Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het zou een gemiste kans zijn als Den Haag de boerenbakens nu niet verzet

Opinie

Stevo Akkerman

Stevo Akkerman. © Trouw
Column

Ik ben een stadsjongen en mijn verhouding met de boerenstand is licht getroubleerd, al mag ik graag het platteland bezoeken, het liefst per fiets. Vorig weekeinde nog reed ik over de dijk naar Lekkerkerk; prachtig uitzicht over de rivier en de weilanden, een passerende ponykar, her en der wat vee, en toen opeens van links twee witte tractoren. Ik hield even stil om te checken of mijn geheugen het wel goed had, maar inderdaad: het ­waren David Browns.

Direct was ik terug in de zesde klas van de lagere school en derhalve in Berkum, een boerendorp bij Zwolle. We waren net verhuisd uit Den Helder en ik moest nog een beetje wennen aan deze omgeving, ook omdat ik de jongens uit mijn nieuwe klas – afkomstig uit de wijde omtrek – niet goed kon verstaan en nauwelijks begreep waar ze het over hadden. Was de Fendt een betere trekker dan de Massey Ferguson? Ik had geen idee. Maar ik had een oud-oom met een boerderij in Oost-Groningen, en die had een David Brown, dat leek me een heel goed ding, dus gooide ik dat maar eens in de groep. Bleek het het lulletje rozewater onder de trekkers te zijn, die David Brown.

Lees verder na de advertentie
Boeren voelen zich gemangeld tussen de eisen van de markt, de politiek en de natuur

Ik heb er weleens eerder over geschreven, en ik hoop dat u mij dit zelfplagiaat vergeeft. Het is allemaal de schuld van de Trouw-productie over ‘De Staat van de Boer’, die voert me terug naar dat ene jaar dat ik in agrarische sferen verkeerde. Het was mooi in Berkum, we zwierven na schooltijd langs de oever van de Overijsselse Vecht, denderden op de fiets de Agnietenberg af, sprongen over sloten, haalden jonge eksters en kraaien uit hun nesten, gingen van boerderij naar boerderij om konijnenhokken te bezichtigen, rookten onze eerste shaggies en aten kruudmoes alsof het niks was.

Maar helemaal vlekkeloos verliep mijn integratie niet. Ik nam een klasgenoot mee naar de stad, en vond dat die nogal raar deed op zijn klompen en zo, waarop mijn vader ’s avonds uitlegde dat dat waarschijnlijk kwam doordat hij zoveel drukte niet gewend was. Dat vertelde ik die de jongen de volgende dag (‘Weet je waarom je zo raar deed?’), waarna diens vader bij ons thuis verhaal kwam halen. Als we zo op hen neerkeken, moest het maar afgelopen zijn met de vriendschap.

Recht van spreken

Nou ja, het mag duidelijk zijn dat ik niet veel recht van spreken heb als het om boeren gaat. Ik woon nog in de Randstad ook, waar de mensen zitten die er geen verstand van hebben, maar wel de regels bepalen. “Ze zetten de kinderen voor de spelcomputer met een fles cola en zeggen dat wij onze koeien naar buiten moeten doen”, zo citeerde de krant uit een van de duizend brieven van boeren. 

Er school sowieso nogal wat verongelijktheid in de boerenstemmen. Ik kan me daar wel iets bij voorstellen: ze voelen zich gemangeld tussen de eisen van de markt, de politiek en de natuur. Tegelijkertijd zeggen ze open te staan voor verandering en vergroening; het zou een gemiste kans zijn als Den Haag dit niet zou herkennen als een uniek moment om de bakens te verzetten. En dan ga ik nu op zoek naar een recept voor kruudmoes. Met een colaatje.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de 'keiharde nuance' en het 'onverbiddelijke enerzijds-anderzijds' preekt. Lees hier eerdere afleveringen.  

Lees ook: De Staat van de Boer

De Staat van de Boer is het grootste opinieonderzoek dat ooit onder agrariërs is gehouden. Met het onderzoek en de verhalen wil Trouw een eerlijk en open debat over de makers van het voedsel van Nederland stimuleren.

Deel dit artikel

Boeren voelen zich gemangeld tussen de eisen van de markt, de politiek en de natuur