Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Ik vraag de Friese melkveehouder of hij niet vindt dat ik hem geld verschuldigd ben, hij lacht

Opinie

Marjolijn van Heemstra

© Jörgen Caris
Column

Als ik zijn nummer heb gevonden duurt het nog dagen voor de Friese melkveehouder tijd heeft om te praten. Hij is steeds bezig als ik bel, op de achtergrond hoor ik het loeien en stampen van zijn koeien.

Maar nu heb ik beet. Het werk is gedaan, hij zit op een stoel. Hij weet waarvoor ik bel, dat heb ik hem in mijn eerste telefoontje verteld. Het gaat om de munten die zijn berooide vader en grootvader in de jaren dertig vonden op het land van een vermogende Van Heemstra die de schat vervolgens in bezit nam en geen vindersloon uitkeerde. Zijn vader vertelde er vijfenzeventig jaar later over in een documentaire die ik toevallig zag en die mij ongemakkelijk maakte.

Lees verder na de advertentie
Misschien, zegt de zoon, dacht mijn grootvader dat die beloning wel zou komen

De grootvader en vader zijn inmiddels overleden maar de zoon kent het verhaal. Voor zover hij weet is zijn vader er nooit kwaad om geweest. Het waren gezagsgetrouwe mensen, die generaties voor hem. Gezagsgetrouw en arm. Zeven kinderen had zijn grootvader en nauwelijks genoeg om de pacht aan Van Heemstra te betalen. Toen die de pachtprijs wilde verhogen sprak zijn grootvader de notaris wanhopig toe: u heeft mijn zweet al, wilt u nu ook nog mijn bloed?

Dus ja, dat vindersloon had wel wat uitgemaakt. Maar hoeveel dat dan geweest zou zijn? De zoon weet niet wat de munten waard waren. Misschien, zegt hij, kunnen ze u dat in Dokkum vertellen, in het museum waar een deel ervan terechtkwam.

Jongensfantasie

Hij zou het graag willen weten. Het verhaal van de vondst deed vroeger zijn verbeelding op hol slaan en mijn eerste telefoontje heeft die jongensfantasie tot leven gewekt. Eergisteren had hij het met zijn broer weer eens over ‘de schat van pake’.

Zijn vader, zegt hij, heeft hem ooit verteld dat er nog meer zou liggen, maar dat er na hun vondst nooit meer op de juiste plek gezocht is. “Hij heeft het me aangewezen, een natte plek op het perceel waar onder de grond de oude put nog zou liggen.” Inmiddels is die put gedempt.

Als jongetje vroeg de melkveehouder zich af waarom zijn vader en grootvader die schat niet gewoon hielden, maar misschien, zegt de zoon, dat mijn grootvader dacht dat die beloning uiteindelijk wel zou komen, het was een lieve man, hij vertrouwde de macht. Hij kon ook niet anders.

Ik vraag de melkveehouder of hij niet vindt dat ik hem geld verschuldigd ben. Hij lacht en vraagt naar mijn vermogen.

Schrijfster en theatermaakster Marjolijn van Heemstra denkt na over geld en wat van waarde is. Lees hier eerdere columns.

Deel dit artikel

Misschien, zegt de zoon, dacht mijn grootvader dat die beloning wel zou komen