ColumnStevo Akkerman

Ik ben huiverig voor het woord schuld

Op 4 mei schreef ik op deze plaats over het boek Ondergang van Jacques Presser, ‘de geschiedenis van een moord, tevens massamoord’. En ik haalde Jan Blokker aan, die in 2005 bij de heruitgave van dit werk over de vernietiging van het Nederlandse Jodendom opmerkte dat het niet alleen ging om een moord, maar ook om een verzuim – het verzuim van een samenleving die de Joden liet wegvoeren ‘zonder veel meer dan een kik te geven’. Pas vijftien jaar later, in januari 2020, was de Nederlandse regering zover om te erkennen dat de stilte te groot was geweest en dat het overheidshandelen tekort had geschoten.

In reactie kreeg ik een brief van een lezer, die verhaalde over zijn jeugd in Rotterdam. Als achtjarige jongen had hij de fietsbanden van de jongens van de Hitlerjugend lek geprikt, dat was zijn belangrijkste verzetsdaad. Maar om die anekdote ging het hem niet, het ging hem om het verwijt dat de generatie van zijn ouders te passief was geweest. Mijn ouders waren laag opgeleide, eenvoudige mensen, schreef hij. Joodse mensen kenden zij niet. Wat hadden zij in vredesnaam kunnen doen?

Ik kon me die vraag wel voorstellen, en antwoordde dat de excuses van de regering betrekking hadden op het handelen van het overheidsapparaat, dat zich ten dienste had gesteld van de bezetter. Dat is nog geen oordeel over gewone burgers die probeerden te overleven – aan zo’n oordeel zou ik mijzelf ook niet durven wagen, wie zegt dat ik een held zou zijn geweest?

Behoefte aan helderheid

Dit alles schoot me te binnen bij de schuldbekentenis die verschillende protestantse kerken de komende weken zullen uitspreken. Ter gelegenheid van de herdenking van de Kristallnacht willen ze erkennen ‘nalatig te zijn geweest toen om ons heen Joodse medeburgers werden opgepakt en afgevoerd; wij hebben dat laten gebeuren’. Deze woorden komen uit de verklaring die in diverse orthodox-gereformeerde kerken zal worden voorgelezen, de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) komt met een eigen tekst van soortgelijke strekking. Ik ben niet zo’n kerkganger, maar het houd me wel bezig. Om niet te zeggen dat het me in verwarring brengt. Ik wil het verzuim waar Jan Blokker over sprak niet wegredeneren, maar ik ben ook huiverig voor een onzuiver gebruik van het woord schuld.

De Nederlandse Spoorwegen vervoerden Joden naar Westerbork en verdienden daar nog aan ook, dat is een duidelijk geval van medeplichtigheid waarvoor de huidige NS als rechtspersoon aansprakelijk is. Maar het instituut kerk is een ander geval – waar hebben we het over? Collaboratie van kerkleden? Verzet van kerkleden? De eeuwenoude erfenis van anti-judaïstische zo niet antisemitische elementen in de theologie? Of de moedige protestverklaringen van kerkelijke organen? De gereformeerde kerk verbood zijn leden al in 1936 lid te zijn van de NSB, en herhaalde dat in 1941. Wat weer niet wil zeggen dat er op andere momenten niet werd gezwegen. Terwijl tegelijkertijd Joden ondergedoken zaten op protestantse adressen.

De werkelijkheid trekt zich weinig aan van onze behoefte aan helderheid, misschien is dat het.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden