Opinie

Hou eens op met die ongefundeerde paniek over ons politiek bestel

Jongeren na het debat met minister Wiebes over milieu en klimaat in de Tweede Kamer tijdens het Nationaal Jeugddebat vorige maand. Beeld ANP

Er is geen enkele reden om paniekerig te doen over ons politiek bestel, vindt Joop van Holsteyn, hoogleraar politieke wetenschappen Universiteit Leiden.  

Hartverwarmend. Ik kan niet anders zeggen. Hartverwarmend dat D66, bij monde van Daniël Boomsma en Abele Kamminga, zich zo betrokken voelt bij het wel en wee van de Nederlandse democratie (Opinie, 1 mei). Waren het niet Hans van Mierlo en de zijnen die in september 1966 een appèl deden ‘aan iedere Nederlander die ongerust is over de ernstige devaluatie van onze democratie’? Een oproep die resulteerde in de oprichting van D66, de partij die het bestel wilde opblazen om op de puinhopen een nieuw, eigentijds democratisch huis te bouwen.

Dat huis van toen staat nog steeds, niet opgeblazen en nauwelijks verbouwd. Ruim een halve eeuw na de oprichting van D66 zijn de zorgen over de democratische inrichting van Nederland er dan ook niet minder om. Integendeel: ‘(…) waar macht is voorbehouden aan een kleine groep, is de democratie het eerste slachtoffer’, aldus Boomsma en Kamminga. Met daarbij hun suggestie dat in Nederland die macht inderdaad in handen van een select gezelschap is. Die van enkele tienduizenden hoogopgeleide burgers, de machthebbers aan gene zijde van de kloof. Met aan de andere zijde van die kloof in de Nederlandse diplomademocratie laagopgeleide burgers van wie klachten en wensen in de volksvertegenwoordiging niet of onvoldoende doorklinken en voor wie deuren naar ‘de binnenwereld van de politieke macht’ gesloten zijn.

Zorg om de democratische inrichting van Nederland is gerechtvaardigd. En er is ruimte voor verbetering, zoals de staatscommissie parlementair stelsel laat zien. Maar reden tot paniek? Staat de Nederlandse democratie op het punt ten onder te gaan omdat een kleine, gesloten groep burgers alle macht in handen heeft? Nee.

Ten eerste bevat de sombere diagnose onvoldoende besef van de aard van de representatieve democratie. Het lijkt erop dat dit bestel wordt afgemeten aan de normen van de directe democratie, waarin, althans volgens de leerboeken, alle burgers betrokken zijn bij de voornaamste democratische besluitvormingsprocessen. In feite heeft die situatie nooit bestaan, zeker niet in samenlevingen met de omvang en complexiteit van een niet eens zo erg groot land als Nederland. De representatieve democratie kan niet anders dan aristocratische trekken hebben. Zoals W.A. Bonger in ‘Problemen der Demokratie’ (1934) al schreef: ‘De demokratie zal selectionistisch zijn, of niet zijn!’ Dan is er onder burgers verschil in macht en status.

Eenvoudig

Uiteraard mag de constatering dat een wezenlijk andere democratische inrichting ondenkbaar of althans onuitvoerbaar is, niet leiden tot de conclusie dat ‘dus’ alles in orde is. Bijvoorbeeld als het gaat om het (vermeende) bestaan van een politieke kaste, in kringen van Forum voor Democratie waarschijnlijk ‘het partijkartel’ geheten. Feitelijk valt het echter met de geslotenheid van het Nederlandse bestel enorm mee. Sterker, vergeleken met andere landen is het in Nederland relatief eenvoudig om een partij te beginnen, aan verkiezingen mee te doen en om als nieuwe partij toegang te krijgen tot de volksvertegenwoordiging. Voor D66 tot en met Forum bleken de deuren van de Nederlandse representatieve democratie echt heel gemakkelijk open te gaan.

De toegankelijkheid en laagdrempeligheid van bijvoorbeeld de Tweede Kamer maken dat veruit de meeste onder de bevolking levende klachten en verlangens verwoord worden in het parlement. Mogelijk zijn het dan niet de laagopgeleide burgers zelf die daar hun politieke verhaal doen, maar dat verhaal kan ook eventueel door anderen, met een hogere opleiding, worden gebracht. Feitelijk blijkt wel degelijk dat scherpe maatschappelijke posities ten aanzien van onder meer de Europese eenwording en de integratie van etnische minderheden luid en duidelijk in de Tweede Kamer te horen zijn. Voor specifieke combinaties van houdingen – zoals economisch links en cultureel rechts – is dat problematischer, maar over het geheel bezien, vervult de Tweede Kamer vanuit inhoudelijk perspectief haar rol als volksvertegenwoordiging meer dan behoorlijk.

Kunnen we dan met z’n allen rustig gaan slapen? Nee, een vitale democratie vereist voortdurend aandacht en onderhoudswerkzaamheden. Maar met onvoldoende gefundeerd geweeklaag en geknars der tanden is het bestel hoe dan ook niet gediend.

Lees ook:

Breek de democratie open, zodat ook niet-hoogopgeleiden meetellen

Nederland is een diplomademocratie waarin een klein groepje hogeropgeleiden de posities ver­deelt, aldus Daniël Boomsma en Abele Kamminga van de Mr. Hans van Mierlo Stichting en de Hanzehogeschool Groningen.

Vernieuwing van de democratie kan veel verder gaan

Met meer participatie van burgers ben je er niet, je moet hun daadwerkelijk zeggenschap geven, menen Linze Schaap en Daan Jacobs, onderzoekers aan het departement Politiek en Bestuur van de Tilburg University.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden