ColumnStevo Akkerman

Het was alsof de tijd stilstond

Het virus is nog onder ons, het klinkt alsof het gaat om een dierbaar familielid, iemand die een leegte achterlaat als hij van ons heen zal gaan. Maar het is natuurlijk bedoeld als waarschuwing. De regering ontmantelt het eigen crisisteam en stopt met de speciale coronapersconferenties, maar je hoeft maar naar de VS of Noord-Rijnland-Westfalen te kijken om te zien hoe kwetsbaar de wereld is. En toch voelt het – volle terrassen, strandtenten open, meer dan genoeg glazen in te halen – alsof het voorbij is. ‘Het is nog niet voorbij’, corrigeer ik mijzelf, en intussen bestudeer ik verlekkerd de kaart van Europa. We kunnen alle kanten op.

Hoe was het toen we er middenin zaten? Rob Schouten schreef zijn columns nog en een daarvan is me bijzonder bijgebleven – het ging over onze onopmerkzaamheid, hoe de dingen langs ons heen scheren, hoe weinig aandacht we ze geven, zelfs als ze weten dat ze hoogst uitzonderlijk zijn. “Ik heb besloten”, schreef hij, “het heden van deze krankzinnige tijd zo helder en geconcentreerd mogelijk te beleven, met alles erop en eraan, want het komt nooit meer terug.” Ik wilde het hem graag nadoen, maar ik weet niet of mij dat is gelukt.

Probeer het maar eens terug te halen, die begindagen en -weken van de lockdown. De ernst en de zwaarte waarmee de maatregelen werden afgekondigd, de paniek om het tekort aan ic-bedden, de hoorbare zucht van Mark Rutte op een van de eerste persconferenties. Woensdagavond stond hij er ontspannen bij, moeiteloos schakelend van vragen over de toegestane standjes voor sekswerkers (‘geen specifieke overheidsbeperkingen’) naar regels voor het zingen in de kerk (‘psalmen en gezangen kunnen ook voorgedragen worden’). 

Lange wandelingen door het achterland

De wendbaarheid van deze premier is sowieso groot. De afgelopen tijd noemde hij Nederland ‘diep-socialistisch’ vanwege de miljardensteun aan de economie, ‘anarchistisch’ omdat niet iedereen naar hem luistert, en toch ook ‘enorm verantwoordelijk’ want trouw in het volgen van het anderhalvemeter-regime. Maar dat terzijde.

Voor mijzelf zal de coronaperiode verbonden blijven met de stilte. Tegen middernacht door het centrum van de stad lopen en niets horen, niemand tegenkomen. In het weekeinde lange wandelingen maken door het achterland, voorzien van boterhammen en waterfles, alleen de natte washandjes van vroeger ontbraken. Zal ik zeggen dat het was alsof de tijd stilstond? Misschien heerste hier gewoon een andere tijd, die van een ongewoon mooi voorjaar, onverschillig voor het nieuws, onwetend van wat er gaande was in de wereld van de mensen.

Het is bijna jammer dat het voorbij is, áls het voorbij is, maar ik ben niet vergeten welke dreiging er rondwaarde. Er was een moment dat we dachten dat we afscheid moesten nemen van mijn moeder, er was paniek om mijn vader, een broer raakte besmet met zijn hele gezin. Ik heb geprobeerd deze krankzinnige tijd zo helder mogelijk te beleven, en nu ga ik er even tussenuit. Tot over enkele weken, beste lezers.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug. Abonneer je op zijn column in onze mobiele app en lees hem als eerste.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden