COLUMN

Hoe kunnen we de positieve ambivalentie omhelzen?

Nelleke NoordervlietBeeld Jitske Schols

De Franse president Macron pakte wel weer even zijn momentje. Veel wereldleiders waren op de koffie, op 11 november. De Eerste Wereldoorlog werd honderd jaar geleden beëindigd. 

Iedereen die ertoe deed was erbij. Behalve de Britten. Die herdachten thuis. 

Macron sprak over patriottisme en nationalisme, twee nogal verwante begrippen, die hij met retorisch gemak juist tegenover elkaar plaatste. Nationalisme is in zijn optiek egoïstisch en hebzuchtig, patriottisme verdedigt de morele waarden waarop een land is gebouwd. Impliciet is daarbij de positieve kwaliteit van die morele waarden. Dat zou ik nog weleens uitgewerkt willen zien, maar ik begrijp wat Macron wilde. Hij wilde de aanhang van rechts populisme voorhouden dat hun vaderlandsliefde slecht wordt begrepen en bediend. Hij solliciteert naar hun twijfel. Bij een politicus zijn de belangen van zijn eigen partij nooit ver weg, zeker niet wanneer hij zich internationale allure aanmeet.

Begrippen als nationalisme, patriottisme, chauvinisme en populisme worden tegenwoordig graag in een ketel gestopt samen met een begrip als identiteit en dan begint het te koken en te borrelen, te schuimen en te sissen.

In een interview in NRC maakten we kennis met een verstandige Française, Nathalie Heinich. Zij schreef een overzichtelijke sociologische verhandeling over identiteit. Ze constateert dat het begrip wordt misbruikt om te polariseren en uit te sluiten, maar gaat niet zover het belang van een identiteit en zelfs een nationale identiteit weg te wuiven. Natuurlijk hebben we eigenschappen die ons definiëren en die onze handelingen soms bepalen. En soms wankelen waarden onder het geweld van identiteit. Ze geeft het voorbeeld van een zwarte collega die het geloof aan een waarde als gelijkheid op dreigt te geven omdat er zoveel discriminatie en racisme is: dan maar zich verschansen in een zwarte identiteit. Maar juist dan, zegt Nathalie Heinich, is het zaak de waarde van gelijkheid uit te blijven dragen. Heinich wil een beweeglijker definitie. (Nationale) identiteit is een sociale constructie, geeft ze toe, maar een constructie die niet alleen nadelen heeft.

Als ik haar goed begrijp is het helemaal niet gek om me enerzijds een Nederlander te voelen en me er anderzijds voor te schamen. Om begaan te zijn met het historische lot van slaven, en anderzijds te weigeren mezelf een uitbater van wit privilege te achten. Ze introduceert de waarde van ambivalentie. Ambivalentie betekent geen geharnaste keuze maken. De orthodoxe profeten van de identiteitspolitiek kunnen daar weinig mee. Zij staan juist voor in steen gehouwen kenmerken en een verbitterde strijd met de tegenstander. Hoe kunnen we de positieve ambivalentie omhelzen? Hoe kunnen we af van schuld en slachtofferschap, van dominantie en achterstelling?

Loopgravenstrijd

Bij ‘Buitenhof’ speelde zich op 11 november een wat onhandige poging daartoe af. Herman Vuijsje sprak met Dalilla Hermans onder leiding van Paul Witteman. Onderwerp: Vuijsjes boek ‘Zwartkijkers’, een sociologisch onderzoek naar de werkelijkheid rond racisme in Nederland. Vuijsje erkent dat racisme en discriminatie bestaan en dat die moeten worden tegengegaan. Hij ontkent echter dat het in Nederland zo erg is gesteld als sommige actievoerders willen doen voorkomen. Hij betoogt dat we ruimte moeten houden om te praten. In een permanente loopgravenstrijd, zoals die zich nu lijkt af te spelen, gaat niet alleen de nuance maar ook de oplossing verloren.

Omgekeerd vroeg Dalilla Hermans begrip voor de persoonlijke gevoelens van slachtoffers van racisme en discriminatie. Die zijn niet geholpen met ­wetenschappelijk onderzoek dat het wel meevalt.

Ze hadden allebei gelijk, maar praatten niettemin beleefd langs elkaar heen. Dat kon ook niet anders. De wetenschap registreert persoonlijke ervaringen maar abstraheert van de emotie. Het individu zoekt voor zijn persoonlijke ervaring emotionele erkenning.

Het zijn twee werelden, twee vormen van waarheid. Je moet Macron heten om die twee vormen in een hoge hoed te gooien en er een konijn uit te toveren.

Nelleke Noordervliet, schrijfster van veelgelezen romans, geeft tweewekelijks haar visie op de actualiteit. Lees al haar bijdragen in ons dossier.

Lees ook:

Wat moet Macron met la Grande Guerre?

President Macron trok de afgelopen week langs de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog. Heel soepel loopt de herdenking niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden