Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

In de Verenigde niet-Staten van Amerika heeft niemand het over Trump

Opinie

Rob Schouten

© Maartje Geels
Column

Ik rijd deze dagen weer eens door mijn geliefde Amerika, de Verenigde Staten van, en merk niks van Trump, Donald, 's lands president. 

Ik ben hier nu een week en zijn naam is nog niet één keer gevallen. Het land lijkt wel te groot om zich met zoiets onbenulligs als zijn president bezig te houden.

Lees verder na de advertentie

Zeker, ze hebben hem zelf verkozen maar dat lijkt een gekkigheid uit het verleden. 'The world is going into pieces', vertelt een Amerikaanse Vietnamveteraan met twee kunstbenen waarop hij als blade-runner kan springen, ons terwijl hij ons vanwege Memorial Weekend een poppy (kunstbloempje genoemd naar de papavervelden naast de dodenakkers in Vlaanderen gedurende de Eerste Wereldoorlog) opspeldt, maar wiens schuld dat is zegt-ie er niet bij.

Europa is heel wat geobsedeerder met de Amerikaanse president bezig dan de Amerikanen zelf. Ik herinner me dat precies zo uit de tijd dat ik hier rondreed in de Reagan- en Bushtijdperken, vijftien en dertig jaar geleden, die ons Europeanen vaak maar matig bevielen. Wij maakten ons er druk over, maar in Amerika zelf merkte je er niks van. De staat is in de VS eigenlijk heel ver weg van het dagelijks leven. Zo willen Amerikanen dat: een chef die zich niet tegen je aan bemoeit.

In de Verenigde Staten bestaat, anders dan de naam suggereert, de staat voornamelijk uit verkeersborden en stoplichten

Niet zaniken

De Nederlander daarentegen is een soort verlengstuk van de staat, hij is zogezegd verstatelijkt. Een gemiddeld gezin bij ons geniet naar het schijnt dertien verschillende soorten toelagen en uitkeringen van de staat, onze kinderen studeren op staatsbeurzen, de staat vertelt ons wat goed voor ons is, helpt ons te leven.

In de Verenigde Staten bestaat, anders dan de naam suggereert, de staat voornamelijk uit verkeersborden en stoplichten die zeggen dat je niet meer dan 65 mijl mag rijden en dat het gevaarlijk is om hier of daar te lopen, en als je het toch doet moet je straks niet komen zaniken dat er iets fout gaat. De staat is de sheriff (die je trouwens zelf hebt gekozen, naast de burgemeester, de rechter en de officier van justitie), die je aanhoudt omdat je de wet overtreedt, hij is formeel aanwezig maar verder heb je er overdag geen enkele last van.

Nederlanders zijn staatsburgers, Amerikanen individualisten die zo nu en dan tegen een piketpaaltje van de staat aanlopen. Het verschil wordt misschien wel belichaamd door het verschil in kijk op motorclubs. In Nederland is iedereen op een Harley Davidson en een duivels vignet op z'n rug een engerd die in de gevangenis thuishoort omdat-ie niet naar de staat wil luisteren, in Amerika is het een vrije vogel die à la Easy Rider over de eindeloze wegen rijdt, liefst met een vrouw achterop.

Op Memorial Weekend, vorige week, zag ik ze allemaal aan komen rijden, woeste baarden, getatoëeerd, piratendoeken om het hoofd gewikkeld, ruwe bonken maar toch eigenlijk goeie kerels met wie je een praatje kunt maken. Bikers welcome, zeggen de motels en cafés, waar je ook Rough Riders Condoms kunt kopen.

Ze vinden het eigenlijk wel stoer, die vrije jongens die de staat zoveel mogelijk aan hun laars lappen.

Eerdere columns van Rob Schouten leest u hier.

Deel dit artikel

In de Verenigde Staten bestaat, anders dan de naam suggereert, de staat voornamelijk uit verkeersborden en stoplichten