Beeld Trouw

ColumnHans Goslinga

Hugo de Jonge breekt met de benauwde lijn-Buma

Het is niet onwaarschijnlijk dat ik een rol heb gespeeld in de vroege fase van toenadering tussen katholieken en protestanten, die in 1980 tot de vorming van het CDA leidde.

Dat zat zo. Eind jaren zestig verdiende ik mijn vakantiegeld als buffetbediende op de Brusselaar, de blauwe tweedelige trein tussen Amsterdam en Brussel. De grootste omzet maakte ik op de dagen dat de Nederlandse leden van het, toen nog niet gekozen, Europees Parlement huiswaarts keerden. Dat was altijd een vrolijke boel. Er vloeide dankzij de flesjes sherry en Oranjeboombier die ik aanvoerde veel wijsheid in de kan, maar zoals ik later leerde, gingen juist hierdoor de katholieke en protestantse politici elkaar beter begrijpen.

In de Brusselaar vielen vrijwel moeiteloos de obstakels weg die op het Nederlandse erf een fusie nog ruim een decennium in de weg zouden staan. Een van die obstakels was de beduchtheid in de overwegend gereformeerde ARP dat het CDA een kleurloze middenpartij zou worden, een ‘vergrote KVP’, zoals het in die dagen­­ heette.

Nu eens met links, dan weer met rechts

Het midden van de Nederlandse politiek is nu een plaats waar christen-democraten met ambitie, zoals kandidaat-lijsttrekker Hugo de Jonge, graag gezien willen worden. In de jaren­­ 60 gold het als de meest verderfelijke plek, waar louter door macht gedreven KVP-politici in gedempte telefoongesprekken op zondagmiddag de koers van de natie bepaalden, nu eens met links, dan weer met rechts regerend, lood om oud ijzer.

Om dit te begrijpen moet je doorzien dat in ons politieke (coalitie)bestel het midden van het krachtenveld zowel de meest begeerde als de gevaarlijkste plek is. Margaret Thatcher, de Iron Lady, begreep dat heel goed. ‘Standing in the middle of the road is very dangerous, you get knocked down by the traffic from both sides’. Dat hebben de PvdA onder Kok en het CDA onder Balkenende ondervonden. Zij konden de spilpositie niet langer dan acht jaar vasthouden. De VVD onder­­ Rutte lukt het al tien jaar, met vooralsnog perspectief op bestendiging van deze positie.

In de tijd dat de machtige KVP electoraal afbrokkelde en rijp bleek voor de sloop, dachten PvdA en VVD nog dat het midden door polarisatie viel te breken. Zij verkeken zich op de veerkracht­­ van de christen-democraten en misschien nog meer op de ziel van deze­­ natie, die zich graag overgeeft aan scherpsplijperij, maar op het eind van de dag veel waanwijsheid inruilt voor een glas. Zoals de Brusselaars van destijds­­, voor even vrij van oude kluisters­­, voelden dat zij ‘op dezelfde­­ wortel stoelden’ – een beeld dat Abraham Kuyper gebruikte toen hij met de katholieken als bondgenoot de Schoolstrijd voerde. ‘Wij horen bij elkaar­­’ werd later het motto van een campagne van leden om achter de fusie­­ vaart te zetten.

De macht vertaald in een getal

In het perspectief van politiek als strijd om de macht en om machtsbehoud was de totstandkoming van het CDA niettemin een politiek staaltje in de buitencategorie. Vanuit zijn sceptische houding tegenover de bundeling schreef de anti-revolutionair Jaap Boersma na de fusie: ‘De macht vertaald in een getal, onder het dunne vernis van een breed-christelijk-politiek ideaal. De KVP is terug onder een nieuwe naam, met voorlopig evenveel zetels als twintig jaar geleden’.

Het CDA stopte het verval en de eerste lijsttrekker, Dries van Agt, herstelde zelfs de bestemming van de partij in het gewraakte midden als haar raison d’être: ‘We buigen niet naar links, we buigen niet naar rechts’. Zo machtig voelden de christen-democraten zich dat Van Agt en Lubbers als vanouds beurtelings met de PvdA en de VVD samenwerkten. ‘Je kunt in Nederland nooit de macht helemaal­­ wegstemmen, het CDA komt altijd terug’, knarsetandde Van Mierlo in de vroege jaren negentig, toen ook hij kansen rook met D66 de spilpositie te veroveren. Dat lukte niet, hij slaagde er in 1994 wel in het CDA voor acht jaar buiten de macht te houden – ook een machtsdaad van betekenis.

Het continuüm in ons landsbestuur

Het is nog te vroeg om te concluderen dat de VVD de slag om het midden heeft gewonnen. De greep op de spilpositie is te zeer verbonden met de figuur van Rutte, die vanuit het Torentje zoveel behendigheid laat zien dat minister Wopke Hoekstra (financiën) erdoor is afgeschrikt en voor het trekken van de CDA-lijst heeft bedankt.

Het midden staat nog altijd voor het continuüm in ons landsbestuur, maar in politieke zin is het behalve centrum van de macht ook de buffer van staatsdragende partijen tegen de polariserende populisten. De keuze van De Jonge voor het midden moet vooral in dat perspectief worden begrepen. Weg van Buma’s strategie ‘elimineren door imiteren’ en de ‘boze burger’ als maat der dingen, want dan ben je gauw een slachtoffer van de polarisatie, zoals de christen-democraten een halve eeuw geleden bijtijds begrepen. Het is voor een partij altijd wijzer kracht in de eigen geschiedenis en ideologie te zoeken.

Hans Goslinga schrijft elk weekend een beschouwing over de staat van onze politiek en onze democratie. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden