ColumnStevo Akkerman

Hoe hard te zijn tegen de haat zonder zelf te gaan haten?

In de volgende zin worden vier terreurdaden genoemd en het is misschien goed vooraf te zeggen dat de volgorde waarin dat gebeurt willekeurig is. Welnu: er is geen enkele reden een onthoofding in Conflans-Sainte-Honorine erger te vinden dan een moordpartij in Christchurch, of een bloedbad in Noorwegen erger dan een aanslag in Brussel. Wie islamitische terreur veroordeelt, moet ook extreem-rechtse terreur veroordelen, en vice versa.

Als geweld wordt gepleegd uit religieuze of ideologische ­motieven, is het logisch en terecht dat de betreffende religie of ideologie onder de loep wordt genomen: welke leerstellingen of ideeën zetten mensen aan tot de heilige strijd, al dan niet in de naam van een god? Ik hoop dat het harde optreden van de Franse staat tegen het radicale islamisme succesvol zal zijn, en als er sprake is van een parallelle samenleving die ­geweld predikt tegen de democratie, dan verdient die te worden opgerold. Tegelijkertijd hoop ik dat de overheidsreactie binnen de grenzen van het recht zal blijven – na 9/11 bijvoorbeeld bleek de Amerikaanse ­regering dergelijke zelfbeheersing niet op te kunnen brengen, wat óók een aantasting van de democratie betekende.

Het is, juist op momenten van ­gerechtvaardigde woede, belangrijk niet uit de bocht te vliegen. Hoe hard te zijn tegen de haat zonder zelf te gaan haten? En zonder het net te wijd uit te werpen? ‘Islam en geweld gaan hand in hand, wanneer gaan we onze vrijheid eindelijk verdedigen en het Westen eindelijk de-islamiseren?’ tweette Geert Wilders, en in afgezwakte vorm klonk de echo van die woorden veel breder. Ik zie deze reflex – weg met de islam, soms ook: weg met alle religie – als een nederlaag en een ontkenning van de ­westerse waarden die men beweert te verdedigen.

Een jihad die liefde toont

Maar ik besef dat ik spreek vanuit een gemakkelijke positie; wat zou er overblijven van mijn vrome woorden als ikzelf of mijn directe omgeving getroffen werd door een kogel, een bom, een slagersmes? Daarom wil ik graag teruggrijpen op de tv-boodschap van Mohamed El Bachiri na de aanslagen op het vliegveld en de metro van Brussel (maart 2016): “Ik ben een Marokkaanse Belg, moslim en Molenbekenaar. Door mijn naam, godsdienst en de trieste reputatie van mijn gemeente, beschouwt een deel van de bevolking en de wereld mij als een potentiële terrorist en dat doet mij pijn. Ik ben ook de man van Loubna Lafquiri, de liefde van mijn leven, mijn vriendin, de moeder van mijn kinderen, die overleed bij de aanslagen in Brussel. Ik houd mij alleen op de been dankzij de liefde, de liefde die me deed oproepen tot de jihad. Ik praat over een jihad die geen haat kent – haat, een zware last die de harten zwart kleurt. Ik praat over een jihad die liefde toont.”

Maandag zag ik een kort bericht over de komst van 152 Syrische vluchtelingen naar Nederland, als onderdeel van onze bijdrage aan de inspanningen van de VN-vluchtelingenorganisatie. De online reacties lieten zich raden, ik citeer liever niet, maar inderdaad, het woord ‘koppensnellers’ viel.

Toch weiger ik te geloven dat dit het antwoord moet zijn op de moord op Samuel Paty.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden