Beeld Trouw

Column Sylvain Ephimenco

Laten we Allerzielen met een vrolijke noot vieren

Ik had de vraag niet verwacht en ook niet dat er een zekere toon van weemoedigheid achter zou schuilen. Moeder (88) aan de telefoon: “Zeg, vieren ze ook Allerzielen in Nederland?” In haar stem klonk het knispergeluid van gevallen bladeren onder de zolen en haar timbre werd als door novembermist bevangen. Morgen is het Allerheiligen en overmorgen Allerzielen, de dag dat de doden herdacht worden. Of was dit een licht verwijt van haar kant? Want ik zal er niet zijn, morgen. Die ene bloem op het graf van mijn vader zal ik pas over een dikke maand samen met haar leggen.

Ieder jaar als november gloort, voel ik de drang om leven en dood te vieren. Gemêleerd en onafscheidelijk. In die maand waarin de herinnering aan de vertrokkenen consistenter wordt, ben ik ook geboren. Vorig jaar was ik er ook niet bij in het plaatsje Les Milles, voor de eerste Allerzielen na mijn vaders dood. Ik zocht elders wat troost en vond die op een klein, quasi verlaten kerkhof op de IJsseldijk, onder de rook van Rotterdam. Op de 23 praktisch vergeten graven, waar de jaartallen nog net leesbaar waren, legde ik samen met Geliefde een bloem.

Misschien zal ik morgen de kleine begraafplaats weer bezoeken. Maar dit keer wil ik te midden van al die zwijgende toehoorders het gedicht van Alphonse de Lamartine ‘Pensées des morts’ met gedempte stem voordragen:

“Het is de bleke schaduw van een vader/ die ons noemde toen hij stierf/ het is een zus, het is een broer/ uiteindelijk allen wier leven/ op een dag ontnomen/ nu onder de grafsteen fluisteren:/ jullie, die het licht zien/dragen jullie nog onze herinnering?”

Alle doden die ons zijn voorgegaan op Allerzielen gedenken is schier onmogelijk. Volgens berekeningen zouden rond de honderd miljard mensen op deze planeet eerder zijn gestorven.

Maar ik zal wel op afstand, en dus virtueel, Tineke gedenken. Zij was de oudste Trouw-abonnee die ik ooit heb ontmoet en gedurende enkele maanden bezocht. Ik was er ook toen ze haar 95ste verjaardag in het tehuis vierde. Ik leerde haar dat je dankzij een tablet de krant best kon blijven lezen ondanks een steeds slechter wordend zicht.

Tineke had waarschijnlijk om mijn laatste column moeten lachen. Daarin noteerde ik dat jongeren steeds minder krantenlezers zijn en dat senioren de grootste groep van Trouw-lezers vormen (overigens bereiken me geluiden dat mijn cijfers uit 2013 gedateerd zouden zijn en dat Trouw-abonnees verjongen). “Maar dat zijn nog broekies van zestig-plus!”, zou Tineke ongetwijfeld lachend hebben opgemerkt.

Ach, laten we Allerzielen en de lichtheid van het bestaan met een vrolijke noot vieren. Naar aanleiding van diezelfde column kreeg ik gisteren een aantal e-mails. Deze wil ik u niet onthouden: “Een kleine bemoediging: al sinds mijn middelbareschooltijd is de krant aan de ontbijttafel vaste prik. En op zaterdagochtend uitgebreid alle bijlages doorspitten, heerlijk! Ze bestaan dus echt, die jonge(re) lezers.” Was getekend: Jolijn, 21 jaar. Waarvan akte!

Drie keer per week werpt columnist Sylvain Ephimenco zijn blik op de actualiteit. Lees zijn columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden