ColumnNelleke Noordervliet

Ik ben bereid de profeet met rust te laten, maar alleen uit vriendschap, niet uit angst

Bij echtelijke onenigheid roept een van ons beiden soms: ‘En als het niet zo is, dan treedt artikel 1 in werking!’ Daarmee wordt gezegd dat spreker vindt dat hij/zij toch ­gelijk heeft.

Deze week ging het heel erg over een ander artikel 1. En over artikel 7. En over artikel 23. De grondwetsartikelen die over discriminatie, de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van ­onderwijs gaan. Telkens weer ­leveren ze discussie op. Artikel 7 zelfs heel regelmatig. Het is een bijna chronisch conflict geworden, dat af en toe ernstig opspeelt, zeker als er weer doden of gekwetsten vallen.

En die slachtoffers vallen vooral wanneer een godsdienst in het spel is, althans een militante orthodoxe variant ervan. De doden vallen door islamistisch extremisme. Geestelijke kwetsuren komen nogal eens voor door toedoen van strikte interpretaties van de Bijbel of Koran. En denk niet gering over de gevolgen ervan, voor vrouwen, homoseksuelen, transgenders. Uitgestoten worden uit je gemeenschap vanwege je seksuele geaardheid of je neiging tot onafhankelijkheid is een heel zwaar offer.

In mijn vorige column schreef ik over de noodzaak docenten en scholen bij te staan in hun taak een omgeving te scheppen waarin het gesprek over heikele kwesties wordt gevoerd met respect voor iedere mening, behalve die waarin wordt aangezet tot haat en geweld, precies zoals het in ons wetboek staat.

Van verschillende kanten werd opgemerkt dat het toch heel ­hoffelijk is als mensen nou zo’n moeite hebben met spotprenten van de profeet, om die spotprenten uit de klas en de les en de ­media te bannen, zeker omdat moslims zich toch al achtergesteld voelen.

Het is een begrijpelijke, maar wat paternalistische toegeeflijkheid. Iedereen moet het vooral doen als hij dat wil, maar maak er geen algemeen verbod van. Dat is nergens voor nodig. Het wetboek voorziet in de mogelijkheid tot verweer.

Wanneer we zwijgen uit angst, kan van vriendschap geen sprake zijn

Voor mij geldt nog een ander belangrijk punt: ikzelf zou best bereid zijn de profeet met rust te laten, maar alleen uit vriendschap, niet uit angst. Het gaat er nu juist om dat de islamistische terreur – en de aanhangers daarvan vormen een grote groep – niet alleen dood en verderf zaait, maar ook angst en gevoelens van onveiligheid.

Wanneer we uit angst worden gedwongen te zwijgen, kan er geen sprake zijn van vriendschap en gelijkwaardigheid, maar laten we ons gijzelen door een gewelddadige ideologie.

Daar kwam deze week de affaire Arie Slob bij. Artikel 1 caramboleerde met 7 en 23. En Arie koos voor artikel 23. Maar moest een dag later gedwongen door de golf van verontwaardiging op zijn schreden terugkeren. Het voelde onnatuurlijk aan voor Arie, alsof hij zelf een beetje homoseksueel was geworden. Veiligheid bieden en niet discrimineren, hoe doe je dat als het boek dat je belangrijker vindt dan de Grondwet je influistert dat homoseksualiteit zondig is?

Mijn kleindochter van dertien kwam laatst plompverloren met een onderzoeksvraag. “Oma, wat zouden jullie zeggen als ik zou zeggen dat ik gay ben?”

Het zijn vragen waar jonge mensen met elkaar over praten, waar ze over nadenken. Natuurlijk vermoedde ze mijn antwoord wel, toch wilde ze even voelen hoe koud het water was.

Maar er zijn dus gezinnen, families en scholen waar die vraag niet eens kan worden gesteld. Waar het antwoord erop deel uitmaakt van onwrikbare geloofsartikelen. Waar iedere vorm van bescherming die de reformatorische schooldirecteur Pieter Moens bijvoorbeeld zijn leerlingen wil bieden, wordt gelogenstraft door de keiharde wet van de Bijbel. ‘We houden van je, maar je mag niet zijn wie je bent.’

Maar van wie houden ze dan? Wie koesteren ze dan?

We kunnen artikel 23 afschaffen, de vrijheid van godsdienst onder de vrijheid van menings­uiting laten vallen en artikel 1 ­leidend laten zijn in de scholen. Goed idee.

Maar laten we beginnen met een advies aan de formateur die na 17 maart aantreedt: geef ­Onderwijs niet aan de ChristenUnie, SGP, Denk en voor de zekerheid ook maar niet aan het CDA.

Nelleke Noordervliet (Rotterdam, 1945) schreef meerdere romans, novelles en theaterstukken. In 2018 won ze de Constantijn Huygens-prijs voor haar gehele oeuvre. In haar column in Trouw bespiegelt ze tweewekelijks op de actualiteit. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden