null

OpiniePeer review

Het coronadebat laat zien: vertrouw nooit op één enkele eigenwijze wetenschapper

Peer review van vakbroeders is altijd nodig, betoogt hogeschooldocent Ron Ritzen.

Ron Ritzen

Wie de coronadiscussies over de rol van het OMT en het RIVM volgt, krijgt rap de indruk dat Nederland zo’n kleine zeventien miljoen virologen en epidemiologen heeft. Maar wie van de zelfbenoemde wetenschappers kan deze vakgebieden met alle recente ontwikkelingen goed overzien? Wie heeft alle relevante wetenschappelijke artikelen uit eerste hand gelezen? En wie heeft vervolgens voldoende bagage in huis om het vakjargon te begrijpen, dat in de wetenschappelijke literatuur gehanteerd wordt? En wie heeft kaas gegeten van onderzoeksopzetten en statistiek? Anders dan Doutzen Kroes meent, levert een middagje googelen op dit terrein echt geen diepe inzichten op. Wie de verkeerde vragen stelt, gaat op zoek naar de verkeerde antwoorden.

Wetenschappelijke discussies moeten beslecht worden in de wetenschappelijke arena. Helaas rommelt het ook daar soms. Zo liet Ronald Meester, hoogleraar waarschijnlijkheidsleer, onlangs zijn licht schijnen over vaccinatie en mortaliteit. Zijn artikel publiceerde hij meteen zonder het gebruikelijke peer-reviewproces, want de problematiek was zo ‘urgent’. Uitgerekend het enige gremium (de vakbroeders van Meester) dat in staat is de waarde van die wetenschappelijke publicatie inhoudelijk te kunnen beoordelen, stond zo buitenspel.

In de wetenschap is altijd controverse

Hij kreeg de geruststellende zegen van filosoof Ad Verbrugge: een artikel publiceren zonder dat vakbroeders ernaar hebben gekeken ‘gebeurt op dit moment heel veel met betrekking tot corona, omdat er een noodsituatie is’. Daarmee gooit Verbrugge wel heel erg gemakkelijk een fundamenteel aspect van wetenschappelijk onderzoek overboord. En zelfs als dit, zoals Verbrugge beweert, heel vaak voorkomt, maakt dat de zaak alleen maar erger. Een geruststelling is het zeker niet.

Het kenmerk van wetenschap is dat er altijd controverse is. Er is altijd wel een wetenschapper te vinden die een alternatieve verklaring heeft voor een bepaald verschijnsel. Dat hoort bij de dynamiek van wetenschappelijk onderzoek. Het gaat om de collectiviteit, zoals onderwijsminister Robbert Dijkgraaf terecht zegt.

Burgers moeten daarom niet afgaan op de opvatting van een individuele wetenschapper, maar op geïnstitutionaliseerde wetenschap. Die wetenschap komt voort uit kennisinstituten die al het huidige onderzoek bundelen en die daar conclusies aan verbinden. Dat levert niet per definitie de waarheid op, maar daarmee wordt het ideaal van ware kennis zo goed als mogelijk benaderd. Daar zitten ook haken en ogen aan, maar het is nog altijd beter dan blind een wiskundige te volgen die even geen boodschap heeft aan de mening van zijn hooggeleerde vakbroeders.

Lees ook:

Na de hectiek: vijf thema’s om het over te hebben (zonder virologen)

De coronacrisis heeft sluimerende problemen blootgelegd, en vaak verergerd. Zo hebben techbedrijven meer macht dan ooit en zijn we geobsedeerd door gezondheid. Hoog tijd voor een lijstje thema’s om nú over verder te denken, vindt filosoof Fleur Jongepier.

Fraude en wangedrag: de wetenschap worstelt ermee

Wetenschappelijke onzin wordt (meestal) voor publicatie onderschept. Lukt dat ook met wetenschappelijke fraude?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden