Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Laten we het barbaarse kledingstuk genaamd boerka alsjeblieft nooit normaal gaan vinden in Nederland

Opinie

Jamal Ouariachi

Jamal Ouariachi © Maartje Geels
COLUMN

Hoe noem je iemand die met een integraalhelm op zijn hoofd, met neergelaten en geblindeerd vizier, op een rijdende motor zit? Een motorrijder. 

Hoe noem je iemand die met een integraalhelm op zijn hoofd, met neergelaten en geblindeerd vizier, een bankgebouw binnenstapt? Een engerd. Een potentiële overvaller. Snel de politie bellen. Misschien is hij gewapend. Is het wel een ‘hij’, eigenlijk? Er gaat iets onmiskenbaar angstaanjagends uit van mensen wier gezicht je niet kunt zien. De ander geruststellend toelachen om je goede bedoelingen te tonen – dat kan niet als je mond onzichtbaar is.

Lees verder na de advertentie

Dit is volgens mij de meest zuivere, menselijke overweging om tegen gezichtsbedekkende kleding te zijn: gezichtsbedekking ontmenselijkt. Talloze dieren hebben ogen, maar het is de rest van het gezicht waaraan we een mens als mens herkennen. De nog in te voeren ‘Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding’, alias boerkaverbod, wordt wel gezien als rechts pesterijtje tegen moslims. Dat lijkt mij een misvatting. Het zou eerder een links standpunt moeten zijn van mensen te vragen in onze open en sociale samenleving elkaar hun gezicht te ­tonen. Het zou passen bij de klassiek-linkse strijd voor de emancipatie van achtergestelde groepen, om de boerka af te wijzen.

Je kunt niet je schouders ophalen over een kledingstuk dat vrouwen ontmenselijkt

Maar sluit je boerkadragende vrouwen met zo’n verbod niet juist uit van de samenleving? Dat valt te bezien. Als vrouwen zo’n onding gedwongen dragen, dan kun je dat zien als een vorm van mentale mishandeling, die je legitimeert door de boerka te tolereren.

Ziekenhuis

Maar de vrouwen die zeggen vrijwillig een boerka te dragen? Tja, die zullen de gevolgen van hun levenskeuzes moeten accepteren. NRC interviewde afgelopen zomer enkele boerkadraagsters in de Utrechtse wijk Lombok. Ene Najat, die met haar dochtertje van vijf regelmatig naar het ziekenhuis moet, vroeg zich af hoe dat dan zou gaan als gezichtsbedekkende kleding in zorginstellingen verboden wordt: ‘Dan moet mijn man mee, maar die werkt.’

Tja, ik mag toch aannemen dat de gezondheid van je kind belangrijker is dan een stompzinnig stuk stof voor je snoet, dus die boerka moet gewoon af bij het ziekenhuis. Bovendien: wat leer je zo’n klein meisje over waardigheid en zelfrespect wanneer je als moeder het meest expressieve en ontegenzeggelijk menselijke deel van je lichaam verborgen houdt?

Gisteren ging het op deze plek al over burgemeester Halsema van Amsterdam, die aankondigde het boerkaverbod niet te zullen handhaven. Naar de (partijpolitieke) motieven daarvoor kunnen we alleen maar gissen, maar hoe dan ook is het onbestaanbaar dat zij als links boegbeeld haar schouders ophaalt over een kledingstuk dat vrouwen ontmenselijkt en de sociale omgang tussen mensen verstoort.

Ik wil niet in Saudi-Arabië leven. Laten we het barbaarse kledingstuk genaamd boerka alsjeblieft nooit normaal gaan vinden in Nederland.

Jamal Ouariachi is psycholoog en schrijver. Voor zijn roman ‘Een honger’ ontving hij in 2017 de EU-prijs voor literatuur. Al zijn columns leest u in dit dossier.

Lees ook:

Beetje dom van Femke, zo’n gevaarlijk precedent van burgemeesterlijke ongehoorzaamheid

Ik wil best voor advocaat van de duivel spelen en mijn geprefereerde groene fee te hulp schieten: mevrouw Halsema is geen boerka- en hoofd­doek­knuf­fe­laar­ster, schrijft Sylvain Ephimenco.

Deel dit artikel

Je kunt niet je schouders ophalen over een kledingstuk dat vrouwen ontmenselijkt