ColumnHans Goslinga

Het CDA maakt niet zijn kernwaarden, maar de boze boer en burger tot maat der dingen

Forum voor democratie ziet de samenwerking met de VVD en het CDA in Noord-Brabant als een mijlpaal voor de partij. ‘Constructief samenwerken, verbinden’, liet partijleider Baudet weten. Was dat niet gek voor iemand die CDA en VVD onlangs nog tot de linkse cultuurmarxistische hoofdstroom rekende die ‘uit is op de vernietiging van Nederland’?

Nee, het laat zien dat deze partij in de strijd om de macht het opportunisme niet schuwt en, zoals de school-Trump leert, niet maalt om consistentie. Wilders zei in 2010 bij de presentatie van het coalitie-akkoord met CDA en VVD nog eerlijk: “Ik ben niet zo van het verbinden”. Niet dat daar geen politiek venijn in zat. Met zijn brutale openhartigheid wreef hij CDA-leider Verhagen diens vergissing in met Wilders’ partij te pacteren.

In de jongste editie van ‘CD Verkenningen’, het diepgravende kwartaalblad van het CDA, zegt Verhagen, tien jaar na dato, dat hij niet aan het avontuur was begonnen, wanneer hij had geweten ‘dat de gedoogcoalitie in de praktijk als een gewone coalitie zou worden uitgelegd’. Dat was alles wat hij erover wilde zeggen. Hij blikte liever niet op deze episode terug.

Uit menselijk oogpunt wel begrijpelijk, want voor het CDA pakte de strategische fout van Verhagen rampzalig uit. Een electorale terugval naar dertien zetels en, nog veel erger, een zwaar verlies van politiek-morele geloofwaardigheid.

Links als het moet

Verhagen was niet de enige die weigerde om te zien. De hele partij heeft het aan moed ontbroken de geschiedenis te verwerken, waardoor de episode niet een leerzame ervaring is geworden, maar een open zenuw is gebleven.

Nog in 2017 omschreef toenmalig partijleider Buma het feit dat de anti-islamitische PVV feitelijk de godsdienstvrijheid wilde afschaffen als ‘een complicatie’, omdat zoiets voor het CDA ondenkbaar is. Om die reden had oud-premier Piet de Jong op het geruchtmakende CDA-congres in de Rijnhal geen moeite de aard van de politicus Wilders te doorzien: “Laat die maar alleen marcheren”.

De open zenuw veroorzaakt bij de geringste beroering emoties, maar heeft ook het uitzetten van een bestendige koers in de weg gestaan. De partij is blijven zwalken tussen de intentie de verbindende middenpartij te zijn die het was in de vorige eeuw en de verleiding mee te liften met populistisch rechts. Probleem van het eerste is dat het midden al lang niet meer het exclusieve domein is van de christen-democraten. Dat was het in de vorige eeuw, zolang VVD en PvdA elkaar uitsloten. Na de val van de Muur hebben deze partijen laten zien dat ze compromissen konden sluiten en het zonder het CDA af konden.

De partij maakt nu deel uit van een druk midden dat er, tussen luidruchtige flanken, in slaagt het landbestuur draaiende te houden. Wat is gebleven is de Nolens-reflex: alleen in uiterste noodzaak samenwerking met links. De katholieke leider deed deze uitspraak in 1918 en had toen tot doel een opening naar samenwerking met niet-christelijke partijen (in die tijd links) te maken. Later is ‘Nolens’ de sleutel geworden waarmee het CDA kabinetsformaties in ging: als het kan met rechts, als het moet met links.

Het verklaart waarom Buma in de formatie van 2017 GroenLinks buiten werkte; het verklaart ook waarom het CDA in Brabant de voorkeur geeft aan samenwerking met Forum boven een college met GroenLinks. Het CDA is als puntje bij paaltje komt geen middenpartij, maar een partij rechts van het midden, die wil concurreren met VVD, PVV en Forum. Het problematische daarvan is dat het niet zijn kernwaarden, maar de boze boer en burger tot maat der dingen maakt en daarmee, in een tijd die om brede antwoorden vraagt, zijn rol verengt tot dienaar van deelbelangen.

Machtsvacuüm

Politiek-inhoudelijk heeft het CDA verzuimd een verbindende rol te spelen in de splijtende sociale kwesties van deze eeuw: immigratie, integratie, de positie van de islam. De partij, een schoolvoorbeeld van culturele en religieuze integratie, had die kans in het eerste decennium van deze eeuw toen zij onder leiding van Balkenende de spilpositie in het krachtenveld heroverde. Oud-premier Lubbers, als katholiek geoefend in politiek bedrijven vanuit het midden, heeft daar een- en andermaal op aangedrongen, maar hij vond bij de stijfkoppige gereformeerde Balkenende geen gehoor.

Door het uitblijven van een stevige, offensieve koers heeft het CDA zichzelf tot prooi gemaakt van rivaliserende krachten, nu zelfs van de politieke tinnegieters van Forum. Het ontbreekt aan leiderschap en klaarblijkelijk aan politieke ambitie de partij weer een eigen gezicht te geven.

Het vertrek van Buma heeft een machtsvacuüm geschapen, waardoor niet meer dan 457 Brabantse CDA-leden een tweede ongeluk konden veroorzaken dat de partij in een crisis stort, juist nu de coronaplaag om sterke benen in Den Haag vraagt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden