Column

Hoe om te gaan met de publieke, maar onbewijsbare claim van seksueel misbruik?

Stevo Akkerman. Beeld Trouw

Herinnering’, schreef Cees Nooteboom, ‘is als een hond die gaat liggen waar hij wil’. Soms ligt hij naast je op de bank, tastbaar en vertrouwd, soms ligt hij wat verder weg, buiten zicht maar toch aanwezig, en soms is hij spoorloos. Als dat lang duurt, dan rest uiteindelijk alleen de herinnering aan een herinnering - niet meer die ene hond, maar de vage wetenschap dat er ooit een hond was. 

Prachtig materiaal voor de literatuur; het geheugen en zijn valkuilen. Maar nogal lastig voor de journalistiek, die eerst de feiten wil hebben voordat de percepties aan bod komen - strikt genomen een onmogelijke opgave, maar altijd het proberen waard.

De ombudsman van Trouw en die van de Volkskrant kwamen de afgelopen dagen terug op de berichtgeving rond Griet op de Beeck en het ongemak dat daarover was gerezen. Hoe om te gaan met de publieke, maar objectief onbewijsbare claim van een schrijfster dat zij seksueel is misbruikt door haar vader? Het confronteerde met mijn eigen sluimerende ongemak: in de column die ik er anderhalve week over schreef, nam ik de lezing van Op de Beeck onvoorwaardelijk over, was dat wel terecht?

Laat ik beginnen te zeggen dat ik dat deed omdat ik uit eigen waarneming weet dat het mogelijk is herinneringen te verliezen. Onder deskundigen schijnt hierover verschil van mening te bestaan, maar ik heb meegemaakt hoe het iemand overkwam na seksueel misbruik. Daarnaast was ik geraakt door de openheid van Op de Beeck, voortvloeiend uit het inzicht dat ‘uw noden uw sterkste troeven’ zijn. Zelf ben ik in mijn boek ‘Donderdagmiddagdochter’ bijna gênant openhartig geweest, er staan dingen in die ik mensen nooit in persoon zou vertellen, en toch heeft dat bevrijdend gewerkt.

Grens tussen publiek en privé scheiden?

In de oorspronkelijke versie van dat boek stonden een paar zinnen die het niet hebben gered, maar die wel in de catalogus van de uitgeverij terechtkwamen: ‘Wat ondraaglijk is als je het moet horen in een volle tram, is ontroerend als het je in vertrouwen wordt verteld door de stille stem van een schrijver, en laat het dan - wij bidden: laat het dan alsjeblieft - zo particulier zijn als maar kan’.

Nelleke Noordervliet verdedigde zaterdag het tegengestelde. De grens tussen privé en publiek moet weer gesloten worden, schreef ze, en ze pleitte voor levensechte verhalen, over imaginaire mensen: ‘Het hoeft niet altijd echt gebeurd te zijn aan de boodschapper van het leed’. Dat dat niet hoeft, ben ik graag met haar eens. Maar het mág wel. Ik laat mijn blik even over mijn boekenkast gaan en prijs me gelukkig met ‘Terug naar Oegstgeest’ van Jan Wolkers, ‘Een verhaal van liefde en duisternis’ van Amos Oz en ‘Onbepaald door het lot’ van Imre Kertész, om maar een paar titels te noemen. Boeken waarin de grens tussen privé en publiek vol overtuiging wordt geschonden.

Terug naar Op de Beeck. Ik had niet moeten schrijven dat zij slachtoffer was van een incestueuze vader, ik had moeten schrijven dat zijzelf die conclusie had getrokken. De herinnering is een hond die soms geen enkel spoor nalaat, behalve in onszelf.

Lees hier meer columns van Stevo Akkerman.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden