null

OpinieEnergie

In plaats van meer groene energie produceren, moeten we onze energievraag zo klein mogelijk maken

Beeld

Met zonnepanelen mag je een hoog energieverbruik compenseren en je woning ‘nul op de meter’ noemen. Dat is misleidend. In plaats daarvan moeten we focussen op het zo klein mogelijk maken van onze energievraag, vindt ingenieur Chris Zijdeveld.

Chris Zijdeveld

Ons elektriciteitsnet piept en kraakt. Dat is geen verrassing. Het is een gevolg van het feit dat overgaan op elektriciteit wordt gezien als dé oplossing voor ons energieprobleem.

Maar die elektriciteit moet eerst ergens worden opgewekt en wordt meestal elders gebruikt. Het kost energie om het op te wekken en er is een elektriciteitsnet nodig om het bij de gebruiker te brengen. We zouden er dus zo min mogelijk van moeten gebruiken. En daar gaat het fout. Drastische vermindering van ons energiegebruik verdient de hoogste prioriteit, maar regelgeving stuurt de andere kant op.

Laten we eens kijken naar twee gebieden. Voor een gemiddeld gezin gaat de meeste energie naar het verwarmen van de woning, met als tweede grootgebruiker de auto die voor de deur staat.

Eerst de woning. Tot voor kort kon een nieuwbouwhuis dat lang niet zo zuinig was als – eenvoudigweg – had gekund, worden ‘goed gerekend’ met de opbrengst van zonnepanelen op het dak. Gedeeltelijk ‘goed rekenen’ mag nog steeds. Projectontwikkelaars hebben die gemakzuchtige ‘oplossing’ omarmd.

Onnodige netbelasting

Onnodig hoog energiegebruik in de winter werd ‘goed gerekend’ met de zomerse opbrengst van de zonnepanelen. Dat geeft tweemaal onnodige netbelasting. In de zomer vanuit de woning en in de winter naar de woning toe. En als de woning niet optimaal is ontworpen is dat winterse energietransport zelfs onnodig hoog. Zulke huizen worden soms energieneutraal of ‘nul op de meter’ genoemd. Legitiem, maar misleidend.

De gevolgen daarvan worden zichtbaar. Omdat ze ’s zomers, wanneer er ter plekke nauwelijks vraag is, de meeste elektriciteit leveren, moet die in het net worden gedumpt. Dat net is daar nooit op berekend geweest. En piept en kraakt dus. Terwijl in de winter ook nog onnodig veel stroom van het net wordt gevraagd. Dat gaat dus fout.

Beter is het om woningen op de zon te oriënteren en in plaats van een dure baksteenafwerking een afgepleisterde isolatielaag toe te passen. Zuidoriëntatie kost niets en de voorgestelde (en bewezen) muurconstructie is per vierkante meter nog goedkoper ook. In Schiedam wordt in ongeveer 6000 woningen, die tussen 1980 en 1994 met een mix van deze principes zonder meerkosten zijn gebouwd, nog steeds elk jaar weer tezamen 6 miljoen kubieke meter gas uitgespaard.

Met de inmiddels beschikbare techniek kan de laagstaande winterzon voor nieuwbouw, samen met de lichaamswarmte van de bewoners, het grootste deel van de benodigde warmte leveren.

Zwaar gesubsidieerde SUV’s

Dan de auto. De bekendste elektrische auto weegt 2,5 ton en verplaatst doorgaans 80 kilo mens. Alleen omdat die elektrisch is, wordt die zwaar gesubsidieerd. Datzelfde gebeurde met grote SUV’s die op een excuus-elektromotor een kilometer of 40 kunnen rijden. Voor deze auto’s gelden dezelfde natuurwetten als voor andere. Hoe zwaarder, hoe hoger de rolweerstand. Hoe groter het frontaal oppervlak, hoe hoger de luchtweerstand. Luchtweerstand is ook nog afhankelijk van het kwadraat van de snelheid. Bij 130 km per uur dus bijna 70 procent hoger dan bij 100 km. Al die weerstand moet met energie worden overwonnen.

Ook voor elektrische auto’s moet die energie elders worden opgewekt. De genoemde voorbeelden vragen bovendien onnodig grote hoeveelheden elektriciteit. Eigenaren praten zulke auto’s goed met zonnepanelen op hun dak. Dat klopt alleen als ze overdag worden opgeladen. Nu draagt het piepende en krakende elektriciteitsnet weer de consequenties.

Spraakgebruik strooit ons meer zand in de ogen. Van windturbines wordt gezegd voor hoeveel gezinnen ze stroom kunnen leveren. Die turbine levert in een jaar misschien wel zoveel elektriciteit als die gezinnen gebruiken, maar vaak niet op de momenten dat daaraan behoefte is.

Herbezinning

In diezelfde valkuil is de NS beland, die stelt dat de treinen rijden op windenergie. In werkelijkheid koopt de NS per jaar evenveel windenergie als die treinen over een jaar gebruiken. Maar die staan echt niet stil als het niet waait.

Het wordt tijd voor een herbezinning op onze energietransitie. Geen loze modekreten slaken, maar energiebesparing prioriteit geven. En vooral in de zomer opgewekte zonne-elektriciteit niet misbruiken om een onnodig hoge energievraag in de winter weg te praten. Gelukkig bewijzen de genoemde voorbeelden dat met minder kosten dan vaak wordt gevreesd veel meer kan dan nu gebeurt.

Pas als we de energievraag drastisch minimaliseren maken we kans om het grootste deel uit duurzame bronnen te betrekken. Alleen ‘all electric’ roepen is een schijnoplossing.

Lees ook:

Het stroomnet is niet klaar voor de klimaatdoelen: de kabels zijn te dun voor alle duurzame energie

Het elektriciteitsnet piept en kraakt. In Amsterdam blijken de kabels soms te dun om nieuwe stroomklanten aan te sluiten. In grote delen van het land bieden ze geen ruimte voor wind- en zonnestroom. Het is een ‘historische opgave’ om de kabels te moderniseren.

Aantal oplaadpunten voor elektrische auto’s stijgt, maar voor hoe lang?

Het kost de groene autorijder steeds minder moeite een oplaadpunt voor de elektrische auto te vinden. Nederland telt begin dit jaar namelijk ruim 27 duizend stroomplaatjes, anderhalf keer zoveel als vorig jaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden