Column

Heel even een witte wereld

Gerbrand Bakker Beeld Olivia Ettema

Het mooie aan sneeuw in de nacht is dat je er niets van merkt en dat de wereld er bij het opstaan totaal anders uitziet. Waar een dag van tevoren nog gewoon gras was, waar groen heerste, nu alles wit is en de vogeltjes op en bij het vogelvoederstation blijer dan ooit lijken te zijn met de mezenbollen en het Streufutter. 

Deze zondag moet ik een column schrijven, morgen komt het er niet van, dan is het veel te druk met andere dingen, dingen in Nederland, waar ik aan het einde van de dag naartoe zal reizen met de trein. Ik dacht iets met kerst. Ken ik boeken waarin kerst een belangrijke rol speelt? Ja, ‘A Christmas Carol’, maar verder? Ik kan niets verzinnen. Ergens vind ik het ook niet boeiend genoeg.

Ik bedoel: ik kan er weinig mee, ik zal er geen 600 woorden over kunnen schrijven. Ik zag van de week in een aflevering van ‘Escape to the country’ de grafsteen van Ebenezer Scrooge. De presentator zat er op zijn knieën naast. Het was bizar, natuurlijk, want Ebenezer Scrooge is een literair personage en toch is de begraafplaats in Shrewsbury nu een toeristische attractie. Een filmdecorstuk uit 1984. Maar niet van karton, anders was die grafsteen allang vergaan.

Ik heb de kachel in de schrijfkamer de afgelopen week elke dag aangemaakt. Ik zat er elke dag. En ik zat hier niet zomaar wat uit het raam te staren naar de toen nog groene wereld. Ik was aan het schrijven. Over, nu ik er eens bij stilsta, een geestelijke toestand die te vergelijken is met die plotselinge en onmerkbare verandering van de wereld, van groen naar wit. Maar aan die observatie heb ik niets omdat ik me ferm heb voorgenomen om in wat ik schrijf geen enkele metafoor te gebruiken. 

Lege blikken

Tussen het schrijven en brandend houden van de houtkachels door lees en kijk ik van alles. Over de mooiste-boek-van-het-jaar-wedstrijd van de NRC. Ach, ach, ach, denk ik. Typisch NRC, zichzelf belangrijk maken. Ik lees dat Joubert Pignon de kerstborrel van Atlas Contact in een zoals gewoonlijk hilarische tekst als vreselijk beschreef en dat Gerwin van der Werf, daar ook aanwezig, dat rechtzette. Dat moet Gerwin niet doen, denk ik, Gerwin weet toch dat Joubert schrijver is? Nou dan! (Ik zat eens met Joubert in de trein, best lang, en las een beschrijving van die rit later terug. Daar klopte niets van, maar dat mag. Misschien moet het zelfs wel.) 

Ik zie drie lege blikken in ‘De slimste mens’ bij een vraag over Murat Isik. Ze hebben geen idee wie dat is. ‘Marokkaans, Algerijns!’ roept een van de deelnemers vertwijfeld. Tja, denk ik, dat is nou het belang van de literatuur in deze maatschappij. Ik lees in deze krant vele bladzijden over de beste boeken van het jaar. Iedere recensent heeft een ander rijtje van drie. Wat aantoont hoe subjectief het allemaal is, wat weer aantoont dat je je als krantenlezer niets aan zou moeten trekken van besprekingen. Op Facebook strooien allerlei collega-schrijvers kwistig en trots met ballen en sterren voor hun net uitgekomen boeken.

En toch schrijf ik ondertussen onverdroten voort. Nederig, natuurlijk. Me maar weer eens donders goed bewust van het feit dat je voor jezelf schrijft. Schrijven en verder het best je bek houden. Ik schrik aldoor op omdat de boomklevers voortdurend tegen het raam vliegen. Komt ook door de sneeuw. Afgelopen week vloog er geen enkele boomklever tegen het raam aan. Verliezen die beesten het overzicht in een witte wereld? Maar de sneeuw smelt al, morgen zal alles wel weer normaal zijn.

Gerbrand Bakker schrijft met Franca Treur om beurten een wisselcolumn over lezen, schrijven en het literaire leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden