Column

Grenzeloos sociaal zijn kan niet, maar D66 denkt ermee te kunnen scoren

Beeld anp

‘Denk en handel internationaal’, luidt een van de vijf ‘richtingwijzers’ van D66. De partij bezigt graag dergelijke oppervlakkige, goed klinkende slogans; men zou het ‘populisme’ kunnen noemen.

Ongetwijfeld denkt D66 daarmee te kunnen scoren bij een hoogopgeleid, zelfbenoemd ‘kosmopolitisch’ segment in de kiezersmarkt. Maar waaróm een sociaal-liberaal – D66’ers pretenderen dat te zijn – internationaal zou moeten denken en handelen, wordt nergens uitgelegd. Het logisch doordenken en onderbouwen van politieke standpunten, is aan deze club van pragmatici immers niet besteed.

D66 kiest als gezegd tevens voor de benaming ‘sociaal-liberaal’. Daar zit bij die partij niet meer achter dan dat dit lekker klinkt, en het beste van twee werelden lijkt te bieden. 

Maar van wat de sociaal-liberale substroming werkelijk inhoudt, heeft D66 geen kaas gegeten. Sociaal-liberalen gaan ervan uit, net als andere liberalen, dat het individu het uitgangspunt van het denken is. Maar zij menen dat een individu niet los van zijn omgeving kan en mag worden bezien. Een individu maakt onlosmakelijk deel uit van allerlei sociale verbanden, die hem mede vormen. Volgens sociaal-liberalen moet een individu zich kunnen ontplooien, niet alleen voor zichzelf maar tevens ten behoeve van de samenleving. Daar wordt die samenleving rijker van, en zij kan aldus weer veel teruggeven aan de individuen die er deel van uitmaken.

Natie

Zo klimmen individuen en samenleving in wisselwerking op naar een hoger ontwikkelingsniveau. De consequentie van deze maatschappijvisie is echter dat het geen willekeurige individuen zijn waaruit de samenleving is opgebouwd. Die individuen moeten iets met elkaar hebben. Zij maken deel uit van een historisch gegroeid verband. Dat verband wordt ook wel een natie genoemd.

De socioloog Leonard Hobhouse, een grondlegger van het sociaal-liberalisme, maakte al rond 1900 duidelijk dat mensen die denken dat nationalisme een ouderwetse vorm van sentimentaliteit is – zoals ze tegenwoordig bij D66 doen – er niets van hebben begrepen. Een democratie ‘die nationale verschillen en nationale rechten ontkent is het resultaat van een valse abstractie. Die berust op een mechanische kijk op de samenleving.’ De zelfbenoemde kosmopolieten vergeten, zo vervolgde Hobhouse, dat patriottisme ‘een erfgoed en een traditie is, dat loyaliteit niet slechts een zaak van wederzijds voordeel is maar ook een zaak van collectieve trots.’

Zelfs als je zoals D66’ers van het echte sociaal-liberalisme geen flauw benul hebt, en alleen maar zoiets vaags wil uitstralen als dat je een ‘sociaal’ gezicht zou hebben, moet je toch kunnen uitleggen hoe sociaal beleid te verenigen is met het irrelevant verklaren van grenzen. Ter toelichting van de ‘internationale’ richtingwijzer van D66, merkt de partij namelijk op: ‘Wij staan open voor de gehele wereld en sluiten niemand uit.’

Grenzen

Maar indien je een vorm van solidariteit voorstaat zoals die is verwezenlijkt in West-Europese verzorgingsstaten, is deze alleen houdbaar als er juist wél grenzen worden gesteld aan wie toegang tot de sociale arrangementen krijgt. Burgers zullen niet willen inschikken voor vreemdelingen met wie geen band wordt gevoeld, en die zelf geen blijk geven van enige band met de Nederlandse samenleving. Bovendien: hoe rijk wij ook zijn, we kunnen niet de hele wereld toegang geven tot onze voorzieningen. Dat zou een hele snelle route naar collectieve verarming zijn.

Het dilemma is natuurlijk precies de reden dat links in heel Europa in crisis verkeert. Het schort niet aan steun voor de verzorgingsstaat als zodanig. Maar voor het binnenhalen van vreemdelingen aan wie (vrijwel) meteen alle rechten worden toegekend die generaties van Nederlanders samen hebben opgebouwd, bestaat beduidend minder animo. Het is deze grenzeloze welkomstcultuur welke de traditionele achterban van veel linkse partijen het gevoel heeft ingegeven dat zij in eigen land tweederangs-burgers zijn geworden.

Vangnet

Op zich zouden veel burgers overigens beter af zijn indien het rondpomp-stelsel van de huidige verzorgingsstaat werd omgebouwd naar een systeem waarin ieder burger meer verantwoordelijkheid voor het eigen leven en dat van hun naasten – met wie zij een zelfgekozen band hebben – kan nemen.

Maar ook dan zullen Nederlanders het vrij algemeen wenselijk vinden dat mensen die buiten hun schuld in de problemen raken op een zekere mate van steun kunnen rekenen. Wie enig vangnet wil behouden, ontkomt er niet aan de toegang tot de sociale voorzieningen fors te beperken en er letterlijk scherpe grenzen aan te stellen. Partijen die denken dat ‘de gehele wereld’ binnen moet kunnen komen en ‘rechten’ opeisen, ondermijnen zowel onze samenleving als haar sociale stelsel.

Patrick van Schie is historicus en directeur van de TeldersStichting, de liberale denktank van Nederland gelieerd aan de VVD. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel. Wilt u meer lezen van Patrick van Schie? In dit dossier verzamelen wij alle artikelen.

Lees ook:

D66 regeert weer en opnieuw doet het pijn

Veel plezier heeft D66 nog niet beleefd aan regeren. De partij heeft het lastiger dan de andere drie regeringspartijen. D66-leider Alexander Pechtolds strategie: de bittere pil van sommige compromissen zo snel mogelijk doorslikken.

Deze moslims voelen zich prima thuis bij het progressieve D66

In de grote steden stonden heel wat D66'ers van islamitische huize op de kandidatenlijsten bij de gemeenteraadsverkiezingen. Hoe rijmen zij de progressieve idealen met hun religieuze overtuigingen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden