Kleuterniveau

null Beeld

Aan de vooravond van een nieuwe verkiezingsoverwinning van Geert Wilders en zijn PVV zijn deskundigen bezig de structuur van zijn succes te ontleden. Het gaat nu veel minder om de inhoud van de boodschap. Die is overbekend en heeft in de loop der jaren al aanleiding tot tal van analyses gegeven.

Sylvain Ephimenco

Interessanter is dat dezer dagen verschillende specialisten zich meer over de vorm buigen. De taaldeskundigen die door de kranten worden geraadpleegd zijn eensgezind: Wilders weet door de helderheid van zijn discours direct en diep tot de psyche van zijn potentiële kiezer door te dringen. Met het woord helderheid heb ik wat moeite. Je kunt iets ingewikkelds helder maken en dat is een kunst.

Zoiets doet Wilders niet. Zoals de meeste populisten is hij vooral bezig met simplificatie. Een vrij gewoon verschijnsel waar je niet heel veel voor moet doen. Je moet vooral nuances weglaten, je op je selectieve keus concentreren en de neiging die je voelt opkomen om uit te wijden en zijpaadjes in te slaan de kop indrukken. Dit laatste is al ingewikkelder. Publieke figuren die gebruikmaken van de audiovisuele media willen hun publiek het liefst overbluffen. Met een klinkende retoriek, complexe formules of door hun eruditie tentoon te spreiden.

Wat dat betreft was de Franse (extreemrechtse) populist Jean-Marie Le Pen een uitzondering: hij sprak een archaïsche en gelikte taal doorspekt met bon mots die een markies uit de 17de eeuw hem had kunnen souffleren. Dit risico neemt Wilders niet. Hij spreekt in korte en in weinig tot de verbeelding sprekende zinnen en zijn bon mots zijn meestal grof of ontleend aan het straatvocabulaire: spuugzat, knettergek, lafaard, zieke geesten. Kortom het hoeft niet gekker te worden want het werkt kennelijk prima.

Specialisten noteren dat hij vaak in oorlogstermen praat, weinig bijzinnen gebruikt, niet bombastisch maar wel emotioneel, en natuurlijk de feiten met overdrijving overgiet. Allemaal waar. Maar wat in een zaal of door een microfoon goed werkt, wordt een regelrechte ramp wanneer het op papier wordt neergezet. Omdat je als lezer alle tijd kunt nemen om stijl en formules te evalueren.

Wat dat betreft is het opiniestuk dat Wilders (met aanhangwagen De Graaf) zaterdag voor Trouw schreef een prul. Het doet pijn aan je ogen en verstand. Voornamelijk omdat de PVV-leider schrijft zoals hij praat, en dat werkt niet. De auteur weet zich niet te matigen en giet zoveel saus over zijn magere uiteenzetting dat je er snel van gaat kokhalzen. Bij hem is het gif sluipend, het kwaad het grootste, islamisering volledig. De vondsten worden zo vaak herhaald (sharia-infiltraties, vijf keer) dat ze hun kracht verliezen. De overdrijvingen zijn dan net te veel over de (vette) rand om serieus te worden genomen: inquisitie der linkse kerk, shariasocialisten. En daarbij weet hij zijn pleidooi niet met raffinement af te sluiten. Zijn laatste zin 'een shariaverbod moet er echt komen' is van kleuterniveau en het woord 'echt' is hier overbodig en contraproductief. Conclusie: Wilders moet niet gaan schrijven, want brullen gaat met pen en papier altijd fout.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden