OpinieOnderwijs

Heb oog voor het vakmanschap van de docent

De wijze waarop de leraar uitleg geeft is cruciaal. Bij het opstellen van nieuwe leerplannen wordt dat vaak vergeten, aldus Jan Riemersma, docent Maatschappijleer en Filosofie, op het Cals College Nieuwegein.

Een wild plan: het wordt tijd dat we heel Amsterdam tegen de vlakte gooien en opnieuw opbouwen. Voor de bewoners is dat goed, want het nieuwe Amsterdam zal ruim, licht en schoon zijn.

Vanzelfsprekend zijn er geen aanhangers voor dit plan.

In zeker opzicht is elke vakman te vergelijken met een stad. Als we jong zijn leren we, met vallen en opstaan, een beroep. Zo zal een leraar, tot zijn schande, ontdekken dat hij tenminste twee of drie jaar nodig heeft voordat hij in staat is om redelijk les te geven. In de jaren daarna krijgt hij pas oog voor de manier waarop je leerlingen doelgericht kunt leren lezen, denken en rekenen.

Elke docent bedenkt, in de beslotenheid van zijn lokaal, gaandeweg uiteenlopende manieren om leerlingen de stof bij te brengen. Vaak gaat het hier om zelfgesmede ‘technieken’ zoals vergelijkingen, verhaaltjes, voorbeelden, metaforen en schetsjes. Het zijn simpele, alledaagse middelen die de docent effectief gebruikt (zoals de kunstschilder kleur en toets met optimaal effect gebruikt).

Het wonder van het onderwijs is het ogenblik waarop de leerling zegt: oh, bedoelen ze dat! Dit wonder breng je niet tot stand door de opstelling van de tafels en stoelen, niet door de inrichting van het schoolgebouw, niet door de bekwaamheid van de schoolleiders en niet met een iPad, een laptop, een zwembad of een schommelstoel. Nee, het magische ogenblik waarop de leerling ineens het licht ziet wordt ingeleid door een simpele vergelijking, een goed gekozen woord, een schetsje, een opdracht, een schema, een plaatje, kortom, door een eenvoudig middel uit de gereedschapskist van de docent. De manier waarop de docent uitleg geeft is cruciaal.

Elk stapje van een som

Wie dit niet gelooft moet eens nadenken over het onderwijs dat hij vroeger genoten heeft: begreep je meer van wiskunde toen je in een mooi gebouw zat of toen de tafels en stoelen vernieuwd waren of toen er een nieuw onderwijssysteem was ingevoerd? Of wist die ene docent precies elk stapje van een som zó uit te leggen dat de oplossing vanzelfsprekend was?

Het probleem is dat dit – de manier waarop je iets uitlegt – buiten het blikveld valt van begeesterde vernieuwers. Schoolleiders, begeleiders, didactici en ministers hoor je nooit spreken over de sprankelende vergelijkingen die de leraar gebruikt, zijn woordkeus en zijn grappige voorbeelden.

Hoe zou je deze jarenlange ervaring van de docent, de vele steegjes, oude huisjes, leuke pleintjes en historische gevels in zijn geest, deze rijke binnenstad, moeten benoemen, indelen en meten? Ik denk dat alleen vakgenoten, wanneer ze bij elkaar kijken, echt oog hebben voor de kleine, fijne kunststukjes van de docent. Nogal wat mensen zijn blind voor zijn vakmanschap. Misschien omdat het effect van dit vakmanschap, de manier waarop inzichten en denkbeelden worden begrepen door de leerling, zo lastig te becijferen zijn. Begrip laat zich niet tellen.

Vakkennis is niet inwisselbaar

Wie het onderwijs helemaal wil veranderen is als iemand die het mooie Amsterdam wil platgooien en de historische binnenstad wil vervangen door rechtlijnige nieuwbouw. Hij wil het vakmanschap van de docent met wortel en al uitrukken. Zoals de binnenstad van Amsterdam niet inwisselbaar is voor die van Brugge, zo is de vakkennis van de docent Nederlands niet inwisselbaar voor die van de docent wiskunde. Toch worden in de nieuwe leerplannen vakken luchthartig tegen elkaar weggestreept.

Het resultaat van deze kaalslag is dat de docent van voren af aan zal moeten beginnen. Het zal lang duren voordat zij haar vakmanschap zal hebben gerestaureerd, terwijl dit vakmanschap onmisbaar is voor iemand die slimme, levendige kinderen iets wil leren.

Lees ook

Stop leerlingen niet in een mal, laat ze leren in hun eigen tempo

Het onderwijsbestel moet af van de normleerling en het lesprogramma inrichten op de verschillen tussen leerlingen, stelt de Taskforce Ontwikkelingsgericht Onderwijs voor. Oprichter Dolf van den Berg en vicevoorzitters Sjef Drummen en Jan Bransen schetsen hun toekomstbeeld. 

Ironisch: Onder leraren bestaat geen leercultuur

De begeleiding van beginnende leraren faalt, na drie jaar staat een kwart van de starters niet meer voor de klas. Dat is een van de ontluisterende conclusies na vijf jaar onderzoek door Michelle Helms-Lorenz (Rijksuniversiteit Groningen).

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden