Opinie

Landbouw kan de bijen juist wél helpen

Beeld Thinkstock

Wie regels van integriteit negeert, komt tot verkeerde conclusies, stellen Koos Biesmeijer, hoogleraar in Leiden en Vincent Kalkman van het EIS Kenniscentrum Insecten en beiden van Naturalis Biodiversity Center.

Wetenschapper is geen beschermd beroep. Iedereen kan wetenschappelijk onderzoek publiceren zonder zich aan de regels van wetenschappelijke integriteit te houden. Dit leidt tot creatief of onjuist gebruik van gegevens. De analyse van stichting Agri Facts (Trouw, 5 juni) laat zien hoe verkeerd het kan gaan. 

Ze stelt dat het bewijs dat wilde bijen doodgaan door neonicotinoïden, niet is geleverd; de bij floreert juist op het platteland. In haar analyse gebruikt Agri Facts echter methoden die de gestelde hypothese (neonicotinoïden leiden tot bijensterfte) niet testen, en trekt vervolgens conclusies die geen hout snijden.

Dat de meerderheid van de Nederlandse bijen het moeilijk heeft, blijkt onomstotelijk uit de Rode Lijst Nederlandse Bijen van 2018. De achteruitgang is 100 jaar geleden ingezet en de meest gevoelige soorten zijn decennia terug reeds verdwenen. Hiervoor zijn verschillende oorzaken: landgebruik, intensieve landbouw en toegenomen stikstofdepositie, zoals blijkt uit een reeks (inter)nationale wetenschappelijke rapporten en publicaties. Verschillende generaties landbouwgif hebben hieraan bijgedragen, inclusief de neonicotinoïden, die vanaf 1990 op grote schaal worden ingezet.

Bijensterfte

Agri Facts zegt de claim te toetsen dat neonicotinoïden de bijensterfte veroorzaken, maar doet dat niet. De organisatie gebruikt een simpele vergelijking van de trend van een soort en informatie over waar de soort voorkomt. Maar ze neemt niet, zoals dat hoort, de andere factoren mee in de analyse. Ze gebruikt niet de werkelijke waarnemingen en het verloop in de tijd, noch relateert ze die aan het landschap waar de bijen gevonden zijn.

Dat de meeste bijen zijn verdwenen en soorten zijn achteruitgegaan ver voor deze nieuwe gifstoffen op de markt kwamen, is een feit. Hieruit kun je echter niet concluderen dat neonicotinoïden onschadelijk zijn. Je zou evenzo kunnen stellen dat smartphones in het verkeer veilig zijn, simpelweg omdat de meeste verkeersdoden zijn gevallen voordat de smartphone er was.

Een recent Europees rapport (van EASAC) over de invloed van neonicotinoïden op biodiversiteit concludeert juist dat er steeds meer bewijs is dat deze stoffen sterk negatieve effecten kunnen hebben op onder andere bijen, zelfs bij hele lage concentraties.

Agri Facts constateert ook dat bijen akkers niet als biotoop kiezen en zegt: ‘Hierdoor is het uitgesloten dat een bijennest in de bodem direct in aanraking komt met bestrijdingsmiddel’. Het is waar dat in intensief beheerde akkers nauwelijks bijen nestelen, maar het is helaas niet zo dat neonicotinoïden beperkt blijven tot akkers. Op planten en in het water in de omgeving zijn deze insecticiden eveneens te vinden. Bijen verzamelen voedsel in een groot gebied rond hun nest, inclusief op bloeiende gewassen. In honing is vaak een scala aan bestrijdingsmiddelen te vinden, zelfs als de bijenkorf ver van akkers af staat.

Zoals de bijenatlas laat zien is vooral ons boerenland de meeste soorten al lang geleden kwijtgeraakt. In de huidige groene ‘grasfalt’-weilanden is vrijwel geen bij meer te vinden, waardoor een simpele bloemenrand direct leidt tot een toename (zoals Agri Facts rapporteert: bijensoorten van het platteland zijn toegenomen). En ja, er is dus ook goed nieuws: het is mogelijk om bijen en hommels te helpen, ook in de akkerbouw, bollenteelt en fruitteelt. De inzet van de partners van het Groene Cirkel bijenlandschap heeft in drie jaar tijd geleid tot een duidelijke toename in het aantal bijensoorten in de Leidse regio. Ook in het Deltaplan Biodiversiteitherstel werken agrariërs, groenbeheerders, kennispartijen, waterschappen, gemeenten en provincies samen om tot een duurzaam, leefbaar biodiversiteitrijk Nederland te komen. BIJzonder goed en het liefst zonder landbouwgif.

Lees ook:

De koeienflats is gezond, de weidegrond dus ook

In het Gelderse provinciehuis in Arnhem praatten wetenschappers, beleidsmakers én boeren over een onderzoek dat het verdwijnen van weidevogels in verband brengt met bestrijdingsmiddelen in veevoer, stro en mest. Boerenorganisaties zijn niet blij met de studie.

De landbouwlobby mengt zich in het debat over bijengif: ‘Het gaat juist goed met de bij’

Agrifacts zegt dat de bij floreert en geen last heeft van ‘bijengif’. Wat is dat voor stichting?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden