Column

Herinneringen aan de jaren na de val van het communisme

Stevo Akkerman. Beeld Trouw

Het was nat en grijs in Praag, maandagmiddag. Ik had in stilte de namen bekeken op de wanden van de Pinkas-synagoge, 78.000 in getal. Tsjechische Joden, vermoord in de Holocaust. En toen keek ik, want zo gaat dat in het tijdperk van de smartphone, of er nog nieuws was.

Jawel. Wegens aanhoudende bedreigingen had het Westerbork-herinneringscentrum besloten de deelname aan de Nacht van de Vluchteling te schrappen. De stilte bleef nog even hangen.

Het was lang geleden dat ik de Pinkas-synagoge had bezocht; het moest in 1991 of 1992 zijn geweest, toen ik net in Praag was komen wonen. Daarna ging het gebouw een paar jaar dicht voor een renovatie, en vervolgens werd de Joodse wijk zo’n toeristisch gekkenhuis dat ik er omheen liep. Maar nu was het goed om terug te zijn en herinneringen op te halen aan die jaren na de val van het communisme.

De ontmoeting met een oude Jood die oog in oog had gestaan met Mengele. De zoektocht in Tsjechië en Slowakije naar verloren sporen; begraafplaatsen geplet door autowegen, synagoges gedegradeerd tot opslagplaatsen. De man in besneeuwd Kosice die zijn shirt openknoopte om een halsketting te laten zien, met davidster. Gekregen van zijn moeder, vlak voordat ze stierf. Na de Tweede Wereldoorlog had ze consequent gezwegen over haar afkomst, bevreesd dat de Joden weer het doelwit zouden worden, zoals onder het communisme inderdaad gebeurde. Ik had geloofd dat dit verhalen waren die verteld moesten worden en ik had mij, hoewel buitenstaander, betrokken gevoeld.

Kamp Westerbork

Maar wat had dit alles met Westerbork te maken? Niet zoveel. Of het moest zijn dat het verklaarde waarom sommige boze reacties me toch raakten, toen ik begin dit jaar schreef over het plan om de traditionele sponsorloop voor Stichting Vluchteling mede vanuit Westerbork te laten starten. Daarmee zou worden aangehaakt bij de opening van Kamp Westerbork als opvang voor Joodse vluchtelingen in 1939, nu tachtig jaar geleden. Dat leek mij een goed initiatief, maar iemand van het Nieuw Israëlietisch Weekblad vond dat ‘de afkeer’ van mijn stuk ‘afdroop’ en verweet mij ‘dode Joden te gebruiken voor mijn eigen agenda’.

Zover is het gekomen met het debat in Nederland, en nog verder. De verwensingen, scheldpartijen en doodsbedreigingen aan het adres van de directeur Dirk Mulder van Herinneringscentrum Kamp Westerbork bewijzen dat de kunst van het beschaafde meningsverschil nauwelijks meer wordt beheerst. Niemand hoeft het eens te zijn met de keuze voor Westerbork als locatie voor een activiteit rond vluchtelingen, maar dat Mulder te horen krijgt dat hij een nazi is en een Holocaust-ontkenner, dat hij de gedachtenis aan Westerbork verkwanselt en een nekschot kan krijgen, is meer dan treurig.

Ik herinner me een andere Praagse synagoge, tegenover mijn vaste tramhalte in Smichov. Die had de volgende tekst op de gevel: ‘Vrede voor hem die ver weg is en voor hem die nabij is’. Uit de agenda van een zekere Jesaja.

Drie keer per week schrijft Stevo Akkerman een column waarin hij de ‘keiharde nuance’ en het ‘onverbiddelijke enerzijds-anderzijds’ preekt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden