In Nederland moet de rechter altijd met argumenten komen

Rechter Kester, voorzitter van Laethem en rechter van Leeuwen in de rechtbank in Arnhem voor de uitspraak van de Posbankmoord. Beeld ANP

Een rechter die op zijn intuïtie afgaat, zul je in Nederland niet tegenkomen, stelt Han Jongeneel, strafrechter bij de rechtbank van Amsterdam.

Rechters moeten niet op hun intuïtie afgaan, zo betoogde hoogleraar rechtspsychologie Harald Merckelbach onlangs in deze krant. De kop boven het artikel zegt: ook rechters koersen op hun intuïtie.

Van binnenuit (ik ben twintig jaar rechter, waarvan vijf jaar strafrechter) kan ik zeggen: rechters realiseren zich heel goed dat zij niet op hun intuïtie moeten afgaan. En het wettelijk systeem dwingt rechters ook hun beslissing te beredeneren.

Volgens het Wetboek van Strafvordering kan de rechter een feit alleen bewezen verklaren als hij 'door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging heeft bekomen'.

Gewikt en gewogen

Bij die 'overtuiging' kunnen intuïtieve oordelen wel een rol spelen, maar er moet (allereerst) voldoende bewijs zijn. Bovendien is de rechter verplicht in het vonnis in te gaan op uitdrukkelijk voorgedragen standpunten van de verdediging of de officier van justitie. Een alternatief scenario van de verdediging zal (als het niet tot vrijspraak leidt) met argumenten moeten worden weerlegd.

De praktijk van het overleg in de raadkamer is dan ook dat er wordt gewikt en gewogen: welk bewijs is er, hoe betrouwbaar is dat, is dat genoeg of onvoldoende voor veroordeling? En als er een alternatief scenario is, dan zal dat worden afgewogen tegen het door de officier van justitie geschetste scenario. Uiteindelijk moet er een vonnis komen waarin de beslissing wordt gemotiveerd, met opsomming van de bewijsmiddelen.

De rechtspraak van de Hoge Raad stelt als eis dat het vonnis begrijpelijk moet zijn en inzicht moet geven in de gedachtegang van de rechter, ook om toetsbaar te zijn voor een hogere rechter bij hoger beroep of cassatie.

Rationeel

In het wettelijk systeem speelt de overtuiging een corrigerende rol, in die zin dat als het bewijs voldoende is, toch geen bewezenverklaring kan volgen als de rechter er niet van overtuigd is dat de verdachte schuldig is.

Maar andersom kan niet: als het bewijs onvoldoende is, kan de rechter niet veroordelen, ook al zegt zijn intuïtie dat verdachte schuldig is.

Als rechters in de raadkamer met elkaar overleggen over de schuldvraag, is dat dan ook in de praktijk een heel rationele discussie. Rechters scheiden de vraag of het bewijs voldoende is van de vraag of zij 'denken dat verdachte het gedaan heeft'. Regelmatig zeggen rechters tegen elkaar: ik heb wel de overtuiging dat verdachte schuldig is, maar ik zie in deze zaak onvoldoende bewijs om tot een veroordeling te komen.

Kern van waarheid

Is dit nu een perfect systeem dat alleen maar tot goede beslissingen leidt? Nee, er zit zeker een kern van waarheid in het betoog van Merckelbach. En dat is dat rechters zich in hun rationele afwegingen toch onbewust mede kunnen laten leiden door hun intuïtieve oordeel. Hiertegen bestaat maar één medicijn: een grondige discussie waarin alle voors- en tegens van alle in het strafproces naar voren gebrachte argumenten goed worden afgewogen. Al blijft dat mensenwerk.

Merckelbachs voorbeeld van een rechter die meent louter op intuïtie te kunnen blindvaren en die vindt dat hij zijn inzicht niet nader hoeft toe te lichten of te rechtvaardigen, is een voorbeeld van een Amerikaanse rechter.

In Nederland kom ik zulke collega's niet tegen. Ik denk dat ze er niet zijn, omdat het Nederlandse strafprocesrecht dwingt tot een met argumenten onderbouwd vonnis.

Lees ookWaarom het een slecht idee is om op je gevoel af te gaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden