Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Laat 28 september de dag van het algemeen kiesrecht zijn

Opinie

Jeroen de Wildt

OPINIE

Er is verwarring: wanneer vieren we honderd jaar invoering van het algemeen kiesrecht? Op 28 september 2019, vindt Jeroen de Wildt, emancipatiejurist en secretaris van de Joke Smit Stichting.

Op 3 juli 1918 werd Suze Groeneweg op de lijst van de Sociaal-Democratische Arbeiderspartij (SDAP) als eerste vrouw in de Nederlandse geschiedenis gekozen tot Tweede Kamerlid. Bij de grondwetsherziening 1917 was het passief kiesrecht verleend aan alle Nederlanders boven de 30 jaar, dus ook aan vrouwen. Maar het actief kiesrecht werd alleen toegekend aan mannen (boven de 25 jaar), dus Groeneweg werd alleen door mannen gekozen. Wel liet de nieuwe Grondwet toe dat vrouwen actief kiesrecht zouden kúnnen krijgen, ‘indien en voor zoover de kieswet haar kiesbevoegd verklaart’. Maar de regering was beslist niet van plan zo’n wetswijziging voor te stellen.

Lees verder na de advertentie

Op dezelfde dag dat Groeneweg werd beëdigd tot Kamerlid, 27 september 1918, diende de vrijzinnig-democratische fractieleider Hendrik Pieter Marchant een initiatiefvoorstel in om een einde te maken aan de uitsluiting van vrouwen van het actief kiesrecht.

De dag waarop we het einde kunnen vieren van een beschamend tijdperk, waarin vrouwen wel mensen, maar nog geen burgers waren

Dat voorstel zou in 1919 wet worden. Vanaf dat moment was pas echt sprake van algemeen kiesrecht (m/v, actief en passief). Er is ook in deze kolommen heel wat afgezucht of 1917 dan niet te veel uit beeld zou raken (want: onderwijspacificatie, algemeen mannenkiesrecht, evenredige vertegenwoordiging).

En hoewel deze krant zich er voorstander van betoonde het eeuwfeest van het algemeen kiesrecht over twee jaren (2017-2019) te spreiden, vond zij het ‘vanuit de inclusieve visie op de geschiedenis en de samenleving niet meer dan logisch om het hoogtepunt van de festiviteiten in september 2019 te laten vallen’.

In werking

Ik deel die opvatting van de krant, ook waar zij in het commentaar ‘In 2019 wordt een eeuw algemeen kiesrecht ­gevierd. Maar op welke dag ?’ schrijft dat het bepalen van de feestdag een principiële keuze vergt. Zij kiest voor het moment waarop de wet in werking trad.

Maar de datum die Trouw hiervoor noemt (18 september 1919) is niet de juiste. Vergeeflijk, want vermoedelijk ontleend aan de ‘Herinneringen van Aletta Jacobs’ (p. 306). Deze formidabele dame was meer van de grote lijn, want in de betreffende passage haalt zij van alles door elkaar. Het wetsvoorstel werd niet, zoals zij schreef, op 18 september 1919 door koningin Wilhelmina bekrachtigd. Dat was al gebeurd op 9 augustus 1919 ‘ten Paleize het Loo’. En de wet van die datum was op 8 september 1919 geplaatst in Staatsblad 1919, nummer 536.

Die datum dan maar? Nee, want een wet treedt niet in werking door plaatsing in het Staatsblad. Soms gaan daar jaren overheen. En wie ooit de moeite nam om de parlementaire geschiedenis van het wetsvoorstel-Marchant te lezen weet dat dat aanvankelijk voorzag in inwerkingtreding op 1 januari 1922.

Een eitje

Uiteindelijk werd die bepaling geschrapt: de wet regelde haar eigen inwerkingtreding dus niet. Daarom zou, zoals Marchant het formuleerde, ‘de gewone regel voor het van kracht worden der wet gelden’.

Voor hedendaagse geschiedschrijvers, verwend met prachtige bibliotheken en goed gevulde databases zou het terugzoeken van de feitelijke datum van inwerkingtreding een eitje moeten zijn. Zou je denken. Maar in de hele stapel literatuur over honderd jaar algemeen kiesrecht en op alle webpagina’s die daar inmiddels over zijn gemaakt wordt de vraag naar die datum niet eens gesteld.

Zodat Trouw nog steeds niet weet waar haar principiële keuze toe leidt. Gelukkig zijn daar geen historici voor nodig. Elke jurist kan het opzoeken: van 1838 tot 1988 golden de artikelen 1 en 2 van de Wet Algemeene Bepalingen. Daarin was vastgelegd dat als een wet zelf geen datum voor de inwerkingtreding bepaalde (en er ook geen andere wet was die dat deed) die datum lag op de 20ste dag na die van de dag van plaatsing in het Staatsblad. Als we daar dus het Staatsblad van 8 september 1919 naast leggen is de uitkomst onontwijkbaar: 28 september 1919 trad het algemeen kiesrecht (m/v, actief en passief) in werking.

De Wet-Jacobs

Mineke Bosch zat er dus maar een paar uur naast toen zij in haar artikel ‘Vrouwen hadden in 1917 nog niets te vieren’ voorstelde de afsluitende herdenking te organiseren op 27 september 2019. Op die dag is het honderd jaar geleden dat de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht in het Amsterdamse Concertgebouw de verovering van het vrouwenkiesrecht ­vierde. Met een bloemenhulde voor Aletta Jacobs en een ovatie voor Hendrik Pieter Marchant, die voorstelde ‘zijn’ wet voortaan aan te duiden als de Wet-Jacobs.

Misschien moeten we het vrouwenkiesrecht voortaan maar op 27 september herdenken: de dag waarop in 1918 Suze Groeneweg Kamerlid werd en Hendrik Pieter Marchant zijn initiatiefvoorstel indiende. En waarop in 1919 de strijders (v/m) voor het vrouwenkiesrecht hun overwinning vierden.

Dan kan 28 september voortaan de dag van het algemeen kiesrecht zijn, de dag waarop we gezamenlijk het einde kunnen vieren van een beschamend tijdperk, waarin vrouwen wel mensen waren, maar nog geen burgers.

Lees ook:

De eerste vrouw in de Tweede Kamer kreeg veel onderbroekenlol te verduren

Nadat Suze Groeneweg (SDAP) in de Tweede Kamer een speciale kamer kreeg toegewezen waar ze haar toilet kon maken, heette het gangetje ernaartoe het Groenewegje. Grappig, als het niet een verwijzing naar de Haagse hoerenbuurt was geweest. 

Deel dit artikel

De dag waarop we het einde kunnen vieren van een beschamend tijdperk, waarin vrouwen wel mensen, maar nog geen burgers waren