, groepshulpen of pedagogisch coaches aan de (baby)opvang. De sector staat voor veilige en goede kinderopvang, waardoor kinderen zich kunnen ontwikkelen en die door toegankelijkheid ouders de gelegenheid biedt carrière en opvoeding te combineren.

De maatregel bedreigt de ontwikkeling van onze kinderen en is onuitvoerbaar in de al zo krappe Nederlandse arbeidsmarkt. Het schiet zijn doel voorbij en is een rem op de groei van de Nederlandse economie. Er moet dan ook naar betere, beschikbare alternatieven worden gekeken om de kwaliteit verder te verbeteren.

Lees ook: Eén opvang voor alle peuters bevordert gelijke kansen, zeggen scholen en gemeenten

De opvang van peuters moet anders worden aangepakt. Er moet één instelling komen voor alle kinderen van 2,5 tot 4 jaar, schrijft een landelijke coalitie van gemeenten, scholen, kinderopvangorganisaties en welzijnsclubs. Voor het eerst ligt er een plan dat dit landelijk mogelijk moet maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden