COLUMN

Je voelt het aankomen: George Soros is Joods, vermogend, invloedrijk, dat vraagt om antisemitisme

Stevo AkkermanBeeld Trouw

Nu ook Thierry Baudet zijn pijlen begint te richten op George Soros en een onderzoek verlangt naar diens ‘nooit onderzochte geldstromen’, schieten mijn gedachten terug naar een van de wonderen na de val van het communisme. 

Er was een man die uit eigen zak betaalde voor een nieuwe universiteit, bedoeld voor studenten van binnen en buiten Midden-Europa, zodat een intellectuele kruis­bestuiving zou plaatsvinden. En dat in het tot dan toe geïsoleerde Praag – wat een prachtig initiatief. Die man was de miljardair George Soros, en zijn geesteskind was de Central European University.

Toen ik er ging kijken, ik denk dat het in 1992 was, viel ik in een college van de filosoof Ernest Gellner. Geen idee meer wat hij zei, maar alleen al het feit dat hij hier doceerde, sprak boekdelen: geboren in een Tsjechisch-Joods gezin, na de oorlog gaan studeren in Groot-Brittannië, naam gemaakt als wetenschapper, nu terug in Praag om een nieuwe generatie op te leiden. Waarbij hij vooral waarschuwde ­tegen ‘gesloten denksystemen’, wat ook de missie was van Soros’ stichting; de Open Society Foundation.

Maar alles wat Soros deed, stuitte direct op tegenstand. De anti-Europese premier Vaclav Klaus dwong hem al in 1993 zijn universiteit te verhuizen van Praag naar Boedapest, en 25 jaar later dreigt premier Viktor Orbán hem ook daar weg te sturen. Overal is het voormalige Oostblok in de ban van een negentiende-eeuws nationalisme, dat haaks staat op de idealen van de 87-jarige Soros, die gelooft in een wereld van internationale samenwerking, democratie, rechten voor minderheden en migranten. Zaken die een tijd lang golden als westerse verworvenheden, maar nu ook bij ons gretig in diskrediet worden gebracht. Hetzelfde nationalisme dat in het Oosten het vacuüm vulde dat het communisme naliet, rukt op in het Westen door de onvrede over neo-liberalisme en globalisering. En zo kon George Soros in Oost én West uitgroeien tot de ideale demoon.

Geen middel geschuwd

In de oorlog die men tegen hem voert, wordt geen middel geschuwd. Soros werd in 1930 in Hongarije geboren als György Schwartz, en dat hij als Jood de oorlog overleefde, was te danken aan het feit dat zijn vader een niet-Joodse ambtenaar betaalde om de jongen als ‘pleegzoon’ in zijn gezin op te nemen. Hij emigreerde na de oorlog en verdiende miljarden als belegger – je voelt het aankomen: Joods, vermogend, invloedrijk, dat vraagt om antisemitisme. 

En dat is er volop, niet alleen in de meest grove vorm op sociale media (‘Soros verkocht mede-Joden voor geld aan de nazi’s’), maar ook geraffineerder, via aloude mythes. Orbán bedient zich daarvan als hij spreekt over een ‘tegenstander die anders is dan wij, niet direct, maar slinks, niet eerlijk, maar vals, niet nationaal, maar internationaal, niet werkend voor zijn geld, maar speculerend, zonder eigen land omdat hij denkt dat de hele wereld van hem is’.

Elke Soros-criticaster die niet-antisemitisch is, en die zijn er natuurlijk, zal afstand nemen van dergelijke mythes en zijn woorden zorgvuldig kiezen. Ik geloof dat Baudet daarin tekortschoot.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de 'keiharde nuance' en het 'onverbiddelijke enerzijds-anderzijds' preekt. Lees meer columns op trouw.nl/stevoakkerman.

Lees ook:

'Huurlingen' van filantroop Soros onder vuur in Hongarije

Organisaties die kritisch staan tegenover de regering hebben het moeilijk in Hongarije. In Pecs wordt mensenrechtenclub AEE het werken onmogelijk gemaakt

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden