ColumnBabah Tarawally

Het haatvirus is vergelijkbaar met het coronavirus

Vandaag is het een jaar geleden dat ik mocht beginnen als columnist bij Trouw. Ik maakte zo mijn intocht in het racismedebat. Om de week schrijf ik over racisme en discriminatie in Nederland. Tijd om terug te blikken.

Mijn intocht begon naar aanleiding van mijn boek ‘Gevangen in zwart wit denken’, waarmee ik geregeld in het nieuws kwam. Ik voelde mij toen, en nu nog steeds, een verbinder tussen beide extremen. Ik probeerde met mijn woorden zowel wit- als zwartdenkenden meer in het centrum te krijgen, met als uitgangspunt dat wanneer het midden groter wordt, er vanzelf meer ruimte voor begrip ontstaat. En we een gezamenlijke vuist ­tegen onrecht, discriminatie en racisme kunnen maken. Wellicht een wat naïeve gedachte, daar extremen zwaar geschut in handen nemen om hun punt te maken. En met grote wapens mis je zelden doel. Het resultaat is polarisatie ten top, waarin eenieder wordt gevraagd om positie te kiezen. De Bush-doctrine lijkt wel de maatstaf geworden: als je niet voor ons bent, ben je dus tegen ons.

Door Willem van Oranje in mijn eerste column te noemen, belandde ik met gestrekt been in de strijd. Ik wilde beginnen bij het begin om de loop van de geschiedenis te ontrafelen en onzuiverheden bloot te leggen.

Herrie en heisa

De vergelijking van Willem van Oranje met een witte passagier die naast me in het vliegtuig zat en alle ruimte voor zichzelf opeiste, zorgde voor veel geraas, herrie en heisa. Ik wilde de lezer er slechts aan herinneren dat wanneer we gasten toelaten in onze huizen, we bereid moeten zijn ook de ruimte te delen. Met mijn ­poging deze boodschap te verpakken in een aansprekende metafoor, leek het alsof ik ongewild de oorlog aan extreem-rechts had verklaard. Het oorlogsveld Twitter raakte verhit en woordvoerders van het ­extreem-rechtse kalifaat slepen hun pennen. Trollen verschenen op het web, gevolgd door haatmails en ­bedreigingen. Pas op dat moment begreep ik dat het midden geen keuze is, als je expliciet een mening ventileert die een bepaalde hoek niet zint. En toch, niemand wordt extreem-rechts of -links geboren. Ik verkeer graag in het midden, de baarmoeder, waar we allemaal uit geboren zijn.

Ook het komende jaar blijf ik voor deze krant schrijven en zal ik mijn visie op deze ongemakkelijke onderwerpen met de lezer delen. Soms met nuances, om de aandacht niet af te leiden van de inhoud. Soms zonder blad voor de mond, zoals ik ben. Mocht u nog twijfelen na een jaar lang columns van mij te hebben gelezen: ­racisme en discriminatie bestaan echt in Nederland. Ik probeer als een soort racismebioloog het haatvirus te ontleden. Het is vergelijkbaar met het coronavirus: met het blote oog niet zichtbaar, maar uitermate besmettelijk. Deze virussen hekelen contacten met de medemens en zeggen ons dat we beter geen relatie kunnen aangaan met elkaar.

Tegengif

Soms wil ik me minder bezighouden met de racistische ziektekiem van Nederland, bang voor besmetting. Gewoon doen alsof er niets aan de hand is. Maar dat zou hetzelfde zijn als een onderzoeker vragen nu te staken met het zoeken van een tegengif voor het hardnekkige coronavirus. Ik kan na een jaar schrijven constateren dat de ziektekiem echt onder ons leeft en dat we als ­samenleving gezamenlijk een tegengif moeten zien te vinden. Zoals we nu doen tegen corona.

Babah Tarawally is schrijver, columnist en programmamaker. Voor Trouw schrijft hij om de week over (verborgen) discriminatie en racisme, maar vooral over manieren om elkaar op dit thema te kunnen verstaan. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden