ColumnStevo Akkerman

Het voelt alsof de hele samenleving moe is

Maandenlang ging het goed, maar de afgelopen dagen gedroeg ik me zomaar, twee keer achter elkaar, alsof er niets aan de hand was. Eerst stak ik op de redactie plompverloren een hand uit ter begroeting van een bezoeker, vervolgens stapte ik doodgemoedereerd een trein in zonder mondkapje.

Het was niet dat ik de noodzaak van de maatregelen niet meer inzag, of dat ik ze opeens zat was, maar blijkbaar huisde er in mij toch iets dat ­helemaal de ­andere kant op wilde: terug naar vroeger, terug naar normaal. Sociale conventies worden in de eerste twintig jaar van ons leven in ons brein gegrift, las ik vorige week in Tijdgeest, daarna zijn het ­instincten geworden. Heel lastig om af te leren.

Maar waarom ging het dan zo lang goed en nu opeens fout? Ik kan niet zeggen dat ik ernstig gebukt ga onder het virusregime, ik heb het ­gemakkelijk in vergelijking met ­anderen, maar misschien werd ik toch overvallen door een zekere vermoeidheid – de alertheid zakte weg, de instincten namen het over.

En ik kan me vergissen, maar het voelt alsof de hele samenleving moe is. Te beginnen natuurlijk met minister Hugo de Jonge, wiens dagen zo lang werden en wiens nachten zo kort dat hij enkele taken moest ­afstoten. Je merkte het ook aan Mark Rutte, in het coronadebat: ­anders dan gebruikelijk lukte het hem niet de kritische oppositie van zich af te schudden door alle tegenstellingen weg te kletsen. Dat hij voetbalsupporters toebeet hun ‘bek te houden’ was ook een veeg teken, hij had het anders willen zeggen, ­zoals hij zelf later erkende.

Instincten laaien op

Maar we hebben er volgens mij dus allemaal last van. Toen we in het voorjaar getroffen werden door de eerste golf, ging dat nog gepaard met verschijnselen die onszelf verbaasden: begrip, geduld, vertrouwen. Nu we de herfst ingaan met het vooruitzicht van nieuwe lockdowns lijkt de veerkracht te zijn weggesijpeld. Dat is niet alleen omdat alle saamhorigheid onvermijdelijk tijdelijk was, het is ook omdat er, met dank aan het kabinet, een sfeer van chaos en ­onmacht is ontstaan. Dan laaien er onvermijdelijk allerlei instincten op, en niet per se de gunstigste.

De taaiheid van de bestuurlijke structuur van de polder, een prettig dempende factor in normale tijden, leidt nu tot het doorschuiven van verantwoordelijkheden. Gevolg: vertragingen, verstoppingen en ongerijmdheden. Funest in een noodsituatie. Even ging de beweging van ­landelijk naar regionaal, nu vragen regio’s weer om landelijke leiding. Even hadden we mondkapjes in het centrum van Amsterdam en Rotterdam, opeens waren ze weer weg. Wat in stadions niet mag, mag op pleinen wel. In de trein heersen strikte ­regels, in de kroeg gaat het er heel anders aan toe. De minister roept in zijn overmoed van alles over testen, maar de GGD’en kunnen niet waarmaken wat hij belooft, en zo ging het ook met de corona-app en -wet.

Gedrag is de sleutel in deze crisis, zei Jaap van Dissel in Trouw, maar tot welk gedrag leidt dit optreden van de overheid? De liberale instincten van Rutte (‘Het laatste dat ik wil is dat mensen naar mij luisteren’) ­lijken me iets voor andere tijden.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden