Wat is daar nou erg aan?Leonie Breebaart

In deze salon zette ik eerder een komma dan een punt

null Beeld Trouw
Beeld Trouw

Op 9 mei 1945, 75 jaar geleden, paradeerden voor het Koninklijk Paleis op de Dam journalisten van de voorheen illegale kranten Trouw en De Waarheid, naast hoogwaardigheidsbekleders. Mijn moeder, 15 jaar oud, had het geluk het defilé te bekijken vanuit de ministeriekamer van de Nieuwe Kerk, waar haar vader net de preek ‘Gods vijanden vergaan’ had uitgesproken. Het besef dat vrijheid en vrije journalistiek onlosmakelijk bij elkaar horen, heeft haar nooit meer verlaten; tot op hoge leeftijd bleef ze een fanatiek lezer van de krant.

Dit jaar heb ik me vaak afgevraagd wat het betekent dat de bezetting 75 jaar achter ons ligt. Beseffen we nog hoe de krant de vrijheid kan steunen, vieren en bevorderen?

Als je ziet waar alle journalistieke prijzen heen gaan, lijkt me dat besef op zijn minst verarmd. Want het lijkt wel alsof er nog maar op één terrein de scoren valt: de onderzoeksjournalistiek en dan vooral het onthullen van feiten en fouten die werden verdonkeremaand door ministers, overheidsinstanties, machtige bedrijven en branches. Ook Trouw heeft daar de afgelopen jaren mee gescoord: denk aan de Panamapapers, sjoemel­- sigaret, oorlogsmaterieel voor Syrië, de Belastingdienst. Die noeste arbeid heeft deze krant fraaie prijzen en bijbehorende status opgeverd.

Spitten naar geheimen is zeker één manier om de vrijheid te dienen, maar we moeten oppassen een andere taak van de krant niet te devalueren, alsof het zomaar om een ‘meningencircus’ gaat. De krant is ook een podium voor publiek de­bat en daar zou ze best trotser op mogen zijn.

Het is geen toeval dat Jürgen Habermas (één jaar ouder dan mijn moeder) in een ‘machtsvrije dialoog’ tussen burgers hét antwoord zocht op de leugens en de tirannie van het Derde Rijk, dat hij als Duitse jongen nog had leren kennen.

Natuurlijk: of er zoiets bestaat als ‘machtsvrije dialoog’ is zeer de vraag. De achttiende-eeuwse salons en koffiehuizen waarop Haber­mas zijn ideaal projecteerde, lieten tenslotte maar een klein clubje burgers aan het woord. En tegenwoordig vraagt elke serieuze krant zich terecht af of dezelfde partijen en namen niet te vaak het woord krijgen (‘kan die Bree­baart niet eens weg?’). Echt machtsvrij wordt het publieke debat nooit, maar je kunt blijven streven naar een dialoog waarin argumenten zwaarder wegen dan machtsposities, geheime belangen, een ons-kent-onsmentaliteit.

Het katern dat u nu leest, was niet de be­roerd­ste opvolger van Habermas’ literaire salon, met een ereplaats voor boeken.

Mij heeft Letter&Geest in elk geval prettig aan het denken gezet. Mijn eigen bijdrage er­aan – ‘Wat is daar nou erg aan?’ – heb ik vooral bedoeld als uitnodiging tot verder denken; eerder als kom­ma dan als punt.

Niets stemde me dan ook zo tevreden als het bericht dat een column leid­de tot verdere discussie, aan tafel, op school, bij de koffie-automaat.

Want wantrouwen is een journalistieke deugd, maar zonder vertrouwen in de mogelijkheid dat de ander gelijk zou kunnen hebben, verpietert het debat waarop elke vrije samenleving gebouwd is.

Leonie Breebaart is filosoof en redacteur van Trouw.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden