OpinieJeugdzorg

Jeugdzorg doen we met z’n allen

Stop met het vingertje naar de ander te wijzen. Daar is geen jongere of hulpverlener bij gebaat, stelt Martin Wörsdörfer, VVD-woordvoerder jeugdzorg in de Tweede Kamer.

Bij verbeteringen in de jeugdzorg moeten we stoppen met zwartepieten. De opinie van de Zoetermeerse wethouder Jakobien Groeneveld in ‘Gemeenten verzuipen bij zorg voor kinderen, en niemand komt met een oplossing’, waarin ze naar het Rijk wijst (Opinie, 4 juli), is een goed voorbeeld hoe het niet moet.

Als ik van al mijn gesprekken met jongeren, ouders, jeugdinstellingen, lokale bestuurders en andere betrokkenen één ding heb geleerd, is het wel dat we niet met het vingertje moeten wijzen naar fouten van een ander.

Het is beter als elke betrokken partij in de spiegel kijkt en ziet waar hij zelf zaken moet verbeteren. Dat veel gemeenten in financieel zwaar weer zitten, ontkent niemand. Dat er binnen jeugdzorg zaken beter moeten, ook niet. Maar naar elkaar wijzen betekent met elkaar druk zijn. Wat hebben jongeren en hulpverleners daaraan?

De jongere en de ouders moeten leidend zijn

We moeten het samen doen. De jongere en zijn of haar ouders moeten daarbij leidend zijn. Krijgen zij de zorg die nodig is? En is het op tijd? Vanzelfsprekend moet het ook efficiënt – je moet ook kijken naar waar het geld aan uitgegeven wordt.

Het is onverteerbaar als een jongere met meervoudige problemen bij een zorginstelling na maanden op een wachtlijst, eindelijk een intake krijgt en dan hoort: ‘Sorry, maar jouw problematiek is te ingewikkeld’, en wordt doorgestuurd.

Als ouders die op zoek zijn naar een plek voor hun kind van het kastje naar de muur worden gestuurd met een ‘Sorry, we hebben hier geen plek’, of ‘Nee, de wachtlijst laat het niet toe, probeer het eens aan de andere kant van Nederland’. Het gezin dat tientallen verschillende gezichten van hulpverleners voorbij ziet komen. Of het kind dat ál te makkelijk wordt doorverwezen naar zogenoemde zware zorg.

Ik snap goed dat gemeenten grip willen krijgen op de stijgende behoefte aan jeugdzorg. Dat kan ook. Door praktijkondersteuners in te zetten bij degenen die doorverwijzen, zoals huisartsen. Dat levert minder en betere doorverwijzingen op.

Gemeenten bepalen zélf wat aan jeugdhulp wordt aangeboden, dus effectieve hulp inkopen en geen generieke keuzemenu’s waar jan en alleman diensten kunnen aanbieden. Door zélf in regionaal verband afspraken te maken over voldoende goede plek in de regio. Zodat wachtlijsten verkort worden.

En door zelf het administratieve systeem te versimpelen, zodat minder tijd in Excel-verantwoording gaat zitten. Bijkomend voordeel: minder verloop bij hulpverleners, meer tijd voor zorg en minder verschillende gezichten.

Financiële druk

Natuurlijk moet er voldoende geld zijn. Terecht dat het kabinet extra geld heeft uitgetrokken om voor 2019, 2020 en 2021 de financiële druk vanwege jeugdzorg bij gemeenten te verminderen. Er wordt onderzocht in hoeverre dat structureel moet worden. Tegelijk zou het vereenvoudigen van administratieve criteria flink moeten gaan schelen op zogenoemde coördinatiekosten waar nu bijna 30 procent van de jaarlijkse 4 miljard euro naartoe verdwijnt.

Er zijn ook verbeteringen nodig bij instellingen, het Rijk, en, niet onbelangrijk, ook ouders mogen aangesproken worden op hun eigen verantwoordelijkheid.

Opvoeden ís moeilijk af en toe. Niet alles kan of moet met jeugdhulp opgelost worden. Laat ook hulpverleners zich dat realiseren. Dan neemt de vraag naar jeugdzorg zeker af.

Tot slot citeer ik, net als Groeneveld, Jack Nicholson in zijn rol van Melvin Udall: “What if this is as good as it gets?” Ik neem daar geen genoegen mee. In de spiegel kijken en samen aan de slag. Dat geldt ook voor mij, dus waar ik iets kan of moet betekenen, iedereen kan bij mij terecht. Zodat de jongere op tijd en efficiënt de zorg krijgt die nodig is.

Lees ook:

Gemeenten verzuipen bij zorg voor kinderen, en niemand komt met een oplossing

Gemeenten kunnen de toenemende vraag naar jeugdzorg niet aan, aldus wethouder Jakobien Groeneveld (Zoetermeer, GroenLinks).Laat het Rijk eens echt luisteren.

Jeugdzorgmedewerkers vertellen over de jongere die hun kijk op de zorg veranderde

Laten we in tijden van hoge werkdruk en personeelstekorten niet vergeten wat voor moois er gebeurt in de jeugdzorg: dat is de boodschap van het boek ‘Die ene jongere’. Twee jeugdzorgmedewerkers vertellen over de jongere die hun leven veranderde. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden