OpinieStikstofcrisis

Het plan van Winsemius leidt tot nog meer melkindustrie

Biologisch boer Tom Saat rekent het plan van Winsemius door en stelt dat dit leidt tot meer vervuiling, terwijl juist minder stikstof, melk en mest beter is.

Pieter Winsemius, voormalig minister van milieu, pleit voor verdere intensivering van de veehouderij (Opinie, 11 januari). Laten we eens kijken naar zijn plan, zoals hij dat in Trouw voorstelde. Hij wil een half miljoen hectare, ofwel ruim een kwart van het totale landbouwareaal, reserveren voor de melkveehouderij. Die moet dan 25 duizend liter per hectare gaan produceren, in plaats van het huidige gemiddelde van 15 duizend per ha. Om dit doel te halen, grazen er 2,5 koe per hectare, grazen de koeien niet meer buiten, en wordt de ruimte tussen de megastallen opgevuld met monoculturen van mais en raaigras voor de voeding. Er komt een gigantisch industriegebied.

Een hectare landbouwgrond is goed voor de productie van 11 duizend liter melk. Om de door Winsemius voorgestelde productieverhoging van 66 procent te behalen, moet het merendeel van het voer vanuit het buitenland worden geïmporteerd. Voorts is Winsemius wel van mening dat er geproduceerd moet worden volgens Best Ecological Means, strenge milieuspelregels. Dit bekent dat de emissie van nitraat en ammoniak laag moet zijn, en de mestgift uit dierlijke mest niet boven de 170 kg stikstof (N) per hectare zou mogen komen. Een mestgift van 170 kg N is equivalent aan de mest van 1,5 koe per hectare, dus we houden de mest van een hele koe per hectare over. Dat levert op dit industrieterrein een mestoverschot op van een half miljoen koeien. Waar die mest heen moet, blijft onduidelijk. In het plan van Winsemius is immers opgenomen dat de rest van Nederland die mest niet kan gebruiken, aangezien dit gebied een ‘mens- en natuurvriendelijke’ bestemming krijgt.

Dit plan levert dan uiteindelijk 12,5 miljard liter melk op. Omgerekend is dat 700 liter melk per jaar per Nederlander. Nu verorbert (gelukkig) niet elke Nederlander 2 liter melk per dag, dus – u raadt het al – een flink deel is bestemd voor de export.

Schepen vol voer

Samengevat betekent het dus dat we er een gigantisch industriegebied bij krijgen, waar schepen vol voer voor worden geïmporteerd, en grote ladingen mest en melk worden geëxporteerd. En daar moeten we in het overvolle Nederland een kwart van ons landbouwareaal aan opofferen?

Wat het plan van Winsemius overduidelijk laat zien is dat een uitweg uit de stikstofcrisis alleen gevonden kan vonden als we het roer omgooien. De uitstoot van stikstof is niet alleen in de nabijheid van natuurgebieden een probleem, maar moet in heel Nederland verminderen. En dat kan alleen maar als in de gehele veehouderij (en de akkerbouw) de stikstofgift vermindert.

Sommige boeren ontkennen dat er een stikstofprobleem is. Alle cijfers laten zien dat deze boeren ongelijk hebben, maar er is wel een verzachtende omstandigheid. In 1990 lag het stikstofoverschot in de melkveehouderij nog op 350 à 400 kg per hectare. Inmiddels is het, door verandering in bedrijfsvoering en regelgeving, gezakt naar 200 kg per hectare. Dat is een verbetering, maar nog steeds te veel. Een overschot tussen de 80 en 100 kg per hectare mag je emissiearm noemen.

Niets aan de hand

In 1990 waren het alleen de ecologen en de biologische boeren die het stikstofoverschot aan de kaak stelden. Volgens de politiek was er niets aan de hand. Nu, dertig jaar later, bij een gehalveerd overschot, schreeuwt de politiek moord en brand. Ik kan me voorstellen dat je dan als boer zo radeloos wordt, dat je maar bij het RIVM gaat protesteren dat de metingen niet kloppen. Zo zouden de schaatsliefhebbers volgende week een demonstratie kunnen organiseren bij het KNMI, omdat het aan de temperatuurmetingen van het weerstation ligt dat er niet geschaatst kan worden.

Zo gek is het in landbouwland.

Lees ook:

Vier ontwikkelrichtingen die boeren en tuinders een echt perspectief kunnen bieden

Boer en tuinder kunnen de strijd aan op vier fronten. Ga voor Europese klanten, kwaliteit, naam en faam en milieu, adviseert Ron Mulders, interim-manager en adviseur, onder meer in de land- en tuinbouw.

Boeren en milieu hebben baat bij herverkaveling

Deel het weideland efficiënt op, dan kunnen melkveehouders beter uit de voeten en wint de natuur, stelt Pieter Winsemius, oud-minister van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer voor.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden