Commentaar

Hij verdient het niet, maar zet Coen toch maar terug op zijn sokkel

© ANP Beeld
© ANP

Dat de koloniale geschiedenis van Nederland meer dan één zwarte bladzijde beslaat, is onloochenbaar en de gruwelijkheden uit die periode blijven ons achtervolgen, hoe lang ze ook geleden zijn.

Hoofdredactie

Is het niet de rechtszaak om de Nederlandse massamoord in Rawagedeh (1947) die herinnert aan de erfenis die ons land meedraagt, dan wel de discussie over het per ongeluk omvergereden standbeeld van Jan Pieterszoon Coen (1587-1629) in Hoorn. Moet dat worden teruggeplaatst of kan het beter naar een museum worden verbannen of zelfs op de schroothoop worden gegooid?

Nu de rechter de Nederlandse staat onlangs aansprakelijk heeft gesteld voor de honderden doden van Rawagedeh, lijkt het voor de hand te liggen Coen ook ter verantwoording te roepen voor de duizenden die hij om liet brengen op de Banda-eilanden; zo'n man eer je niet met een beeld.

Maar hoe waar dat ook is - niemand kan verdedigen dat de moordenaar van Banda een standbeeld verdient - er zijn wat complicaties. Het beeld is er al. En de gebeurtenissen stammen uit 1621, niet uit 1947: er zijn, anders dan in het geval van Rawagedeh, geen overlevenden of directe nabestaanden in het spel. Daar op wijzen is niet hetzelfde als de daden van Coen goedpraten of ook maar relativeren. Dat hij nagenoeg de gehele bevolking van de Banda-eilanden liet doden om het nootmuskaat-monopolie van Nederland zeker te stellen, kan onmogelijk worden gerelativeerd.

De vraag is hier echter niet of Coen een standbeeld verdient, maar of de beslissing van een eerdere generatie om hem een beeld te gunnen, moet worden teruggedraaid. Een dergelijke rectificatie van de geschiedenis is nogal ingrijpend: heel Nederland is gevuld met gebouwen, beelden, schilderijen en andere objecten die herinneren aan de koloniale tijd - meestal ter verheerlijking daarvan. Er is geen objectieve meetlat om te bepalen wat wel en niet door de beugel kan; zowel proportionaliteit als tijdsverloop speelt een rol. Daarom is een vergelijking tussen Hitler, Stalin en Jan Pieterszoon Coen niet erg behulpzaam.

Om te benadrukken dat de beslissing het beeld van Coen weer op zijn sokkel te zetten geen eerbetoon betekent, maar slechts een erkenning van de historie, zou de gemeente Hoorn er goed aan doen een tekst bij het beeld te zetten die zijn misdaden niet verzwijgt. En in het onderwijs moet de kwalijke kant van het kolonialisme zodanig naar voren komen, dat elke leerling begrijpt dat Coen voor ons geen held kan zijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden