Irene van StaverenBeeld Trouw

OpinieColumn

Laten we deze keer wél doorpakken

De economie staat op een kantelpunt. Of in economentaal: er is een window of oppor­tunity. En dat raam staat maar kort open. Dat is de les uit de financiële crisis. Er is te weinig doorgepakt door het kabinet, parlement, bedrijven, consumenten en toezichthouders. En toen de economie eindelijk was vlot getrokken zat het raam weer potdicht met de luiken gesloten. De hervorming van de bankensector was halfslachtig, de europroblemen waren slechts tijdelijk bezworen, en vorderingen ten aanzien van CO2 en stikstofuitstoot vrijwel afwezig.

De coronacrisis biedt een nieuwe kans. Laten we nu wel doorpakken. Voordeel is dat er nu geen excuses meer zijn om het economische roer niet om te gooien. Ten eerste laten de statistieken zien hoe beperkt het oude economische model is. Het aandeelhouderskapitalisme bevoordeelt al decennialang bedrijven en beleggers ten opzichte van werknemers en zwakkeren in de samenleving die veelal afhankelijk zijn van overheidsvoorzieningen.

Ten tweede put het model zijn belangrijkste hulpbron – de natuur – uit. Klimaatverandering, achteruitgang van biodiversiteit en uitdroging en verarming van landbouwgrond zijn geen verdienmodel, maar enorme kostenposten die elk jaar stijgen.

Ten derde is van de vrije markt die het model zo groot heeft gemaakt, steeds minder over door de marktmacht van enkele grote spelers. En die neemt jaarlijks toe – consolidatie noemen economisch strategen dat verhullend. Maar het is natuurlijk gewoon ouderwetse monopolievorming. Facebook koopt elke potentiële concurrent op. L’Oréal kocht de eens zo principiële Body Shop, een kunstje dat Unilever ­nadeed met de Vegetarische Slager.

De vierde reden dat er echt geen argument meer is tegen een fundamentele aanpassing van onze economie, is het feit dat er steeds meer alternatieve ideeën en praktijken opkomen en daar ook steeds meer mensen voor warmlopen. Ideeën variëren van de donuteconomie tot het basisinkomen, en werkgarantieplannen en praktijken van non-profit horizontale bedrijfsmodellen als Buurtzorg, tot bedrijven die hun winsten storten in een stichting die er maatschappelijk belangrijke zaken mee financiert. En nee, dat zijn lang niet allemaal geitenwollensokken­bedrijven. Ook multinationals ­zoals Bosch en Carlsberg.

We staan op een kantelpunt, en deze keer staan we er niet met lege handen, of met hooguit de inzichten van een aantal dwarse economen naar wie niet geluisterd werd. Nee, deze keer kunnen we de verandering meteen vormgeven. Hoe dan? Met de keuze welke bedrijven we wel en niet blijven steunen tijdens de crisis, en onder welke voorwaarden. Met belastinghervorming weg van arbeid en meer naar kapitaal en naar milieugebruik. En met bedrijfsmodellen waarin niet aandeelhouders de strategie bepalen, maar werknemers en langetermijnwaarden sturing ­geven.

Dit keer is de praktijk aan zet. Niet de gevestigde orde. Zolang economische opleidingen aanhangers van het aandeelhouderskapitalisme blijven afleveren ­kunnen we beter luisteren naar moedige ondernemers, kritische consumenten en beleidsmakers die te rade gaan bij economische dwarsdenkers, ook (of misschien wel juist) als die geen economie gestudeerd hebben.

Er is geen blauwdruk voor een post-corona-economie. Het is tijd voor learning by doing.

Irene van Staveren is hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de Erasmus Universiteit. Voor Trouw schrijft ze om de week een column over economie. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden